Alblasserwaard
Vijfheerenlanden
Drechtsteden
Hoeksche
Waard
IJsselmonde
Achtergronden
Sport
Column
Lezersreacties
Colofon
Links
Archief regionieuws:
Febr. 2004
Maart 2004
April 2004
Mei 2004
Juni 2004
Juli 2004
Aug. 2004
Sept. 2004
Okt. 2004
Nov. 2004
Dec. 2004
Jan. 2005
Febr. 2005
Maart 2005
April 2005
Mei 2005
Juni 2005
Juli 2005
Aug. 2005
Sept. 2005
Okt. 2005
Nov. 2005
Dec. 2005
Jan. 2006
Febr. 2006
Maart 2006
April 2006
Mei 2006
Juni 2006
Juli 2006
Augustus 2006
September 2006
Archief regiosport:
Febr. 2004
Maart 2004
April 2004
Mei 2004
Juni 2004
Juli 2004
Aug. 2004
Sept. 2004
Okt. 2004
Nov. 2004
Dec. 2004
Jan. 2005
Febr. 2005
Maart 2005
April 2005
Mei 2005
Juni 2005
Juli 2005
Aug. 2005
Sept. 2005
Okt. 2005
Nov. 2005
Dec. 2005
Jan. 2006
Febr. 2006
Maart 2006
April 2006
Mei 2006
Juni 2006
Juli 2006
Augustus 2006
September 2006
Terug naar homepage


Goedkope
Hypotheek?
Goedkope
Lening?
|
|
Vuurwerk
bij
Welkoop
Giessenburg
GIESSENBURG
- Nog
een paar
weken en
er gaat
weer
voor
zo'n 50
miljoen
euro aan
vuurwerk
de lucht
in.
Boerenbond
- en
Welkoopwinkels
zijn de
grootste
vuurwerkverkopers
van
Nederland.
Met een
oorverdovend
geknetter
en een
inferno
aan vuur
knalt de
Desert
Storm
het
zwerk
in.
Virtueel
dan, op
internet
op de
site van
Next-Generation.nl.
Want in
het
echt,
dat mag
pas over
drie
weken.
Via die
website
kunnen
klanten
van
Boerenbond-
en
Welkoopwinkels
alvast
hun
vuurwerk
bestellen.
"Ik had
net nog
bedrijfsleiders
aan de
lijn die
de
eerste
bestellingen
van
gemiddeld
tweehonderd
euro al
binnen
hadden",
zegt Jos
van de
Ven van
Agri
Retail
uit Ede.
"Maar
dat zegt
niet
zoveel,
want er
zijn ook
genoeg
klanten
die voor
vijf of
zes euro
kopen."
Agri
Retail
in Ede
exploiteert
225
winkels
van
Boerenbond
en
Welkoop
in
Nederland.
Daarvan
verkopen
een
kleine
140
vuurwerk.
Met
700.000
kilo is
Boerenbond/Welkoop
de
grootste
vuurwerkverkoper
van
Nederland.
Het is
ook een
klantentrekker
van
jewelste.
Het
bedrijf
warmt
potentiële
kopers
vast op
met
vuurwerkshows
her en
der in
het
land.
Maandag
is
Vorden
aan de
beurt.
"We
waren
deze
week in
Eindhoven.
Vijftienhonderd
man
publiek",
zegt
Frank
Janssen.
"Dat
doen we
samen
met
discjockeys
van
Radio
538 waar
onze
spotjes
ook te
beluisteren
zijn.
Want dat
is onze
doelgroep,
van 16
tot 35
jaar."
Vuurwerk
is niet
bij alle
Boerenbond-
en
Welkoopwinkels
te koop.
Jos van
de Ven
legt uit
waarom.
"Wij
kijken
naar het
aantal
inwoners,
naar het
aantal
zaken in
die
plaats
waar ook
vuurwerk
wordt
verkocht
en naar
de
investeringen
die je
moet
doen."
Met
meerdere
concurrenten
in één
plaats
betekent
het dat
de
spoeling
dun
wordt en
de
investering
niet
rendabel
is. Agri
Retail
is dezer
dagen
volop
bezig de
bewaarplaatsen
vol te
stouwen
met
vuurwerk
dat
aangeleverd
wordt
door de
groothandel.
Van de
Ven:
"Bevoorraden
kan pas
als aan
een
groot
aantal
wettelijke
regels
is
voldaan.
Elke
bewaarplaats
in
Nederland
moet elk
jaar
worden
gekeurd.
De
installateur
moet
controleren
of de
sprinklerinstallaties
werken,
of de
watervoorziening
via
waterleiding
deugt,
de pomp
of tank
functioneert
en
vorstvrij
is. En
of er
noodstroom
voorhanden
is voor
de
brandmeldcentrale.
En dat
is nog
lang
niet
alles.
Dan komt
er nog
een
inspecteur
van een
inspectiebureau
die zegt
of de
boel in
orde is
of niet.
Zo'n
inspectie
vergt
minimaal
anderhalf
uur. En
dan heb
je het
over een
ruimte
van
vijftien
tot
vijfentwintig
vierkante
meter".
Het
blijft
niet bij
de
jaarlijkse
inspectie;
de
waterpompen
moeten
elke
week,
ook
hartje
zomer,
draaien
en dat
moet in
een
logboek
worden
bijgehouden.
Elke
maand
moeten
de
brandmelders
en
sirenes
in het
pand
getest
worden.
Sinds de
vuurwerkramp
in
Enschede
in 2000,
is er
een
lawine
van
regels
en
voorschriften
opgesteld
voor de
vuurwerkbranche.
Van de
Ven is
er dit
jaar
tachtig
procent
van zijn
werktijd
mee
bezig
geweest.
Zijn
kennis
over de
opslag
overstijgt
die van
menig
ambtenaar.
"We
hebben
een
vermogen
geïnvesteerd
in al
die
bewaarplaatsen",
zegt
hij. "Of
er dan
nog iets
te
verdienen
valt?
Natuurlijk,
anders
hadden
we het
niet
gedaan."
Het
vervoer
van
vuurwerk
van en
naar de
bewaarplaats
is
allesbehalve
routine.
"De
hoeveelheid
vuurwerk
die je
mag
vervoeren
hangt af
van de
grootte
van de
vrachtwagen
en de
hoeveelheid
kruit in
het
vuurwerk.
Voor
sommige
wegen
moet je
ook een
vervoersvergunning
hebben.
De
chauffeur
van een
'vuurwerkauto'
moet een
schriftelijke
en
mondelinge
instructie
krijgen
hoe hij
met die
stoffen
moet
omgaan
en hoe
hij moet
handelen
bij
calamiteiten.
De
mensen
in onze
winkels
die met
vuurwerk
omgaan
moeten
er ook
voor
opgeleid
zijn".
Voor het
vervoer
van het
overtollig
vuurwerk
gelden
uiteraard
dezelfde
eisen.
Van de
Ven:
"Vergis
je daar
niet in,
die
retourstroom
kan
behoorlijk
groot
zijn.
Het is
moeilijk
om de
verkoop
goed in
te
schatten.
Het kan
wel tot
in maart
duren
voordat
alles
weer
terug
is".
Welkoop
en
Boerenbond
verkopen
minder
dan de
helft
van het
vuurwerk
via
internet.
Klanten
krijgen
een
vaste
datum en
tijdwaarop
ze
straks
het
vuurwerk
kunnen
ophalen.
Frank
Janssen:
"Daarmee
voorkom
je dat
er grote
rijen
wachtenden
ontstaan.
En
bovendien
mag je
van de
wet niet
meer dan
een
bepaald
aantal
mensen
tegelijkertijd
in je
winkel
hebben."
Vrouwen
zijn er
nauwelijks
te
vinden
onder de
vuurwerverkopers.
Al heten
de
klappers
of
pijlen
Toffe
Lola, of
Mamma
Mia, het
blijven
toys for
the
boys.
"Het is
een
mannenbusiness",
beaamt
Van de
Ven.
Welkoop
Giessenburg
vindt u
aan de
Peursumseweg
25a.
Toespraak
10 jaar
burgemeester
Noordergraaf
HARDINXVELD-GIESSENDAM
-
Mijnheer
de
voorzitter,
het is
om een
bijzondere
reden
dat ik
vanavond,
als
nestor
van de
gemeenteraad
en
namens
die
raad,
het
woord
tot u
persoonlijk
wil
richten.
Hierbij heet
ik ook van harte welkom uw vrouw en
kinderen. De bijzondere reden ligt in het
gedenkwaardige feit dat u precies tien jaar
geleden in een bijzondere raadsvergadering
op vrijdag 17 november 1995 als burgemeester
van onze gemeente bent geïnstalleerd. In
tegenstelling tot het moment waar we nu
zitten, zaten we tien jaar geleden ’s avonds
met onze evt. partners in restaurant
Kampanje om onder het genot van een maaltijd
op een meer informele manier met u en uw
vrouw kennis te maken. Uw installatie had
namelijk in de middag plaatsgevonden. Het
jaar 1995 is in meerdere opzichten een
gedenkwaardig jaar voor de gemeente
Hardinxveld-Giessendam. Het jaar begon met
de zeer ingrijpende evacuatie van een deel
van de bevolking in de periode eind
januari/begin februari als gevolg van een
dreigende overstroming. Gelukkig kwam het
niet tot een daadwerkelijke ramp. De
ingrijpende maatregelen tijdens deze
dreiging, maar ook de plannen daarna tot de
dijkversterking, vergde de nodige
bestuurlijke inspanningen. Daar kwam echter
bíj, dat we reeds in het voorjaar vernamen
dat onze toen zittende burgemeester, de heer
B. van Wouwe, voorgedragen was tot
burgemeester van de gemeente Katwijk en wel
per 16 mei 1995. Dat betekende dat er een
vertrouwenscommissie benoemd moest worden en
een profielschets gemaakt voor de benoeming
van een nieuwe burgemeester. Vier van de
vijf leden, die deel uitmaakten van de
vertrouwenscommissie, maken nog steeds deel
uit van het bestuur van deze gemeente, te
weten: de heren van Houwelingen, Huisman,
Sluimer de De Vos. Alleen haar voorzitter,
de heer De Keizer, maakt thans geen deel
meer uit van het gemeentelijk bestuur. Nadat
de vertrouwenscommissie op 15 juli de namen
van de Commissaris van de Koningin, toen nog
mevr. Leemhuis-Stout, had ontvangen, is met
het horen van de kandidaten na de
zomervakantie op 21 augustus begonnen. Reeds
na negen dagen had de commissie haar advies
rond en het is dan ook op 30 augustus aan de
CdK overhandigd. Uiteraard kan ik over het
advies zelf geen nadere mededelingen doen.
Had de commissie haar feitelijke werk in
zeer korte tijd volbracht; het duurde en het
duurde maar ........... voor er eindelijk
via minister Dijkstal van Binnenlandse Zaken
bericht uit Den Haag kwam. En zelfs dat ging
nog niet zoals het hoorde, want de pers kwam
1 dag voor het feitelijke koninklijke
besluit reeds op de hoogte van deze
benoeming, zodat de officiële berichtgeving
toen ook maar werd gedaan. Het nieuws
bereikte ons op 1 november 1995. Er waren
dus inmiddels 2 maanden verstreken, nadat
het advies was overhandigd. Officieel luidde
het nieuws als volgt: Bij koninklijk besluit
van 2 november 1995, is m.i.v. 16 november
1995 benoemd tot burgemeester van de
gemeente Hardinxveld-Giessendam: de heer A.
Noordergraaf. De heer Noordergraaf (45 jaar)
is lid van de SGP. Hij is adjunct-directeur
van een scholengemeenschap en oud-wethouder
van Barendrecht. Het moet u een genoegen
zijn, burgemeester, dat de gemeenteraad van
uw voormalige gemeente begin dit jaar
unaniem een burgemeester koos van SGP-huize.
Na het nieuwsfeit kwam in bestuurlijk
Hardinxveld-Giessendam, zoals bij dergelijke
benoemingen gebruikelijk is, alles in een
stroomversnelling. Reeds twee weken daarna
vond namelijk uw installatie in deze
raadszaal plaats. De heer J. Haeser, die
inmiddels een half jaar als
loco-burgemeester fungeerde, mocht u welkom
heten en u de ambtsketen om hangen. Uit uw
toespraak van destijds wil ik slechts 1
citaat voor het voetlicht halen, omdat dat
naar mijn mening uw positie nog steeds
kenmerkt. Ik citeer: “U krijgt vandaag
een nieuwe burgemeester die niet volmaakt
is, maar wel streeft naar bepaalde idealen.
Het gaat daarbij o.a. om de kwaliteit in het
bestuurlijk bezig zijn. Daarbij zullen eisen
gesteld worden aan mensen die deel uitmaken
van het openbaar bestuur. Voor mij zijn
daarbij de kernwoorden inzet, kwaliteit en
integriteit van belang, waarbij aan alle
drie in evenwicht het juiste gewicht moet
worden toegekend”. Burgemeester: in de
achterliggende tien jaren is er veel
veranderd, qua aanzien van de gemeente en
qua bestuur. Als ik alles de revue moet
laten passeren, denk ik dat u terecht
bedenkelijk naar de klok zult kijken, dus
dat ga ik niet doen. U heeft diverse
wisselingen in het college meegemaakt, al
dan niet door toedoen van de politiek. Die
wethouders, die deel uitmaakten van het
college toen u aantrad, maken daar nu geen
deel meer van uit. Ook tussentijds heeft u
nog met enkele wethouders samengewerkt, die
thans niet meer in het college zitten.
Steeds heeft u er echter blijk van gegeven
samen te kunnen werken met mensen met
verschillende achtergronden en ik geloof
zeker namens de gehele raad te spreken als
ik zeg, dat u daadwerkelijk blijkt geeft van
het staan tussen de partijen. Natuurlijk
legt u bepaalde accenten. Maar wel met het
doel er te zijn voor de gehele bevolking.
Een burgemeester verkeert in zeker opzicht
in een glazen kooi. Hij wordt aan alle
kanten bekeken en beoordeeld. Voor de een
doet hij het goed en voor een ander fout.
Wat de raadsvergaderingen betreft wilt u in
ieder geval graag alle kikkers in de
kruiwagen houden, die soms maar al te zeer
geneigd zijn daaruit te springen. Het is
soms best wel eens noodzakelijk de discussie
in de raad procedureel te sturen. Het
houden van een “bezinnend” woord aan het
einde van bepaalde vergaderingen is een
goede zaak. Wij zijn wij er van overtuigd
dat u wil besturen met de juiste intenties.
Naar beste weten en naar eed en plicht.
Natuurlijk niet zonder fouten, zoals u het
zelf bij uw installatie al aangaf, maar met
de dure roeping het beste te zoeken voor uw
burgers.
Wij
feliciteren u van harte
met uw tienjarig jubileum en betrekken
daarin ook uw vrouw en kinderen. Na deze
raadsvergadering bestaat voor een ieder de
gelegenheid u te feliciteren met uw jubileum
onder het genot van een drankje. De God
aller genade geve u de kracht, de
gezondheid, die u tot heden in hoge mate
geschonken is, en de wijsheid om uw ambt
onder Zijn zegen ook voor de toekomst te
mogen vervullen. Bij een jubileum als deze,
burgemeester, behoort een cadeau. U weet dat
de raad een zgn. commissie Lief&Leed kent en
die heeft zich dan ook beijverd iets uit te
zoeken en namens die commissie zal de heer
Sluimer u nu, als blijk van waardering, een
attentie overhandigen. Misschien wil mevrouw
Noordergraaf ook even hier komen om een
bloemstuk in ontvangst te nemen.
Dank u
wel.
Jan de Vos,
nestor gemeenteraad H'veld-G'dam
Het roer
moet om!
Hardinxveld-Giessendam
verdient
een
betere
toekomst.
Voorzitter,
de begroting 2006 ligt voor. Het is een jaar
geleden dat dit gemeentehuis tot de nok toe
was gevuld met bezorgde burgers. Mensen die
het onbehoorlijk vonden hoe dit
gemeentebestuur de lasten voor de OZB en
allerlei tarieven verhoogde en tegelijk het
gemeentehuis voor vele euro’s verbouwt en
nieuwe vloerbedekking aanlegt. Wij stemden
tegen die begroting. Wij waren het met hen
eens en zij met ons. We liepen af en aan
naar de interruptiemicrofoon met
amendementen en moties en fractiegenoot Van
den Bout puzzelde een alternatieve begroting
in elkaar. Maar de coalitiefracties SGP, CU
en VVD waren vastbesloten om op de
ingeslagen weg verder te gaan. Moe en
teleurgesteld togen wij rond half drie
snachts naar huis. De OZB 60% verhoogd,
tarieven gestegen, lasten verwaard,
voorzieningen verminderd. Wat heeft het ons
opgeleverd en hoe gaan we nu een jaar later
verder?
Voorzitter,
wij zijn ontevreden, nog steeds. Dit college
is er een van boekhouders. Rekenmeesters die
net zo lang doorpuzzelen tot de begroting
sluitend is. We zien te weinig visie. Als
subsidies worden geschrapt moet de
vereniging, de SKEW, de IGO het zelf maar
uitzoeken. Als belastingen verder
opgeschroefd moeten worden dan moet de
burger maar niet zo zeuren, want we zitten
nog steeds op het landelijk gemiddelde. Als
de bouw van een sporthal langer uitgesteld
moet worden, dan zoeken de scholen en
verenigingen maar elders onderdak. Als het
onderhoud aan wegen, riolen en sloten
tekortschiet dan grijpen we pas in als het
water tot aan de lippen staat. Als regionale
samenwerking geld kost dan schermen we ons
verder af door te doen alsof we de regio
niet nodig hebben. Als de jeugd, die in de
weekenden en avonden niet in het Hervormd
Centrum of bij de sportvereniging zit, over
straat loopt dan doen we net alsof daar geen
probleem bestaat. Als het Rijk een groot
deel van de ouderenzorg en maatschappelijke
dienstverlening naar ons doorschuift, maar
er niet voldoende geld bij geeft, wijzen we
dan naar Den Haag en moeten de zwakkeren in
onze gemeente het voorlopig maar uitzoeken?
Als het betekent dat dit gemeentebestuur
alsmaar geen inspirerende visie op de
toekomst van onze gemeente kan neerzetten
dan suggereert de burgemeester gewoon
herindeling.
Voorzitter,
boekhoudersmentaliteit staat ons tegen en
getuigt van weinig gevoel van wat de
Hardinxveld-Giessendammer van ons verwacht.
Den Haag heeft VVD-boekhouder Zalm,
Hardinxveld-Giessendam heeft VVD-boekhouder
Huisman. Het bestuur zit onder het juk van
rekenmeesters. De PvdA fractie wil daar niet
aan meedoen. Waarom pleiten voor herindeling
als er zoveel moois van ons eigen dorp te
maken is? Waarom een koele reactie op de
wateroverlast als burgers betrokkenheid
vragen? Waarom een negatieve houding
tegenover diegenen die het de moeite waard
vinden om het 50jarig jubileum van de
gemeente te vieren? Waarom niet serieuzer
het onderhoud en de verwaarlozing van de
leefomgeving te lijf gaan? Waarom niet
creatiever samenwerken met zorginstellingen,
artsen en vrijwilligers? Waarom bij alles de
bestuurlijke reactie geven dat we geen geld
hebben en dat daarom overleg nauwelijks zin
heeft? Wij noemen dat geen bestuurlijke
kracht, maar bestuurlijke kramp. Beleid is
pas financieel sterk als het ook sociaal
sterk is. Pas dan kun je uit de kramp komen.
Hebben we
met de begroting de boel op orde, kunnen we
de toekomst aan?
Wij zien drie hoofdproblemen.
Probleem
1. Een visie op de toekomst van
Hardinxveld-Giessendam ontbreekt.
Wij willen
allereerst de burgemeester aanspreken op de
suggestie die hij in de media heeft gewekt
over gemeentelijke herindeling. Hoe heeft u
uw uitspraken bedoeld? Hoe ziet uw visie op
de toekomst van ons dorp eruit? Zijn wij
niet in staat om ons dorp goed te besturen?
Hoeveel investeringen moeten we nog doen in
het licht van de begroting als u pleit voor
herindeling? Verbouwen wij eerst voor veel
geld ons gemeentehuis om het daarna te
sluiten? Bovenal: vanuit welke rol heeft u
uw uitspraken gedaan? Als voorzitter van het
college? Wat is dan de lijn van het college?
Als voorzitter van de Raad? Hebben wij dan
iets gemist? De PvdA vraagt een heldere
uitspraak van zowel het college als de
fracties in deze gemeenteraad. Vindt u dat
deze gemeente in staat is zich zelfstandig
te besturen? Voor de PvdA leidt dat geen
twijfel, dan is wel een sterke visie op ons
dorp in de regio nodig. Wij vinden dat deze
ontbreekt.
Probleem
2. Dit college rekent zich rijk.
Terwijl de
begroting bijna sluitend gerekend is blijven
er tal van uitgaven over waarvan je je kunt
afvragen of ze niet veel hoger uitpakken.
Vijf pijnpunten:
Pijnpunt 1: Collectief Vraagafhankelijk
Vervoer.
Voor ons is erg belangrijk dat HG bereikbaar
blijft via openbaar vervoer. Via het CVV is
er toch vervoer op maat. Er wordt veelvuldig
gebruik van gemaakt, maar wat is de
verwachting van het college hierbij? Hoe
ontwikkelen de uitgaven zich en hoe
realistisch is de begroting op dit punt? Wat
zijn de consequenties als het niet
toereikend is? Hoe voorkomen we dat, zeker
als de light rail er niet zou komen, dat het
CVV aan het eigen succes ten onder gaat ten
koste van de bereikbaarheid van ons dorp?
Pijnpunt 2: Zorg en maatschappelijke
dienstverlening
De gemeente wordt via de Wet
Maatschappelijke Ondersteuning (WMO)
verantwoordelijk voor onder meer
huishoudelijke hulp, welzijn en
gehandicaptenzorg. Het vervelende is dat de
nieuwe wet er nog niet is. Zeker is wel dat
de nieuwe taken eraan komen en dat de eerste
jaren daarvoor gelden komen via het
Gemeentefonds. Het is niet ondenkbaar dat in
een vergrijzende gemeente als de onze de
behoefte aan zorg echter groter wordt. Hoe
realistisch is in dat licht onze begroting?
En wat betekenen persoonsgebonden budgetten
en eigen betalingen voor de
gemeentebegroting en voor de lasten van
burgers? Wat doen wij als de uitgaven
stijgen? Zijn we opnieuw de boekhouder,
maken we de begroting sluitend en verwijzen
we onze burgers naar Den Haag? Is de raad
bereid een voorziening of reserve voor
onvoorziene uitgaven te creëren? De zorg
voor onze ouderen en zieken moet toch
bovenaan het lijstje staan?
Ten aanzien
van de uitvoering waarderen wij dat de
wethouder regionaal naar oplossingen zoekt,
maar vergeet hij niet iets teveel de mensen
die in onze eigen gemeente al wat langer dan
hij hier woonde actief zijn? Ons is gebleken
dat zorgaanbieders, cliëntenorganisaties,
huisartsen, woningstichting en onze burgers
zich veel zorgen maken. Bedenken gemeente en
regio in de ivoren torens hoe de zorg
georganiseerd moet worden? Waarom niet veel
eerder met de mensen uit de lokale praktijk
in overleg? De PvdA vindt dat zij moeten
meepraten over wat kwaliteit is en hoe een
zorgloket opgezet moet worden. Zij weten hoe
belangrijk het praatje van de huishoudelijke
hulp is, en dat je iemand van je eigen
identiteit om je heen hebt als je ziek bent.
Dat moét gevolgen hebben voor de wijze
waarop de gemeente zorg gaat aanbesteden en
inkopen. Het fiasco met het
leerlingenvervoer heeft dat geleerd. Er
komen nu drie werkgroepen met verschillende
groepen belanghebbenden, bovenop allerlei
bestaande projectgroepen. Waarom niet een
werkgroep met alle partijen erin? Gaat het
niet om samenwerken? Wat wil de gemeente met
die aparte werkgroepen bereiken en hoe
voorkomen een te uitgebreid vergadercircuit?
Pijnpunt
3: Gemeentelijk loket voor sociaal beleid
Wij lezen in
de begroting dat de IGO daar een succesvolle
rol bij speelt. De bezuiniging op de IGO (en
ook op Rivas) bevreemdt ons dan. Hoe kijkt
het college aan tegen de rol en status van
de IGO? Waarom, als het volgens het college
om belangrijke gemeentelijke taken gaat,
wordt er een bedrag van 40 duizend euro
bezuinigd op het moment dat meer inzet bij
alle taken nodig is? Hoe verantwoord is deze
bezuiniging en welke consequenties heeft het
voor de uitvoering van het gemeentelijk
beleid? Bovendien, levert het echt
bezuiniging op als personeel op wachtgeld
komt te staan? Dat laatste lijkt ons
onwenselijk.
Pijnpunt
4: Jeugdbeleid
Bij de SKEW
speelt hetzelfde. Is het niet wat raar om te
bezuinigen op iets waar je zelf om vraagt?
Wat gaat dat bovendien aan wachtgeld kosten
en welke gevolgen heeft het voor de
uitvoering van gemeentelijk beleid? Dit is
typerend voor het failliet van ons
jeugdbeleid. Nadat vorig jaar belangrijke
onderdelen waren geschrapt – van
jeugdgemeenteraad tot subsidies en avonden
in de Ducdalf – zien we nu dat veel zaken
worden uitgesteld of naar scholen en de zorg
worden doorgeschoven. We maken ons nog druk
om diegenen die onderwijsachterstanden
hebben en zich op straat niet gedragen. Ze
moeten het maar bij verenigingen zoeken, die
we overigens ook korten. Maar wat met alle
jongeren die dat niet doen? Wat met de
uitgaansgelegenheid in ons dorp? Is het niet
tijd voor een meerkroegenbeleid en ruimere
openingstijden voor Dukdalf en
Huijbjesburcht? De PvdA vindt dat het ook
voor jongeren leuk mag zijn om hier te
wonen. Hoe creatief kun je zijn in
samenwerking met horeca en bedrijfsleven?
Daar is tie weer…. het vraagt om overleg en
goede wil, om besef dat de jeugd de toekomst
heeft. Die visie ontbreekt nu.
Als het gaat om sportaccomodaties dan moet
er nu eens iets gebeuren. We hebben dat
allemaal al vaker gezegd, maar steeds
stapelen de onderzoeken zich op elkaar en
eindigen we in niets doen. Begin met een
sportvoorziening in de westwijk en laat
ruimte om die later eventueel uit te bouwen
tot een grotere voorziening met tribunes en
foyer, maar zit niet stil. Juist omdat we
ook de scholen en sportverenigingen serieus
moeten nemen is het van belang nu de eerste
stap te zetten. Kan het college bevestigen
dat dit gaat gebeuren, op welke termijn en
dat de besluitvorming over de verdere
accomodaties daarna volgens het met ons
afgestemde stappenplan zal plaatsvinden?
Pijnpunt
5: de lokale belastingen en tarieven
De OZB. Je
zou bijna zeggen: “Die kunnen we gelukkig
niet veel meer verhogen. Dat is een hele
rust, voor ons, maar vooral voor de burger”.
De onbehoorlijke manier waarop Den Haag de
gemeenten hun beleidsruimte afpakt is
weliswaar schandalig, maar onze boosheid
over de verhogingen in onze gemeente is niet
weg. We worden tenminste door de afschaffing
van het gebruikersdeel OZB gedwongen om niet
ongebreideld te verhogen. We moeten
scherper aanbesteden, meer samenwerken,
beter communiceren en efficiënter werken.
Daar valt veel te doen.
Speciale
aandacht vragen we nog voor de
grafrechten. Kan het college ons nog
eens nader toelichten hoe de verhogingen op
dat punt ontstaan? Die zijn toch wel heel
flink. Het kan toch niet zo zijn dat winst
gemaakt wordt op de dood… We willen graag
een verklaring hoe dit zit en de garantie
dat deze tarieven nooit meer dan
kostendekkend zijn.
Kortom,
rekenen we onszelf rijk met deze begroting?
Een ding is duidelijk: met een
rekenmeestersmentaliteit komen we er niet.
We moeten beter inschatten wat ons te
wachten staat en bepalen welk
voorzieningenniveau wij willen voor onze
burgers. De visie daarop ontbreekt en wij
hebben aangegeven op welke punten wij beter
doordacht beleid wensen.
Probleem 3. Tekortschietende communicatie
en falend dualisme.
Doen we het goed? Is de raad namens de
burger in staat om BenW goed te controleren,
zodat gebeurt wat we kiezers beloven? Te
weinig, vinden wij. Wijkavonden organiseren.
Interactief beleid maken. Spreekrecht. Goede
voorlichting en communicatie. De burger
serieus nemen. Overleg met belanghebbenden.
De luiken open, transparant bestuur. Wat
stelt het nog voor als je als
gemeentebestuur het communicatie- en
voorlichtingsbudget voor een belangrijk deel
wegbezuinigt. We kunnen net onze verplichte
advertenties over bouwvergunningen en
aankondigingen plaatsen. Er is dus geen geld
voor al die andere zaken. Wij willen van dit
college weten of zij hiermee de taken, en de
verwachtingen die wij hebben, waar kan
maken. Dat geldt ook voor het reageren op
klachten, brieven en mails over bijvoorbeeld
onderhoud en de verwaarlozing van de
openbare ruimte, zoals bij de keten aan de
dijk in Boven Hardinxveld. Wij willen van de
gemeenteraad weten hoe serieus ze het
contact met de burger neemt als er
nauwelijks communicatiebudget is en of daar
niet meer nodig is. Bovenal blijft het ons
een doorn in het oog dat de burger niet op
elk gewenst agendapunt mag inspreken en dat
er in de raadszaal geen microfoons op tafel
staan. Wij menen dat het op al deze punten
de burger lastig gemaakt wordt mee te praten
en de raad moeilijk gemaakt wordt het werk
effectief te doen. Dat was niet de bedoeling
van het dualisme, het gaat dus niet goed.
Het roer
moet om! Hardinxveld-Giessendam verdient een
betere toekomst.
Ik begon met de rekenmeestermentaliteit die
de begroting tot stand heeft gebracht. Er
zit geen gevoel in. Waar is de
betrokkenheid? De visie op de toekomst van
HG? Bestaan we over een paar jaar nog? De
begroting hoort over die toekomst te gaan.
Het raadsprogram is uitgekleed en tot een
ambtelijke rekenexcercitie gemaakt over
beleidsnota’s. De toekomst van ons dorp
bestaat niet uit beleidsnota’s! ‘In dat
soort gelul kun je niet wonen’, stelde mijn
overleden partijgenoot Schaeffer ooit. Het
moet gaan over mensen en hun zorgen. Het
lijkt erop dat dit college en de partijen
die het steunen zich vooral bekommeren over
de vraag of de cijfertjes kloppen. U past op
de tent, dat is alles, en zelfs dat gaat u
slecht af! Gelukkig komen er verkiezingen,
eindelijk is de burger weer echt aan het
woord. Wij rekenen erop dat burgers kiezen
voor een visie op ons dorp als een plaats
waar het prettig wonen is, waar gezorgd
wordt voor jong en oud, waar verwaarlozing
van de openbare ruimte effectief aangepakt
wordt, waar uitgaan en sport geen vieze
woorden zijn, waar je kunt rekenen op je
gemeente en trots zegt: ik ben
Hardinxveld-Giessendammer!
Partij van de
Arbeid
3 november
2005
‘Gemeente
op weg
naar
betere
tijden'
ALBLASSERDAM
/
DRECHTSTEDEN
- De
gemeente
Alblasserdam
is op
weg naar
betere
tijden.
Het
onderstaande
is een
vervolg
van het
artikel
op de
pagina
Drechtsteden
'Rapport
bestuurskrachtmeting
op
agenda'.
De
bestuurskrachtmeting in de Drechtsteden
vindt plaats op verzoek van de provincie
Zuid-Holland en is uitgevoerd door Bureau
Berenschot. In mei 2005 is gestart met het
onderzoek in zes van de zeven
Drechtstedengemeenten: Alblasserdam,
Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht,
Sliedrecht en Zwijndrecht. Onderling
vergelijken van de bestuurskracht is niet
mogelijk, vanwege de verschillende
(maatschappelijke) opgaven die iedere
gemeente heeft. Door het onderzoeken van
documenten en het houden van interviews met
bestuurders, medewerkers en
vertegenwoordigers van maatschappelijke
organisaties wordt een beeld gevormd van de
bestuurskracht van iedere gemeente. De
gemeente wordt beoordeeld op vier rollen:
als bestuur, als dienstverlener, als
organisatie en als participant. De gemeente
Alblasserdam heeft in vergelijking met
andere gemeenten van dezelfde grootte veel
grote onderwerpen die de aandacht en
inspanning van politici, bestuurders en
medewerkers vragen. Voorbeelden hiervan zijn
grote herstructureringsprojecten zoals
Drentse Buurt en Oude Buurt en
(her)ontwikkeling van bedrijventerreinen
zoals Nieuwland, Haven-Zuid en Verolme.
Daarnaast heeft Alblasserdam een noodzaak
tot bezuinigen. In de komende jaren moet per
jaar 1 miljoen euro worden bezuinigd. Raad
en college zijn het er over eens dat er geen
lastenverzwaring voor inwoners plaatsvindt.
Inmiddels heeft het college voor 2006 een
flink pakket aan bezuinigingsmaatregelen en
ombuigingen getroffen om de begroting
sluitend te kunnen presenteren. De begroting
wordt gepresenteerd met een klein voordelig
resultaat. De gemeentelijke heffingen
stijgen met ongeveer 2%, maar door de
afschaffing van het OZB-gebruikersgedeelte
dalen de lasten fors. Sinds mei 2005 is de
organisatie van de gemeente omgebouwd van
een sectorenmodel naar een directiemodel
waarbij de gemeentesecretaris en de
afdelingshoofden de directe schakel vormen
tussen medewerkers en bestuur en waardoor
sturing en structurering wordt verbeterd.
Ook de verscheidenheid in bestuursstijlen
binnen het college kan hierdoor worden
gestroomlijnd. De gemeenteraad functioneert
naar behoren. De raad stelt zich
onafhankelijk en initiatiefrijk op. Ook is
er een gezonde relatie tussen raad en
college: levendig, kritisch en soms
onvoorspelbaar. Inmiddels is ook een nieuwe
gemeentesecretaris benoemd die per 1 januari
2006 aan de slag gaat. Omdat deze
verbeteringen niet in de meting zijn
meegenomen, scoort de gemeente Alblasserdam
matig als het gaat om de rol van de gemeente
als bestuur en als organisatie. Positief
punt voor de gemeente is dat inwoners op
vele manieren worden betrokken bij de
beleidsvorming. Het meest recente voorbeeld
hiervan is het interactieve proces rondom
het opstellen van de ruimtelijke
toekomstvisie voor Alblasserdam, op
initiatief van de gemeenteraad. Ook heeft de
gemeente een vaste aanpak voor
bewonersparticipatie bij reconstructie van
wegen en leefomgeving. Alblasserdam probeert
daarbij zijn schaal optimaal te gebruiken:
klein genoeg om de menselijke maat te houden
en groot genoeg om de ambities waar te
maken. Alblasserdam kent een redelijk
compleet voorzieningenniveau, waarbij de
nadruk ligt op voorzieningen voor ouderen,
terwijl de voorzieningen voor jongeren
beperkt zijn. Ook op het gebied van toerisme
is er behoefte aan meer voorzieningen.
Alblasserdam kent nog geen elektronische
dienstverlening, maar in regionaal verband
wordt gezocht naar oplossingen. De rol van
de gemeente als dienstverlener wordt als
voldoende beoordeeld. Alblasserdam is zich
er van bewust dat ze niet al haar taken en
voorzieningen zelfstandig en op hoog niveau
kan uitvoeren en zoekt hiervoor een
oplossing in regionale samenwerking. De
gemeente stelt zich in Drechtstedenverband
actief, constructief, maar kritisch op. Per
1 januari 2007 sluit Alblasserdam zich aan
bij de Intergemeentelijke Sociale Dienst die
samen met Papendrecht, Sliedrecht,
Zwijndrecht, Dordrecht en
Hendrik-Ido-Ambacht wordt opgericht. De rol
van de gemeente als participant wordt dan
ook als voldoende beoordeeld.
Rabo-directeur
Riebergen:
'Legitimeren
niet
leuk,
maar het
moet”
SLIEDRECHT
/
GRAAFSTROOM
- “Ik
ben al
jarenlang
klant,
jullie
kennen
mij.
Waarom
moet ik
nu toch
een
legitimatiebewijs
laten
zien?”
Dat
horen de
bankmedewerkers
van hun
vaste
klanten.
Ad
Riebergen,
Algemeen
Directeur
van de
Rabobank
Sliedrecht-Graafstroom
hoort
zowel
via zijn
medewerkers
als via
de
klanten
veel
vragen
en
klachten
over het
legitimeren.
“De
rijksoverheid heeft wetten gemaakt die de
banken dwingen om heel strikt met
legitimeren om te gaan. Het is nu eenmaal zo
dat er minder betrouwbare mensen rondlopen
die ook allerlei financiële malversaties
plegen. Fraudes en witwassen zijn de
bekendste onwettige handelingen. Men
probeert banken hierbij te misbruiken.
Helaas moeten we constateren dat dergelijke
praktijken ook in de Alblasserwaard kunnen
voorkomen. Ook financiële stromen van
criminele en terroristische organisaties
zijn via de banken eventueel te achterhalen.
Om de opsporing te vergemakkelijken is het
kunnen achterhalen van iemands identiteit
dan ook een sterk middel. Daarom werken alle
banken er aan mee dat de identiteit van alle
klanten wordt vastgelegd”, aldus de
directeur. Hij voegt daaraan toe dat ook
hier geldt dat de goeden (helaas) onder de
slechten moeten lijden. Riebergen realiseert
zich dat het soms raar is om iemands
legitimatiebewijs te vragen terwijl je die
persoon al jaren kent. De wet schrijft voor
dat een van de bankmedewerkers van élke
klant ook daadwerkelijk een geldig
legitimatiebewijs moet hebben gezien. Er
wordt dan een kopie gemaakt met de
aantekening dat het echte document gezien
is. Doet een bankmedewerker dit niet dan is
hij of zij, en tevens de bank, strafbaar. De
spelregels zijn zodanig streng dat het niet
mogelijk is om iemand anders met jouw
identiteitsbewijs naar de bank te sturen. Je
moet echt zelf komen. Verder moet het een
geldig bewijs zijn. Een verlopen paspoort is
dus niet voldoende. Het kan dus voorkomen
dat de klant kosten moet maken voor een
nieuw, geldig paspoort of identiteitsbewijs.
Deze kosten zijn niet te verhalen op de
bank. Het is nu eenmaal de overheid die dit
verplicht stelt. Naast het eenmalig
registreren van een geldig legitimatiebewijs
moet de klant zich ook later opnieuw kunnen
legitimeren op verzoek van de bank.
Riebergen: “De meeste klanten begrijpen de
noodzaak van een goede identificatie, ook al
is het even vervelend als een bankhandeling
niet kan plaatsvinden omdat een geldig
identiteitsbewijs ontbreekt. In de komende
maanden nodigen alle banken hun klanten uit
om een eventueel ontbrekend document op de
bank te laten zien. We gaan ervan uit dat
daarmee toekomstige irritaties worden
voorkomen”.
'Studeren is
keuzes maken'
ROTTERDAM - Op hun vierde weten ze het
zeker: ze worden brandweerman,
dierenverzorger of juf. Maar tegen de tijd
dat leerlingen écht moeten gaan kiezen wat
ze ‘willen worden’, heeft die zekerheid vaak
plaatsgemaakt voor twijfels. Hoe kun je dan
toch weloverwogen een studie kiezen? En wat
komt daar allemaal bij kijken?
Gelukkig
bieden hogescholen en universiteiten de
aankomende studenten heel veel mogelijkheden
om zich goed te oriënteren. Iedereen kent
wel een voorbeeld van iemand die iets
compleet anders is gaan doen dan dat
waarvoor hij of zij gestudeerd heeft. Toch
blijft voor de meeste mensen hun studiekeuze
bepalend voor de richting van hun verdere
loopbaan. Daarom is het maken van de juiste
keuze zo belangrijk. Een goed gemotiveerde
keuze is bovendien ook de belangrijkste
voorwaarde voor succes. Want studeren, zeker
aan de universiteit, vergt behoorlijk wat
inzet en zelfdiscipline. Maar om goed te
kunnen kiezen is het essentieel om eerst te
weten wat de mogelijkheden zijn. Daarvoor
kan een aankomend student terecht op de
websites van universiteiten en hogescholen,
hij kan brochures aanvragen en studiebeurzen
en open dagen bezoeken. Met name de open
dagen zijn nuttig, omdat je daar direct de
sfeer kan proeven. Ook voor ouders, die vaak
een stimulerende of spiegelende rol hebben
in het keuzeproces, is het nuttig om zich
goed te laten informeren. Steeds meer
instellingen organiseren speciale
voorlichtingsbijeenkomsten voor ouders. Daar
wordt vaak niet alleen ingegaan op het
onderwerp ‘studiekeuze’, maar ook op veel
andere aspecten van het studeren. Daarbij
valt te denken aan een toelichting op de
nieuwe bachelor-masterstructuur van
universitaire vervolgopleidingen, waarbij de
student eerst in drie jaar een
bacheloropleiding volgt en zich daarna in
één of twee jaar kan specialiseren tijdens
een masteropleiding. Andere onderwerpen die
veelal aan bod komen zijn ‘wat wordt er van
de student verwacht?’, ‘wat kost studeren?’
en ‘welke begeleiding en voorzieningen zijn
er voor studenten?’. Voor schoolverlaters
die weten – of denken te weten – wat ze
willen gaan doen, bieden veel
onderwijsinstellingen gelegenheid voor een
intensievere kennismaking met de studie. Zij
kunnen dan tijdens proefcolleges of
meeloopdagen ervaren wat studeren inhoudt,
hoe de sfeer is en of de studie inderdaad
aansluit bij hun verwachtingen. Wat minder
vrijblijvend is de mogelijkheid van ‘proefstuderen’.
Hiervoor zijn vaak ook maar een beperkt
aantal plaatsen beschikbaar, die worden
vergeven aan de meest gemotiveerde
leerlingen. Door deel te nemen aan dit soort
kennismakingsactiviteiten kunnen leerlingen
soms ook studielasturen verdienen. Kiezen
voor een studie betekent ook kiezen voor een
bepaalde universiteit of hogeschool en, niet
in de laatste plaats, voor een stad.
Rotterdam is dan een uitstekende optie. Een
dynamische stad met een universiteit die
scherpe academici aflevert. Academici die
denken en doen perfect kunnen combineren en
daarmee een streepje voor hebben op de
(internationale) arbeidsmarkt.
Voor wie meer wil weten, organiseert de
Erasmus Universiteit Rotterdam op 5 november
een voorlichtingsdag. Speciaal voor ouders
is er een Ouderdag op 22 november met
algemene informatie over studeren, dus niet
speciaal gericht op de opleidingen van de
Erasmus Universiteit.
Voor meer
informatie:
www.scholieren.eur.nl
www.ouders.eur.nl
www.vsnu.nl (onder
tabblad ‘studeren’)
Verslag
overleg wateroverlast 3-10-2005
H'veld-G'dam:
Plaats: raadzaal gemeentehuis
Aanvang: 16.00 uur
Aanwezig:
Dr. Klapwijk GG en GD
Dordrecht
Janssen technisch
ambtenaar gemeente
Huisman wethouder
Noordergraaf
burgemeester
Scharlo Waterschap
van Eijk water en
riooldeskundige
Vaal ambtenaar
rampenbestrijding
Nieuwenhuis ambtenaar
Hilders
persvoorlichtster
Brandweer
Pers
Bewoners Nieuweweg
Piet Korevaar:
nieuweweg / wetering-parallelweg even
nummers
Janny de Rooy:
nieuweweg / wetering-parallelweg oneven
nummers
Jan Nederveen:
nieuweweg / A15 rivierdijk oneven nummers
Lia Nomen: nieuweweg
/ A15 wetering oneven nummers
Hans Nomen: nieuweweg
/ A15 wetering oneven nummers (notulen)
1) Opening en
welkomstwoord:
Dhr Huisman heet ons
allemaal van harte welkom.
2) Voortgang
actiepunten c.q. afspraken bijeenkomst 15
september 2005
Op 15-9 is aan de
agenda : afspraak schadevergoeding
toegevoegd
Vastgesteld dat
bewoners niet gezamenlijk met de gemeente de
contacten met
de pers aangaan, ieder
gaat zijn eigen weg.
De afgesproken schouw
is gehouden, de uitkomst is op schrift
gesteld
De gemeente heeft
contact gehad met GGD
3)Toelichting GGD
Dr. Klapwijk GGD: De
GGD besloot dat het niet zinvol was een
onderzoek te starten
en adviseerde de
bewoners met last van diarree naar de
huisarts te gaan. Later heeft
de GGD in overleg een
brief bij de bewoners bezorgd op 23
september.
(rond 19.00 u. zelf de
brief ontvangen)
Volgens Klapwijk is er
gereageerd door een mevrouw met kinderen,
ook haar
honden waren niet
bestand tegen het vuile water.
Vraag van Lia Nomen:
wat voor gevolg heeft deze viezigheid in
huis en tuin voor de
gezondheid. Klapwijk:
Het gaat vooral om bacteriën in ontlasting
en deze zijn na een aantal dagen dood. Lia:
dit is strijdig met een milieudeskundige die
ons vertelde dat
er zeker in het riool
agressieve bacteriën/parasieten aanwezig
zijn die het maandenlang
volhouden. Volgens
Klapwijk was er geen sprake van chemicaliën,
Lia zet hier haar
vraagtekens zijn. Er is
n.l. water weggepompt bij de garage van
Indumij vandaan(voorheen
Schipper) Een ieder
weet dat in een garagebedrijf schadelijke
stoffen aanwezig zijn, en
in hoeverre zijn deze
in de sloot, en vervolgens op de tuinen en
in de huizen aangekomen.
De heren achter de
tafel blijven het antwoord hierop schuldig.
Maar volgens Klapwijk
kun je best uit je groentetuin eten, mits je
het maar goed afspoelt.
Klapwijk vraagt of er
nu nog sprake is van Diarree. Janny de Rooy
kent een mevrouw die
nog steeds last heeft
van diarree, Klapwijk geeft aan dat dit
misschien overgedragen is door
huisgenoten. Janny de
Rooy: de mevrouw waar ik het over heb: woont
alleen.
4)Uitwisseling
opmerkingen met betrekking tot het plan van
aanpak samengevoegd
met de punt 5:
toelichting vervolgstappen voor de korte
termijn en punt 6: toelich-
ting
vervolgstappen voor de langere termijn
van Eijk komt met een
reeks getallen, neerslag hoeveelheden,
waterstanden en wat iets meer zij. Kortom
het was extreem die vrijdag en die zaterdag
en daar kan niemand wat aan doen. Het riool
is hier niet op berekend en ook het
“”stedelijk waterplan voorziet niet in
oplossing alle problemen”
Maatregelen voor de
korte termijn:
1)-controle watergangen
vanaf heden tot medio 2006
2)-calamiteitenbemaling
vanaf heden
3)-ringsloot over het
spoor medio 2006
4)-stedelijk waterplan
nieuweweg middendeel maart 2006
5)-advisering nieuweweg
(overig) maart 2006
6)-toetsing riolering
dec. 2005
7)-verbetering riool
dec. 2006
8)-bestuurlijk overleg
waterschap/gemeente 11 oktober 2005
Maatregelen langere
termijn:
9)-quick scan
wateroverlast eind 2005
10)-omvang
wateropgave(berging) 2006
11)-realisatie
wateropgave (berging) 2006-2015
2)Lia: wat houdt de calamiteitenbemaling
concreet in in. Scharlo: Het neerzetten van
noodpompen die in geval van extreme regenval
ingezet zullen worden. Er moet in overleg
gezocht worden waar ze
geplaatst gaan worden. Lia: en wie gaat
aangeven wanneer
de pompen in werking
gezet moeten worden. Scharlo: dat moet nog
overlegd worden.
1)Controle watergangen:
Verbreden en uitdiepen
sloot, en de beruchte duiker bij de BAM
aanpassen.
Scharlo: Er wordt
gevraagd aan de bewoners of ze
mee willen werken en
indien nodig grond willen afstaan. Lia: en
als de bewoners niet
meewerken wat dan. Hans
Nomen: We hebben de uitkomst van de schouw
in statistieken
samengevat en de vraag
is daar ook gesteld: In de 70 er heeft de
gemeente ook al
eens zo iets
uitgehaald: grondruil voor: JAWEL LET OP EEN
RIOOL!
Opmerking van een
oudere bewoner: “We hebben de helft van de
sloot aan de gemeente
verkocht van 1 gulden
in ruil voor een riool, hadden we nooit
moeten doen, heeft
ons niets dan ellende
gebracht”
(ik zie de heren achter
de tafel naar elkaar kijken, maar geen
reactie)
6 en 7) toetsing en
verbetering riool: Lia: begin dec. 2005 en
uitvoering 2006, de hoeveelheid
neerslag van 10
september komt volgens jullie eens in de 100
jaar voor, maar de volgende
100 jaar is op 11
september begonnen, dus morgen kan het weer
zo zijn. Jullie beginnen
2005 en brengen het tot
uitvoer in 2006. Ook stelt zij de vraag is
er wel geld beschikbaar
gesteld in de begroting
van 2006 voor het oplossen van de
water/rioolproblemen.
Volgens Huisman is er
geen geld beschikbaar, alle investeringen
zijn doorgeschoven.
Noordergraaf mengt zich
in de discussie en zegt dat dat een zaak van
de gemeenteraad
is en aanstaande
donderdag zal dat aan de orde komen. Lia
vraagt aan van Eijk:
“Als het goed
begrepen heb moeten wij leren leven met deze
bestaande situatie, voor
wat
wateroverlast
betreft ?” Na van heen en weer geschuifel
van van Eijk een bevestigend
JA
Huisman zegt dat het
riool goed functioneert en een neerslag van
19 mm kan verwerken.
Hij vindt het niet
nodig aanpassingen aan het riool te doen.
Volgens zijn zeggen is
het rapport van de
Grontmij voldoende duidelijk. Lia: jullie
hebben de bewoners
“geschouwd” en als
eerste komt naar boven uit ons onderzoek :
het niet functioneren
van het riool ! Hoe
zit dit dan ? Huisman: ik heb met het
rapport van de Grontmij te maken en verder
niets.
Lia, maar heeft u
dan niets met de mening van de bewoners te
maken. Huisman nee,
de beleving van de
bewoners is inderdaad onjuist, en zij zullen
hiermee moeten leven.
Huisman gaat verder:
Het probleem is ook dat de vloerhoogte in de
huizen lager ligt
dan het riool.
Lia: Hoe komt dit. Je kan n.l. ook in een
put geholpen worden.
Eerst waren er de
huizen aan de nieuweweg, vervolgens gaat de
gemeente een wijk
bouwen (wielwijk) die
hoger ligt dan de bestaande bebouwing en ook
wordt voortdurend
de weghoogte van de
nieuweweg omhoog gebracht door er telkens
een laag asfalt op
te brengen. En wat
krijgen wij te horen: jullie huizen staan op
veen, en zakken !
Lia: Wij hebben 15 jaar
geleden een keuken aangebouwd, u kunt komen
kijken maar
die is echt niet gezakt
na 15 jaar en er is geen scheur in de
aanbouw te bekennen !
Lia vraagt aan Huisman:
het stedelijk waterplan is in 2002
opgesteld, in 2003 vastgesteld
en goedgekeurd door de
gemeenteraad. Wat heeft u tussen 2003 en
heden gedaan ?
het antwoord van
Huisman: NIETS.
Noordergraaf: wij
hebben hier een plan van aanpak voor zowel
de korte als de lange
termijn en hier zullen
jullie het mee moeten doen, of je het er mee
eens ben of niet.
Brandweer:
Lia vraagt of de
brandweer een actueel aanvalsplan heeft. De
burgemeester bevestigt dat het aanvalsplan
aangepast wordt na zulke situaties Volgens
burgemeester Noordegraaf kent de brandweer
de situatie door en door en weet elk slootje
te liggen.
Lia twijfelt aan het
optreden van de brandweer en zegt dat zij
denkt dat de toestand
mogelijk minder erg zou
zijn geweest als de brandweer niet in de
sloot achter de huizen
had gepompt. De
brandweer ontkent dat zij fouten gemaakt
gemaakt heeft. Lia
zegt dat zij andere
informatie heeft en dat die op papier heeft
gekregen van ooggetuigen.
Lia zegt vervolgens dat
ze hierop terug zal komen.
Baggeren:
Hans Nomen: Op een van
de terugontvangen “schouw” formulieren wordt
gezegd
dat zij niet zelf mogen
baggeren omdat de bagger is vervuild door de
riooloverstort.
(nota bene een
formulier van een gemeenteraadslid)
Hoe kan het dat aan het
gedeelte van de nieuweweg tussen wetering en
spoorlijn
in samenwerking met de
ijsclub door de bewoners de sloot is
uitgebaggerd, en wat is er met
dat vervuilde slib
gedaan ?
Scharlo: maar de sloot
is toch van de bewoners. Antwoord: maar de
vervuilde bagger
vanuit de
riooloverstorten toch niet ! Jan Nederveen:
Wie heeft hier de baggerplicht.
Het vuil in onze sloot
is van een ander. Na wat geschutter achter
de tafel:
Scharlo: als het
verontreinigd is dan wordt het door ons
afgevoerd. Hij erkent dat het waterschap
hierin actiever te werk had kunnen gaan door
de bewoners vooraf te informeren over de
risico’s van het wonen dichtbij een
riooloverstort.
Tenslotte:
Hans Nomen deelt mij
dat de bewoners de schouw in statistieken
hebben samengevat,
en met de mededeling:
als bestuurders en politiek gaan jullie er
voor dat naar de bewoners
geluisterd wordt, hier
heeft u de mening van de bewoners van de
nieuweweg.
Vervolgens worden
exemplaren van het rapport uitgedeeld.
Namens de afgevaardigde
bewoners wateroverlast nieuweweg
Hans Nomen
Samenwerking
in Biesbosch
DORDRECHT - Het Wereldcafé is onderdeel van
het project ‘Samen werken aan
interculturalisatie en Duurzaamheid’ een
project dat mede mogelijk is gemaakt door
ondersteuning vanuit de provincie
Zuid-Holland en Fonds 1818. Op 8 december
wordt er een afsluitende bijeenkomst in
Zuid-Holland georganiseerd waarbij het
project wordt geëvalueerd, de resultaten van
het project worden gepresenteerd en
ervaringen worden uitgewisseld.

De wandeling door de Biesbosch op zondag 25
september 2005 bracht de mensen nader tot
elkaar. (© Foto IVN Zuid-Holland).
Linda
Brouwer is projectleider van het project in
opdracht van het IVN consulentschap
Zuid-Holland. Dit artikel is tot stand
gekomen met de medewerking van Max
Leerentveld Voorzitter IVN afdeling Den
Haag. In de maanden mei en juni zijn er in
Zuid Holland gedurende een viertal
zaterdagen bijeenkomsten geweest onder de
noemer ‘Wereldcafé’ waarbij
allochtonenorganisaties, wijk en
opbouwwerkorganisaties, IVN vrijwilligers-en
andere natuur en milieu organisaties hebben
samengewerkt. Het resultaat daarvan is dat
er in totaal 25 duurzame initiatieven zijn
ontwikkeld. Aanwezigen hebben met elkaar
afgesproken samen aan de nieuwe initiatieven
te gaan werken en voor ieder initiatief is
dan ook een contactpersoon. Het IVN
Consulentschap Zuid-Holland blijft tot en
met december 2005 met de initiatiefnemers in
contact en staat ze in de uitvoering bij met
advies en informatie. Al een aantal jaren is
interculturalisatie een maatschappelijk
thema dat de aandacht heeft, zo ook binnen
het IVN. IVN consulentschap Zuid-Holland zet
zich er dan ook al een aantal jaren actief
voor in. Dit jaar is er een ‘Wereldcafé’
georganiseerd in Dordrecht, Alphen aan de
Rijn, Den Haag en Rotterdam waar deelnemers
hebben toegewerkt naar een gemeenschappelijk
kader. Om dat te bereiken werden de
deelnemers gevraagd aan te geven wat hun nu
een ‘thuisgevoel’ geeft als het gaat om je
eigen leefomgeving. Dit resulteerde in
uitspraken zoals herkenning, veiligheid,
respect van mensen om je heen, voldoende
groene ruimte enzovoort. Kortom een lijst
met punten die we grotendeels
gemeenschappelijk van belang vinden.
Vervolgens is er ingegaan op de vraag in
hoeverre iedereen daar vanuit zijn eigen
organisatie aan werkt. Als laatste is er
gekeken naar kansen om een samenwerking met
andere organisaties aan te gaan en zo je
eigen activiteiten te versterken. Dat is
tevens het moment geweest dat deelnemers
concrete initiatieven hebben ingevuld op een
speciaal daarvoor opgesteld formulier waarna
vervolgafspraken met elkaar zijn gemaakt.
Max Leerentveld, voorzitter van de
IVN-afdeling Den Haag, vond de bijeenkomst
in de Schilderswijk in Den Haag zeer zinvol.
‘Op deze bijeenkomst georganiseerd in onze
achtertuin kon ik natuurlijk niet
wegblijven’,vertelt Max n.a.v. de vraag
waarom hij heeft deelgenomen. ‘Achteraf ben
ik blij dat ik er naar toe gegaan ben. Niet
met de reden dat ik streef naar een
percentage vrijwilligers van nieuwe
Nederlanders, maar omdat ik het van belang
vind dat we vanuit een dergelijke
kennismaking samen in contact komen. Vooral
in de stedelijke omgeving valt er veel te
winnen. Zo kwam ik met een deelneemster in
contact die een Koerdische vereniging
vertegenwoordigde. Ze zocht een ingang om
ecologie te koppelen aan taallessen die ze
vanuit de vereniging verzorgen. Met haar heb
ik een vervolgafspraak gemaakt om te kijken
hoe we met elkaar concreet een samenwerking
aan kunnen gaan. Ik ben heel positief over
dit contact. Als we toch een excursie geven
waarom dan niet in het kader van deze
taallessen? Lijkt me een win-win situatie.’
Voorbeelden van duurzame initiatieven uit de
eerste twee bijeenkomsten in Dordrecht en
Alphen a/d Rijn. In vrouwencentrum Menzil
komen vrouwen met diverse culturele
achtergronden. Veel van de vrouwen die er
komen gaan van huis naar Menzil en doen af
en toe een boodschap. De eigen leefomgeving
is vaak onbekend en wordt vervolgens als
onveilig ervaren. Kennis over, bekendheid en
begrip voor de plek waar je leeft is het
doel van dit initiatief. De uitvoering is
verdeeld in vier bijeenkomsten van wijk,
park, natuurgebied naar een
praktijkvoorbeeld op locatie waar
wijkbewoners zelf initiatieven hebben
genomen. Om als organisaties met elkaar in
contact te zijn op een actieve wijze en
elkaar zo te leren kennen. De Afghaanse
vereniging heeft niet alleen behoefte aan
ontmoeting met autochtonen maar ook om
middels natuurbeleving te werken aan de
Nederlandse taalontwikkeling. Deze contacten
spelen daarbij een belangrijke rol. Partners
zijn: IVN-afdeling Dordrecht, Vrouwencentrum
Menzil, Bureau Bewonersondersteuning
Dordrecht, NME-centrum Weizigt,
Landschapsbeheer Z-H, IVN-afdeling Leiden,
Meander en de Afghaanse vereniging Alphen
aan de Rijn. De Mevlana Moskee in Dordrecht
is een onopvallende voormalige garage waar
bij binnenkomst niets meer van te zien is.
Dat de deuren van de moskee een opvallende
groene kleur hebben is geen toeval. De
Turkse gemeenschap van de moskee is
betrokken bij natuur en milieu en het belang
van een duurzame samenleving. De koran
verwijst vele malen naar het belang van een
‘gezonde wereld’ en het zit eigenlijk ook
verweven in de cultuur van deze gemeenschap.
De imam Hŭseyin Akbaş in Dordrecht vertelt:
‘Wij zijn onderdeel van de Nederlandse
samenleving, hechten waarde aan de natuur en
hebben respect voor natuur en milieu.
Daarbij vinden we het van belang dat
informatie en onze visie hierover wordt
doorgegeven aan onze achterban’. Imam
Hŭseyin Akbaş vraagt zich af op welke wijze
er een bijdrage door de Turkse gemeenschap
aan ons geleverd kan worden in Nederland?
Wat kan er eigenlijk allemaal op dit gebied
in Nederland? Dit zijn vragen die hem
bezighouden. Zodoende lijkt het hem een
goede zaak natuur en milieu organisaties te
ontmoeten en samen op zoek te gaan naar
mogelijkheden voor gezamenlijke
activiteiten. Dit initiatief ‘uit in de
Biesbosch’ speelt een belangrijke rol voor
de verdere kennismaking tussen organisaties.
TEMA-NL
is een Nederland-Turkse Stichting voor de
mondiale bestrijding van bodemerosie, voor
mondiale herbebossing en bescherming van het
natuurlijk milieu. TEMA-NL is de Nederlandse
tak van de TEMA-organisatie, die zijn
oorsprong heeft in Turkije. Nederland
kent tal van prachtige natuurgebieden, die
voor een groot deel ook voor het publiek
toegankelijk zijn. Voor degenen die deze
gebieden bezoeken, lijkt echter de
Nederlandse bevolkingssamenstelling
nauwelijks veranderd ten opzichte van
veertig jaar geleden. De gebieden worden
namelijk nauwelijks bezocht door de hier
woonachtige allochtonen. En onbekend maakt
onbemind.
Wij als
TEMA-NL denken hierin te kunnen slagen waar
andere organisaties faalden door gezamenlijk
projecten op te zetten, want we moeten ook
aandacht besteden aan natuurbeleving
als onderdeel van het integratieproces.
Veel in Nederland wonende Turken hebben
ingezien dat hun oorspronkelijk tijdelijk
bedoeld verblijf wel eens een blijvend
karakter zou kunnen krijgen. Veel
Nederlanders en Nederlandse organisaties
zijn dezelfde mening toegedaan. Wij als
TEMA-NL willen samen met hen in Nederland
wonende Turken betrekken bij milieu en
natuur in Nederland maar ook wereldwijd. De
Stichting stelt zich ten doel: mondiaal
natuurbehoud, mondiale natuurontwikkeling en
het verrichten van al hetgeen daarmee
rechtstreeks of zijdelings verband houdt of
daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de
ruimste zin van het woord. Zij tracht haar
doel te bereiken door het bevorderen van het
bewustzijn en de verantwoordelijkheid van
mensen met betrekking tot natuurbescherming,
in die zin, dat natuurbescherming een
individuele en gezamenlijke taak is.
Hieronder de brief bij het artikel 'Gemeente
gedraagt zich a-sociaal' op onze pagina
Alblasserwaard in september 2005.

Verslag
overleg wateroverlast do. 14-9
HARDINXVELD-GIESSENDAM - Hieronder treft u
integraal het verslag aan van het overleg
tussen bewoners van de Nieuweweg, gemeente
en waterschap op donderdag 15 september 2005
om 14.00 uur in de plaatselijke
brandweerkazerne. Aanleiding was de
wateroverlast op zaterdag 10 september 2005.
Aanwezig waren namens het waterschap: Klaas
Scharlo: hoofd onderhoud, Rivierenland, Bas
de Wildt, namens de gemeente: Pieter Prins:
medewerker preparatie, Jan Duyzer: civiel
technisch medewerker, Gijs van Brenk:
wethouder, Kees Nieuwenhuizen: onderhoud
openbare werken, Jan Matthijs Vaal:
rampenbestrijding, Helma Hilders:
voorlichter gemeente, Cees van Andel:
brandweer, Jansen: grondgebiedzaken en
namens de bewoners van de Nieuweweg: Piet
Korevaar: nieuweweg / wetering-parallelweg
even nummers, Janny de Rooy: nieuweweg / wetering-parallelweg
oneven nummers, Jan Nederveen: nieuweweg /
A15 rivierdijk oneven nummers, Lia Nomen:
nieuweweg / A15 wetering oneven
nummers, Hans Nomen: nieuweweg / A15
wetering oneven nummers (notulen)
1)
Opening en welkomstwoord:
Dhr van Brenk heet ons allemaal van
harte welkom.
2)
Toevoeging agendapunten:
Lia Nomen wil toevoegen:Veiligheid en
schadevergoeding.
3)Visie waterschap op extreme regenval 10
september j.l.
Dhr Scharlo merkt op dat zaterdag in
korte tijd 80 tot 100 mm neerslag is
gevallen. Extreme neerslag lijdt tot
calamiteiten dat is heel normaal vindt hij.
De vloeren van de meeste huizen aan de
nieuweweg liggen beneden de weghoogte. Deze
huizen zijn niet onderheid en zijn in de
loop van de jaren gezakt. Bewoners zijn niet
alleen verantwoordelijk voor het onderhoud
aan de gevels e.d. maar ook voor onderhoud
aan de fundering vindt Dhr. Scharlo (zie
opmerking *1.) Lia Nomen laat een honend
“Yes” horen. Ze memoreert aan het
verhaal wat maandag is gehouden op het
gemeentehuis. De afsluitende opmerking daar
was: burgemeester we willen een afdoende
antwoord en oplossing van u en niet zoals ik
gisteravond op televisie een ambtenaar
hoorde zeggen:”deze huizen zijn niet
onderheid en zijn gezakt in de loop der
jaren. Daarom lopen ze nu vol, dus eigen
schuld dikke bult.” De burgemeester merkte
toen op dat we dit van hem niet zouden
horen. Het is schrijnend dit nu wel als
eerste opmerking te horen, hoewel niet de
mond van de burgemeester maar wel uit die
van het waterschap. Waarom de huizen lager
liggen dan de weghoogte, daar kunnen we nog
wel een middag over discussiëren Het is nog
maar de vraag of dit alleen komt door het
zakken van de huizen. Bovendien kwam het
water deze keer niet van de weg maar van
achter de huizen! Lia vat de opmerkingen
van de heer Scharlo samen en vraagt: begrijp
ik goed dat wij als bewoners van de
nieuweweg hier dus mee moeten leren leven?
Het antwoord van Scharlo is: ja.
4)Visie op korte termijn aanpak met
inachtneming van verdere besluitvorming:
Wet houder van Brenk vindt ondanks het
antwoord van dhr. Scharlo toch wel dat we
moeten praten over een oplossing op korte
termijn. Dhr. Nieuwenhuizen refereert aan
het waterplan en merkt op dat er voor het
eind van het jaar een waterberging moet
zijn. Lia Nomen merkt op dat we hier niet
zitten om alleen het probleem van zaterdag
te bespreken maar dat het water al jarenlang
een onderwerp is die de bewoners bij de
gemeente aankaart. Zij vraagt of er al
onderzoek gedaan is naar de riolering
bijvoorbeeld, het probleem speelt al sinds
1998. Bas de Wildt vindt dat 1998 een
nat jaar was en wil het in een groter kader
plaatsen, het is meer dan een plaatselijk
probleem. Er is geïnventariseerd wat de
knelpunten zijn in de regio en de
betaalbaarheid van de oplossingen. Bovendien
kunnen we niet alles in één keer oplossen
het tijdpad loopt tot 2015. Voor de bewoners
is dit niet acceptabel zij kunnen niet tot
2015 wachten tot alles opgelost is,
bovendien is het ook een kwestie van
prioriteiten stellen. Dhr. van Brenk is het
daarmee eens, er moet nu een zo’n goed
mogelijke analyse gemaakt worden, 2015 is te
ver weg. De gemeente stelt voor om te
schouwen aan de drie delen van de Nieuweweg.
Dit houdt praktisch in dat er een delegatie
van gemeente en waterschap bij de bewoners
langs gaat en vragen naar hun verhaal. Het
verhaal wordt ter plekke op schrift gesteld
en ondertekent door de bewoner. Hans Nomen
vraagt naar de juridische betekenis van de
handtekening. Dhr de Vaal legt uit dat het
gaat om dat wat op papier staat gezegd is,
zodat er later geen discussie ontstaat in de
zin van: maar dit is niet gezegd.Tijdpad
schouwen: 16 september, te beginnen om 9.00
u aan het eind van de ochtend bekijken hoe
ver we zijn. Dan zullen er verdere afspraken
gemaakt worden over de overige bezoeken.
Uiterlijk donderdag 22 september moet het
klaar zijn.
5)
Behandeling overzichten brandmeldingen,
storingsmeldingen en klachtenregistratie en
stand van zaken afhandeling daarvan:
Bij de klachtenlijn zijn verzoeken
binnengekomen om een extra ronde huisvuil en
grof vuil op te halen. Hier heeft de
gemeente goed op geanticipeerd. Donderdag
zal de grijze en groene container nogmaals
geleegd worden en vrijdag zal al het grof
vuil opgehaald worden. Ook zijn er meldingen
binnengekomen over lichamelijke klachten,
huiduitslag, irritatie aan wondjes op handen
en diarree. Lia Nomen heeft een verzoek tot
bodemonderzoek bij de gemeente neergelegd.
Er zijn bewoners die een eigen groentetuin
hebben achter het huis. Is het nog wel
verantwoord om hieruit te eten? Dhr. van
Brenk merkt op dat hij niet uit die
groentetuinen zou willen eten. Lia vindt dit
een veelzeggende opmerking. Daar de gemeente
toch verantwoordelijk is voor de gezondheid
van zijn inwoners lijkt daarom een bodem of
wateronderzoek steeds meer op zijn plaats.
De gemeente hikt echter nog tegen de kosten
van zo’n onderzoek aan, en stelt voor om
eerst contact op te nemen met de GG&GD. Als
zij ook vinden dat de volksgezondheid in
gevaar is kan alsnog besloten worden tot een
onderzoek. De gemeente neemt contact op met
de GG&GD. (zie opmerking *2)
6)Afspraken voortgang o.a. volgende
bijeenkomst, contacten pers.
Op maandag 3 oktober zal een volgend
gesprek plaatsvinden tussen partijen.
Aanvang 16.00 u. Op 30 september liggen de
stukken bij de vertegenwoordigers van de
bewoners. Op de raadsvergadering van 6
oktober moet de analyse er zijn. Op 11
oktober is er overleg tussen het college en
het waterschap. De gemeente stelt voor om
als gemeente, bewoners en waterschap
gezamenlijk de contacten met de pers aan te
gaan. Zoiets van samen staat we sterk. De
bewoners voelen hier niets voor, zij voelen
zich nog lang niet veilig in het samen op
weg gaan en gaan daarom in deze hun eigen
weg. Helma Hilders probeert nogmaals tot een
compromis te komen door te melden wat het
persbericht van de gemeente zal zijn.
Bewoners zijn hiervan niet onder de indruk
en gaan hun eigen weg.
7)Wat verder ter tafel komt
Schade: Er is veel schade bij de
bewoners aan de Nieuweweg. Natuurlijk komt
bij vergoeding de schuldvraag om de hoek
kijken. Daarom willen de bewoners weten wat
er precies gebeurt is op zaterdagavond 10
september. Naar horen zeggen heeft de
brandweer het ondergelopen industrieterrein
leeggepompt in de sloot achter de huizen aan
de Nieuweweg tussen de ingangsweg
industrieterrein Nieuweweg en de wetering.
Bewoners van dit gedeelte weten allemaal dat
dit slootje grote hoeveelheden water niet
aan kan vanwege het feit dat er een duiker
ligt op het terrein van de BAM voordat de
sloot uitmondt in de wetering. De
vraag van de bewoners is dan ook hoe gaat de
gemeente hiermee om. De bevelvoerder van de
brandweer Dhr. Cees van Andel merkt op dat
er inderdaad water in het slootje gepompt is
maar dat er op een ander plek ook water
uitgepompt is en de kracht van de pomp die
het water eruit pompte was groter dan van de
pomp die het erin pompte. Op deze wijze
weersprak de brandweer deze uitspraak. Feit
blijft echter dat het water vanuit de sloot,
de huizen is ingelopen. Dhr. van Brenk merkt
op dat er inderdaad eerst duidelijkheid over
de schuldvraag moet zijn voordat er geclaimd
kan worden. Op dit moment is die
duidelijkheid er niet, hopelijk komt die na
de interviews. Lia Nomen vraagt of er
overwogen wordt dit ook uit te laten
onderzoeken door een onafhankelijke
instantie. Bij de bewoners rijst de vraag of
het onderzoek zoals dit nu wordt opgezet wel
objectief is. De gemeente piekert hier niet
over. De bewoners mogen zelf als zij dit
wensen een extern bureau inschakelen is het
antwoord van de gemeente. (zie opmerking
*3). Dhr. van Brenk bedankt de aanwezigen en
sluit de vergadering.
Namens de afgevaardigde
bewoners wateroverlast nieuweweg
Hans Nomen
Opmerkingen:
* 1: alsdan zijn de bewoners het met de
uitleg van Dhr. Scharlo ten stelligste
oneens.
* 2: heeft de gemeente de regiefunctie
m.b.t. aspecten van volksgezondheid?
* 3: alsdan verzoeken de bewoners om een
startsubsidie van de gemeente.
Enthousiaste
hobbykoks gezocht
SCHIEDAM
-
Cuisine Culinaire Schiedam
kent zijn oorsprong in 1982. Hans Buyse,
thans penningmeester, richtte toen Cuisine
Culinaire Rotterdam op. “Ik had de smaak al
snel te pakken”, grapt Buyse.
In de loop der jaren groeide de
kookclub vervolgens uit van een groepje
enthousiaste liefhebbers naar een kookclub
met verschillende brigades.
Tegenwoordig zijn bijna vijftig mensen lid
en wordt er vier keer per maand gekookt in
een ploeg van 12 tot 14 mensen. “Wij koken
tien keer per jaar in vier verschillende
brigades. Alleen in juli en augustus zijn we
dicht”, vertelt voorzitter Andre Vogel. Een
kookavond bij CCS begint omstreeks 18.00
uur. Dan verzamelt de brigade zich en wordt
het kokstenue aangetrokken. Vervolgens
krijgen de kokers instructies van de chef
van de dag en wordt de taakverdeling bekend
gemaakt. De – veelal verse en
seizoensgebonden – ingrediënten liggen dan
al klaar. Na de instructies gaat iedereen
met het koken aan de slag. De kunst is niet
alleen om de gerechten lekker te bereiden,
maar vooral ook in de juiste hoeveelheid en
op het juiste moment. Rond 20.30 uur wordt
de eerste gang geserveerd, daarna volgen er
nog vier. De gerechten worden door de
kookleden zelf opgegeten. Er wordt naar
gestreefd om elke avond rond de klok van
23.30 uur af te sluiten. De kookavond zijn
niet alleen bedoeld als leermoment, maar
vooral ook sociaal gebeuren. Vogel benadrukt
dat CCS geen cursussen biedt. “Bij veel
kookcursussen mag je zelf heel weinig doen.
Bij ons is er alleen een chef van de dag die
aanwijzingen geeft, maar het koken wordt
door alle aanwezigen gedaan. Je moet leren
aan de teugel, van je medekokers. De één
beantwoordt de vragen die de ander heeft.”
Tijdens de kookavonden worden verschillende
ploegen gevormd die verantwoordelijk zijn
voor een bepaald deel van het diner. Zo
maken bijvoorbeeld drie mensen het
voorgerecht of werken er vier aan het
hoofdgerecht. “Uiteraard proberen we daarbij
ervaren kokers naast beginnende kokers te
plaatsen. Op die manier is iedereen in staat
mee te doen”, vervolgt Vogel. Door het koken
in – wisselende – ploegen ontstaat er ook
een competitie-element. “Er komt een stukje
rivaliteit doordat de gerechten aan tafel
worden besproken. Daar hoort bijvoorbeeld
ook de presentatie en opmaak van de borden
bij”, vertelt Ruud de Jong, secretaris van
CCS. Het is echter niet alleen kritiek en
lofzang die over tafel gaat tijdens het
eten. “Natuurlijk praten we veel over de
gerechten, maar er wordt aan tafel ook over
andere dingen gesproken. Je zit toch de hele
avond tegenover elkaar. Dat maakt eten een
heel sociaal gebeuren”, vindt Vogel. “Het
koken gaat je bovendien steeds makkelijker
af, dus dan wordt er meer gepraat”, voegt
Buyse lachend toe. De kookclub is bedoeld
voor hobbyisten. “Al onze leden zijn mensen
uit het bedrijfsleven met een baan. Het is
voor hen een pure hobby”, vertelt De Jong.
Cuisine Culinaire Schiedam is op zoek naar
nieuwe hobbyisten om een nieuwe brigade te
starten. “Wij hebben ook gemende brigades
waarin vrouwen meekoken. Ook heb je geen
ervaring nodig om mee te doen. Als je alleen
een ei kunt bakken ben je net zo welkom als
wanneer je wekelijks drie gangen op tafel
zet”, vertelt Vogel. De open dag van
zaterdag 24 september is bedoeld voor
iedereen die het leuk lijkt om te koken.
“Het is gewoon leuk om met een groep
enthousiaste hobbykoks één keer per maand
een avond te koken. Bovendien leer je dan om
voor familie of vrienden ook een heerlijk
diner klaar te maken”, besluit Vogel.
Cuisine Culinaire Schiedam kookt in
verzorgingstehuis Spaland aan de Willem
Andriessenlaan 2 in Schiedam Noord (nabij
afrit 11 van de A20). De open dag van
zaterdag 24 augustus duurt van 16.00 – 18.00
uur. Geïnteresseerden kunnen ook contact
opnemen met Andre Vogel, telefoon (0180) 622
203. Zij kunnen in oktober op proef een
avond meekoken. Voor meer informatie en
tarieven:
www.cuisineschiedam.nl.
'Kunstschaatsen kan je leren'
DORDRECHT - Goed leren schaatsen kan in
Dordrecht in de Drechtstedenhal aan de Karel
Lotsyweg bij de Dordtse Kunstrij- en
IJsdansvereniging "De Drechtsteden" afgekort
als DDD. Het schaatsseizoen op de
kunstijsbaan in Dordrecht begint in
september en de eerste lessen zijn op
woensdag 14 september en zaterdag 17
september.

Er kan
gedurende het seizoen steeds tijdens de
lessen worden aangemeld. De kinderen
beginnen bij het zogenaamde basisschaatsen
of jeugdschaatsen. Tijdens de lessen worden
allerlei vaardigheden geleerd en het seizoen
wordt afgesloten met het eventueel halen van
een diploma. De vereniging kent schaatsers
van beginner tot gevorderd en een groep
wedstrijdrijdsters op verschillende niveau’s.
Ben je al wat beter geworden en vind je het
leuk om te kunstrijden dan kan je na overleg
met de trainster eventueel naar de brugklas
en als je dan nog meer wilt schaatsen en je
hebt een beetje talent voor het kunstrijden
dan kan je zelfs aan wedstrijden gaan
meedoen. Je behoort dan tot de categorie
wedstrijdschaatsers oftewel solorijders. De
vereniging heeft in de afgelopen jaren al
flink wat kampioenen in de diverse
categorieen voortgebracht. Op dit moment is
de vereninging bijzonder trots op de
selectie van de 17-jarige Jacqueline Voll
uit Hendrik Ido Ambacht in de nationale
kernploeg. Zij zal Nederland
vertegenwoordigen eind september in Canada
tijdens de Grand Prix. In Nederland gaat
Jacqueline rijden in de categorie Senioren.
De 13 jarige Christel de Haan uit
Zwijndrecht is net als vorig seizoen
geselecteerd voor Jong Oranje en zal dit
jaar in Nederland rijden in de categorie
Junioren. Beide meisjes zullen gaan
deelnemen aan de selectiewedstrijden voor
het Nederlands Kampioenschap, evenals een
aantal wedestrijdrijdsters van DDD in de de
categorieën Debs en Novice. De jongere
wedstrijdrijdsters in de categorie Teens
gaan trachten zich te kwalificeren voor de
KNSB-cup. Op 12 november organiseert de
vereniging een wedstrijd voor mini’s en
aspiranten in De Drechtstedenhal. Vind je
kunstschaatsen leuk om te bekijken kom dan
eens langs. De entree is gratis.
Basisschaatsen is er voor iedereen die wil
leren kunstschaatsen en we nodigen dan ook
zeker jongens uit om eens te komen kijken.
Het kunstrijden is er zeker niet alleen voor
meisjes. De leeftijd is niet belangrijk, wel
is het zo dat als je wedstrijden wilt gaan
rijden het beter is om zo jong mogelijk te
beginnen. Geprobeerd wordt de lessen zo te
verdelen op leeftijd en gevorderdheid zodat
iedereen zich kan thuis voelen.
Voor de
lessen zijn vaste tijden. De lestijden voor
het basisschaatsen voor de jeugd zijn:
op Woensdag van 16.15 uur tot 17.15 uur.
op Zaterdag van 11.20 uur tot 12.20 uur.
Basis- en recreatief schaatsen op
zaterdag voor iets oudere en verder
gevorderde schaatsers is er op: Zaterdag van
12.20 uur tot 14.00 uur. Deze periode is er
ook voor verder gevorderde schaatsers. Alle
lesuren staan onder leiding van erkend
trainster en voormalig Nederlands kampioene
Astrid Winkelman. Heb je zin om te komen
leren schaatsen dan is de eerste les een
gratis proefles. Wil je lid worden, dan
krijg je een inschrijfformulier.
Telefonische informatie bij Mieke de With
078-6185939. Meer informatie op de website
www.ddd-kunstrijden.nl
Verklaring
bewoners wateroverlast
Hardinxveld-Giessendam,
10 september 2005
Geachte burgemeester Noordergraaf,
De
opkomst tijdens deze ontmoeting die wij deze
morgen hebben afgedwongen zegt iets over de
omvang van ons probleem. Ook hebben we de
pers erbij uitgenodigd om het onder de
aandacht brengen van ons probleem kracht bij
te zetten. Een probleem wat al jaren speelt
aan de Nieuweweg en die al diverse keren
door diverse inwoners is aangekaart bij de
gemeente. Individueel maar ook door een
gezamenlijke handtekeningen actie zonder dat
dit tot een oplossing heeft geleid, sterker
nog soms zelf zonder dat er ooit antwoord is
gegeven op schriftelijk gestelde vragen. Het
probleem is het water. Nederland leeft met
water zegt men. Wij willen u melden dat wij
als inwoners van Hardinxveld Giessendam en
bewoners van de Nieuweweg niet meer op de
huidige wijze met water willen leven. Wat is
ons probleem? Langdurige overlast van
verhoogde waterstanden van het grondwater en
de sloten, met als gevolg natte vochtige
huizen. Zeer hoge luchtvochtigheid in die
huizen, schimmelende wanden en meubels, met
gevolgen voor de gezondheid van uw inwoners.
Bij regenval niet goed weglopend water in wc
en gootsteen, of overlopende riolen, blanke
straten en tuinen met soms drijvende
menselijke uitwerpselen en als uitschieter
dit weekend blankstaande woningen Heel veel
blankstaande woningen, met als gevolg grote
emotionele en materiele schade bij uw
inwoners. Oorzaak? Wij, als inwoners zijn
leken op het gebied van waterhuishouding. We
willen dus over oorzaken geen uitspraken
doen. Onderzoek naar de oorzaken is de taak
van de bestuurders van deze gemeente. We
hebben echter wel geconstateerd dat een
aantal werkzaamheden een ongunstig effect
hebben gehad op de waterhuishouding rond de
Nieuweweg.
1.
het in de jaren 70, dempen van de
sloot aan de voorzijde van de huizen aan de
Nieuweweg met de oneven nummers
2.
de bouw van de nieuwbouw wijk
(wielwijk) tegenover deze huizen
3.
het aanbrengen van een duiker door
“verlaat wegenbouw” in sloot aan de
achterzijde van de huizen naar de wetering
4.
het slaan van een “wel” in de tuin
van Dhr. Schipper, die afloopt in de sloot
achter de huizen
5.
het aanbrengen van damwand bij het in
aanbouw zijnde viaduct
Eerder
noemde ik de grote emotionele en materiele
schade. Ik wil een paar praktijkgevallen
schetsen. Weduwen van over de tachtig jaar
die met tranen in de ogen tot aan hun knieën
in het water kijken naar hun drijvende
dierbare spullen. Gezinnen, met schoolgaande
kinderen die door spaarzaamheid en veel
zelfarbeid hun huis hebben opgeknapt zien
dit alles nu voor hun ogen verloren gaan.
Schade? Velen van ons leven in grote
onzekerheid over de dekking van de
financiële schade door de verzekering. Als
het op uitbetalen van verzekeringspenningen
aankomt zijn maatschappijnen soms heel
creatief in het bedenken van uitzonderingen.
Burgemeester, hoe gaan wij leven met de
angst voor herhaling? Het zal voor ieder
verschillend zijn maar ik kan u schetsen wat
er bij ons stuk is: eiken parketvloer, van
de keukenkastjes barsten de wanden uit
elkaar, wasmachine, vaatwasser,
broodbakmachine, stofzuiger, onze piano, de
cello van onze dochter. En bij sommigen gaat
het zelfs nog verder daar is ook de
wandafwerking kapot, het wandmeubel uit
elkaar gevallen en het bankstel volgetrokken
met water. Burgemeester, hoe gaan wij dit
financieel bolwerken. Want ook al dekt de
verzekering u weet ook dat dit bedrag nooit
voldoende is om alles te vernieuwen. De
gemeente mag best een hand in eigen boezem
steken. We zijn van mening dat door
nalatigheid en niet voldoende aandacht
besteden aan een al jaren bestaand en
aangekaart probleem het nu geëscaleerd is.
Wij zijn het beu en zat. Burgemeester wij
eisen nu een afdoende oplossing voor ons
probleem. Allereerst hebben we nu dit
probleem bij u onder de aandacht gebracht,
ernaast willen we op 21 september inspreken
tijden de vergadering van de commissie
grondgebiedzaken. Om ook daar ons probleem
onder de aandacht te brengen. Verder
verwachten wij op de raadsvergadering van 6
oktober een afdoend antwoord van u te
krijgen hoe de gemeente Hardinxveld
Giessendam dit probleem gaat oplossen en op
welke termijn.
Hoogachtend namens de
bewoners van de Nieuweweg oostzijde,
Lia Nomen
Nieuweweg 131
3371CL Hardinxveld Giessendam
Tel. 0184-616195
Mob. tel. 06-12277207
Opdracht voor
bouwen nieuw schip
HARDINXVELD-GIESSENDAM - IHC Holland Merwede
BV is trots aan te kunnen kondigen dat haar
dochter Merwede Shipyard het contract heeft
gekregen voor het ontwerpen en bouwen van
een nieuwe Reeled rigid pipe laying /
Offshore construction schip voor Subsea 7.
De levering van het complete schip zal
tweede kwartaal 2007 plaatsvinden.
De pijpenleginstallatie zal
worden ontworpen en gebouwd door Huisman-Itrec. Merwede Shipyard heeft het
contract gekregen omdat zij in staat was het schip te ontwerpen en te bouwen
volledig in overeenstemming met de eisen en wensen van de rederij, inclusief
de integratie van de pijpenleginstallatie en kranen, en binnen de gevraagde
korte levertijd. SIEM, in de vorm van haar dochter Subsea 7, heeft
aangekondigd dat de totale projectkosten voor schip en installatie tussen
USD 180-200 miljoen liggen en deze zijn gebaseerd op de vaste aanbiedingen
van Merwede Shipyard en de leverancier van de pijpenleginstallatie. Het
schip zal volledig dynamisch gepositioneerd worden, geschikt voor
wereldwijde operatie. Het schip is ontworpen voor pijpleggen vanaf een
haspel en voor offshore constructiewerk. Het schip zal worden uitgerust met
een volledig geïntegreerde 6.6 kV elektrische installatie en zal worden
voortgestuwd door drie elektrisch aangedreven roerpropellers met vaste
schroeven in straalbuizen achter. In het voorschip worden twee elektrisch
aangedreven roerpropellers met vaste schroeven in straalbuizen geplaatst en
bovendien nog een boegschroef. Een complete ROV hangar zal achter de
accommodatie worden geplaatst. Verticale ROV geleiding zal in de zijde van
het schip worden voorzien, aan bakboord en stuurboord. Een 400 MT offshore
kraan zal aan bakboord midscheeps worden geplaatst. Verder zullen twee
offshore dekkranen worden geplaatst, één aan stuurboord voor en één aan
bakboord achter van het werkdek. Achter de hoofdpijpenspoel wordt een open
werkdek voorzien van tenminste 650 vierkante meter. De pijpenleghelling zal
achter op het schip worden voorzien. Rond het hek zullen werkplatforms
worden gemaakt. Met dit contract loopt het order book van Merwede Shipyard
tot ver in 2007, in 2006 is de ordeportefeuille volledig gevuld. Er zijn bij
Merwede Shipyard meer dan 500.000 uren mee gemoeid om het schip te ontwerpen
en te bouwen, met ruim het tweevoudige hiervan bij leveranciers en
onderaannemers. Met meer dan 3.000 werknemers wereldwijd is Subsea 7 een van
's werelds leidende onderwater bouwkundige aannemers. Het bedrijf heeft
wereldwijde offshore operaties, welke worden ondersteund vanuit Azië,
Pacific, Brazilië, Golf van Mexico, Noorwegen, UK en West-Afrika. Subsea 7
heeft meer dan 100 op afstand bedienbare voertuigen (ROV's), vier
pijpfabrieken en een vloot van moderne hoge specificatie dynamisch
gepositioneerde schepen, welke in staat zijn op diepwater stijve en
flexibele pijpen te leggen vanaf een spoel, tot diepwater onderzeese
constructies en verzadigd duiken. IHC Holland Merwede legt zich toe op de
voortgaande ontwikkeling van haar ontwerp‑ en bouwactiviteiten voor de
baggerindustrie, waar zij wereldmarktleider in is. Merwede Shipyard heeft
een onderscheidende conduitestaat en reputatie voor de bouw van talrijke
zich onderscheidende ontwerpen. Werkschepen voor de offshore industrie,
cruiseschepen, RoRo's, passagiers- / vrachtschepen, oceanografische
onderzoeksschepen, ferries, zeeslepers en zware-ladingschepen zijn enkele
voorbeelden van commerciële schepen gebouwd door Merwede Shipyard. IHC
Holland Merwede's clientèle omvat baggermaatschappijen, rederijen,
oliemaatschappijen, offshore aannemers en civiele aannemers. IHC Holland
Merwede heeft meer dan 1.800 mensen in dienst, verdeeld over de werven in
Kinderdijk, Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht, Delfgauw, Goes en Ljubljana
(Slovenië). Het bedrijf heeft ook mensen gestationeerd in Azië en het
Midden-Oosten.
Meer patiënten
naar Albert Schweitzer
DORDRECHT - Het jaar 2004 was voor het Albert Schweitzer ziekenhuis
in meerdere opzichten een geslaagd jaar. Uit de jaarcijfers over 2004 blijkt
dat het ziekenhuis een flinke groei heeft doorgemaakt, zowel in financieel
opzicht als in het aantal behandelde patiënten. Gemiddeld steeg de productie
met 6%.
De groei wordt verklaard door het verkleinen van de wachtlijsten, de
toenemende vergrijzing en uit het feit dat steeds meer patiënten voor het
Albert Schweitzer ziekenhuis kiezen. Financieel gezien was 2004 ook
succesvol met investeringen in nieuwe medische technieken ter waarde van
bijna € 10 miljoen en een positief saldo van € 2,6 miljoen. Het ziekenhuis
gaat dit jaar een nieuw systeem voor Patiëntveiligheid invoeren. Volgens
René Smit, voorzitter van het College van Bestuur, zijn de goede resultaten
voor een belangrijk deel te danken aan efficiënter werken en de opbrengst
van 5 jaar Albert Schweitzer ziekenhuis. “Het motto vorig jaar was: ‘Meer
doen met dezelfde middelen door orde op zaken te stellen. We hebben meer
patiënten kunnen behandelen en tegelijkertijd fors geïnvesteerd in de
toekomst.” Leen Pijpers, voorzitter van de Vereniging Medische Staf:
“De goede resultaten zijn ook te danken aan alle werk, dat de afgelopen vijf
jaar is verzet om echt één geïntegreerd Albert Schweitzer ziekenhuis te
worden. Er staat nu samenhangende organisatie, met op elkaar afgestemde
locaties, moderne ICT en een goed financieel beleid. In veel
fusieziekenhuizen lukt dat niet, maar we zij er trots op dat dit in
Dordrecht wel is gelukt.” Vergeleken met
2003 heeft het ziekenhuis flink meer patiënten getrokken en is de productie
(het aantal behandelingen) gegroeid met 6 procent. Vooral de groei van het
aantal patiënten in dagbehandeling viel op (+ 9,6%). Ook het aantal eerste
polikliniekbezoeken (+ 4%) en het aantal opnamen (+ 6%) steeg opnieuw. De
dienstverlening voor huisartsen - diagnostiek als laboratoriumonderzoek en
radiologie - steeg zelfs nog harder. Het aantal extra behandelde patiënten
is opgevangen door beter gebruik te maken van vier locaties en meer
ICT-toepassingen. Ondanks de doorgaande verbouwingen en uitbreidingen zijn
vier locaties nog beter op elkaar ingespeeld. Een positief effect van de
productiegroei is een daling van het aantal patiënten op
de wachtlijst met 500 tot 4.000 (met name
bij chirurgie, gynaecologie, kno en oogheelkunde). Ook financieel gezien was
2004 een goed jaar met een positief saldo van €2,6 miljoen. Het positieve
resultaat kon worden geboekt vanwege de eerder genoemde groei van de
productie. In totaal is het vermogen van de RAK (de financiële reserve van
het ziekenhuis) gegroeid naar € 8,6 miljoen. Het extern budget van het
ziekenhuis is in 2004 gestegen naar € 181,9 miljoen. De komende twee jaar
moet het ziekenhuis een korting opvangen van € 3,4 miljoen op basis van een
landelijk gesloten prestatiecontract. Deze korting in 2005 is € 1,7 miljoen.
Om de kwaliteit van de zorg verder te verbeteren, gaat het ziekenhuis per 1
juli een nieuw Patiëntveiligheidssysteem invoeren. Doel van het systeem is
om een veiliger omgeving voor de patiënt te creëren. Basis voor dit systeem
is dat incidenten op de afdeling zelf direct kunnen worden afgehandeld. Een
pilot met dit systeem op twee verpleegafdelingen heeft geleid tot positieve
resultaten en verbeteringen van het bedrijfs- en zorgproces. Dit is voor het
ziekenhuis belangrijk in het streven het aantal klachten verder te
verminderen. In 2004 nam het aantal klachten weliswaar enigszins toe tot 905
klachten (tegen 859 in 2003), maar de stijging was kleiner dan de groei van
het aantal patiënten (5,4% meer klachten en 6% meer patiënten).
Tegelijkertijd geven patiënten in onderzoeken het Albert Schweitzer
ziekenhuis een score van tevreden tot zeer tevreden op een aantal
belangrijke aspecten zoals bejegening en vertrouwen in de hulpverlener. Op
medisch gebied werden in 2004 een aantal belangrijke mijlpalen bereikt, die
hebben geleid tot een verdere verbreding en verbetering van het zorgaanbod,
met onder ander de opening van een Medium Care-afdeling, het diabetescentrum
en een regionale mamapoli. Ook zijn er samenwerkingsovereenkomsten gesloten
met een aantal zorgorganisaties (Erasmus Medisch Centrum, GGD, Grote
Rivieren), de gemeente Dordrecht en het Da Vinci-college. Met deze partners
werkt het ziekenhuis samen bij de realisatie van het Gezondheidspark, dat
dit jaar echt van start gaat. Ook is het Albert Schweitzer ziekenhuis
inmiddels begonnen met de renovatie van de locatie Amstelwijck en wordt nog
deze maand begonnen met de uitbreiding en verbouwing van de locatie
Zwijndrecht. Gelet op de positieve resultaten in de eerste vijf jaar van het
nieuwe Albert Schweitzer ziekenhuis, ziet het ziekenhuisbestuur de toekomst
met vertrouwen tegemoet. Ook met de komst van een nieuw zorgstelsel, dat
marktwerking centraal stelt. René Smit: “Dat heeft nogal wat consequenties.
Allereerst vraagt het een ondernemende houding van management, medisch
specialisten en medewerkers. Daarnaast zal de patiënt, meer dan ooit,
daadwerkelijk centraal staan in onze organisatie. Het nieuwe zorgstelsel
heeft ook gevolgen voor de financiering van zorg, waarbij er vooral kansen
liggen in verdere profilering van Amstelwijck en Sliedrecht als centra voor
dagbehandeling. We denken met de investeringen in ICT, nieuwe
zorgontwikkelingen en onze vier locaties een sterk ziekenhuis te blijven in
de komende jaren.”
Het jaarverslag
is voor u in te zien op de website van het ziekenhuis:
www.asz.nl.
Draadloos
internet niet zonder risico
HARDINXVELD-GIESSENDAM /
UTRECHT - Steeds meer horecagelegenheden en winkeliers bieden draadloos
internet aan als extra service voor hun klant. Maar aan het openstellen van
een draadloze verbinding kleven ook gevaren. Denk aan doodsbedreigingen,
kinderporno en het hacken van websites.
Het
aanmaken van een unieke gebruikersnaam en wachtwoord is al voldoende om de
aansprakelijkheid van ondernemers te beperken. Dit blijkt uit onderzoek naar
de rechten en plichten rondom het aanbieden van draadloos internet, met name
voor MKB-ondernemers. Johan de Jong uit Hardinxveld-Giessendam voerde een
onderzoek uit bij de Wetenschapswinkel Rechten.
Draadloos internet, WiFi; het lijken
synoniemen voor modern en geweldig. Overal duiken de termen op en iedereen
schermt ermee, de ICT-tijdschriften voorop. Daarbij wordt vooral gewezen op
het gebruiksgemak. De gemeente Utrecht heeft in een vroeg stadium herkend
dat vooral in een stedelijke omgeving draadloos internet de economische
bedrijvigheid kan versterken. Maar volgens de Jong hebben veel bedrijven
momenteel nog een onduidelijk beeld van de toepassingen van draadloos
internet. De Jong: 'Gebruikers kunnen activiteiten ontplooien op het
netwerk, die onrechtmatig zijn, zoals het illegaal verspreiden van
auteursrechtelijk beschermd materiaal of het hacken van websites. Bovendien
is het bij strafrechtelijk onderzoek moeilijk vast te stellen wie de dader
is. Zolang het netwerk niet openbaar is, is er geen wettelijke
beveiligingsverplichting.' De Jong adviseert om een netwerk altijd te
beveiligen en een soort logboek met gebruikers bij te houden. 'Men voorkomt
hiermee dat het voor een buitenstaander al te makkelijk wordt om op het
netwerk te komen, met als gevolg dat de afzonderlijke computers van
gebruikers worden benaderd of de snelheid nadelig wordt beïnvloed. Ook
voorkomt men met een beveiliging dat het netwerk eenvoudig toch kan worden
aangewezen als een openbaar netwerk. Een openbaar netwerk moet voldoen aan
de verplichtingen die de Telecommunicatiewet voor openbare netwerken stelt,
zoals een registratieplicht van het netwerk bij de OPTA en aftapbaarheid. De
aanbieder van een beveiligd draadloos netwerkaansluitpunt is slechts
doorgeefluik. De internet service provider beheert dan het openbare netwerk.
Het aanmaken van een unieke gebruikersnaam en wachtwoord zijn voldoende om
de aansprakelijkheid van de ondernemer te beperken. Johan de Jong heeft het
onderzoek verricht in opdracht van Unité. Het onderzoek is het juridische
deel onderwerp van een groter voorlichtingsproject met als doel het
overdragen van kennis aan bedrijven en organisaties in de binnenstad van
Utrecht over de technologie en toepassingen van draadloze
breedbandverbindingen (WiFi). De Jong heeft zijn onderzoek gericht op
partijen die niet als primair bedrijfsdoel telecommunicatie en
datacommunicatie hebben. Het
project is uitgevoerd in opdracht van Unité, Mobilander en IC trust. Het
Utrechts netwerk voor innovatie en technologie heeft als doel het stimuleren
van innovatie en technologie in de provincie Utrecht. Unité is een
samenwerkingsverband van ondermeer Universiteit Utrecht, Hogeschool van
Utrecht, Kamer van Koophandel, Provincie Utrecht en de Gemeente Utrecht. De
onlangs opgerichte Taskforce Innovatie Regio Utrecht heeft inmiddels de
taken van Unité overgenomen. De Wetenschapswinkel Rechten heeft als taak een
brugfunctie te vervullen tussen Universiteit en Maatschappij. Zij maakt
wetenschappelijk juridisch onderzoek toegankelijk voor non-profit
organisaties. De Wetenschapswinkel is verbonden aan de faculteit
Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht.
Voor meer informatie:
Een juridische blik op WiFi. 'De kleine aanbieder van dichtbij bekeken' van
J.D.C. de Jong, ISBN 90-5213-131-7, 38 pagina's, prijs € 10,00. Bestellen
via Wetenschapswinkel Rechten, (030) 253 7025,
wewir@law.uu.nl
Veerdienst bestaat tien jaar
GORINCHEM - Dit jaar
bestaat de Veerdienst Gorinchem precies 10 jaar.
Op 11 mei vindt de
aftrap plaats van allerlei acties die deze maand gepland staan.
Op die dag wordt om
14.00 uur de tentoonstelling “10 jaar Veerdienst in Gorinchem” geopend in de
openbare bibliotheek op de Groenmarkt. Daarna wordt de nieuwe watertaxi, de
Gorcum IX gedoopt. In de maand mei worden verder verschillende uitstapjes
georganiseerd en zijn er leuke prijzen te winnen.
Op woensdag 11 mei om 14.00 uur opent
wethouder Van Santen de tentoonstelling “10 jaar Veerdienst Gorinchem”.
De tentoonstelling zal tot 31 mei te zien zijn in de Openbare Bibliotheek
Gorinchem op de Groenmarkt 1 te Gorinchem. De tentoonstelling bestaat uit
replica’s van vroegere boten van de Veerdienst en van nu. Tevens is er
achtergrondinformatie te vinden uit de archieven, zoals foto’s, schilderijen
en oude gebruiksvoorwerpen. Naast het Dalems Kerkje staan een visrechtpaal
en een veerrechtpaal naast elkaar. De veerrechtpaal is recent opgeknapt en
terug gezet als herinnering aan vroegere tijden. Op woensdag 11 mei om 15.00
uur wordt de nieuwste aanwinst van de Gorcumse Veerdienst, de Gorcum IX
gedoopt. Deze watertaxi gaat het snelle vervoer voor kleine groepen mensen
over water verzorgen. In 2004 is proef gedraaid met een watertaxi en het
blijkt dat er veel animo is voor deze snelle vorm van vervoer. De Gorcum IX
wordt gedoopt door mevrouw L. Romijn, echtgenote van wijlen oud-wethouder P.
Romijn, die alom als de stuwende kracht achter de nieuwe veerdienst wordt
genoemd. De Gorcum V komt terug naar Gorinchem !
Maar nu als speeltuin. De boot heeft de afgelopen jaren in de Rotterdamse
Maashaven gelegen en deed daar dienst als kinderspeeltuin van de
kleuterschool die in de Zwarte Zwaan gevestigd was. Het grote schip, de
Zwarte Zwaan, is inmiddels weg en de kleuterschool is naar de Brede
Hilledijk (te Rotterdam) verhuisd. Na terugkomst in Rotterdam, rond 25 mei
aanstaande, zal de Gorcum V weer dienst doen als speeltuin voor de
kleuterschool. Op 21 mei vindt
alweer voor de 17e keer de Open Havendag plaats. In de straten rondom de
Lingehaven wordt traditiegetrouw een rommelmarkt gehouden. Muziek en
demonstraties van oude ambachten maken deel uit van de happening die om 9.00
uur start en duurt tot 17.00 uur. Tevens is de gehele dag een terras geopend
op de Gorcum V, waarvan de bar wordt geëxploiteerd door Genesis. Evenals
vorig jaar zal de watertaxi tegen de zeer aantrekkelijke prijs van € 2,50
rondvaarten maken rond Gorinchem. Aansluitend op de Open Havendag wordt een
moonlight-feest georganiseerd op de Gorcum VIII. Het feest begint om 19.30
uur. Om 21.00 uur en 22.00 uur zijn er prijsuitreikingen aan boord. huis te
brengen. Om 23.30 uur zal de Gorcum VIII de laatste rondrit maken en zal
mensen die van buiten Gorinchem komen, terug naar huis brengen. Voor wie dan
nog geen zin heeft om af te stappen, kan na afloop van de festiviteiten met
de watertaxi naar huis worden gebracht. Het moonlight-feest wordt gesponsord
door Bistro De Poort en bar Genesis. Aan boord worden gratis hapjes
verstrekt. De boottocht is gratis. Alleen voor het drinken wordt een kleine
vergoeding gevraagd. De leerlingen van alle basisscholen in
Gorinchem zijn gevraagd om een tekening te maken van de Veerdienst of het
water in en om Gorinchem (groep 1-4) of een knutselwerk te maken met
hetzelfde thema (groep 5-8). Voor de leerlingen zijn er leuke prijzen te
winnen. Zo geeft Hagemeijer Tweewielers in Gorinchem wederom fietsen weg,
waarvan 2 kinderfietsen voor de kleintjes onder ons.
De winnaar van de knutselwedstrijd kan een dagdeel
Loevestein, inclusief overtocht met de veerdienst voor de hele klas winnen.
Ieder jaar geeft de Veerdienst 10-rittenkaarten weg om het veerpont weer
onder de aandacht van de mensen te brengen. Vanwege het 10-jarig jubileum
worden nu 1000, 5-rittenkaarten weggeven aan een ieder die de bon in de
krant invult en bij de Veerdienst aflevert. Onder de geïnteresseerden worden
ook 30 10-rittenkaarten verloot, 4 fietsen (gesponsord door Hagemeijer
Tweewielers) en een reis naar Euro Disney voor 2 personen. Deze reis wordt
gesponsord door Snelle Vliet Touringcars te Alblasserdam. Op 25 mei 2005
sluiten we de feestelijkheden rond het 10-jarig jubileum van de Veerdienst
af met de prijsuitreiking voor de basisschoolleerlingen. Wethouder Van
Santen zal de prijsuitreiking begeleiden.
Disciplinair onderzoek politiekorps ZHZ
DORDRECHT - De Politie Zuid-Holland-Zuid heeft deze week het
disciplinaire onderzoek afgerond naar de gedragingen van een aantal
medewerkers van het korps in de periode december 2004 tot en met januari
2005. De aanleiding hiervoor was de ontdekking van een rit naar Amsterdam
door leden van het korps waarbij snelheidsovertredingen waren begaan. De
korpsleiding heeft het voornemen tot het treffen van disciplinaire sancties
tegen 12 medewerkers van het korps besproken met de driehoek. Drie
medewerkers krijgen wegens ernstig plichtsverzuim strafontslag aangezegd:
een 45-jarige brigadier, een 39-jarige brigadier en een 29-jarige agent.
Daarnaast krijgen vier medewerkers voorwaardelijk ontslag en vijf
medewerkers een berisping. De korpsbeheerder heeft besloten het advies over
te nemen.
Zodra de rit naar Amsterdam bekend werd,
heeft de korpsleiding een diepgaand en breed onderzoek laten instellen
i.s.m. Bureau Interne Zaken van de politie Rotterdam-Rijnmond. Voor de
politie-organisatie is integriteit van het hoogste belang en een schending
daarvan dient grondig onderzocht te worden. De korpsleiding vindt het
onacceptabel dat een aantal politiemensen in diensttijd, met dienstauto’s,
zonder enige verklaarbare zakelijke reden, zich ver buiten het eigen
bewakingsgebied heeft opgehouden. De ernst van deze feiten is gelegen in de
aantasting van beschikbaarheid voor de burger, aantasting van de rugdekking
voor de collega’s en imago-schade voor de hele politie-organisatie. Er is
daarom ook sprake van collectieve verontwaardiging in het korps over dit
verwerpelijke gedrag. Het onderzoek heeft het volgende aangetoond.
Politiefunctionarissen van de noodhulp uit district I en II hebben in totaal
drie ritten gemaakt buiten de regiogrenzen. Er is sprake van twee ritten
naar Amsterdam, te weten in de nacht van 14 op 15 december 2004 en in de
nacht van 10 op 11 januari 2005. Eén rit voerde naar Rotterdam in de nacht
van 25 op 26 januari 2005. Alle drie ritten gebeurden zonder noodzakelijke
reden en/of toestemming. Tijdens de ritten naar Amsterdam zijn foto’s
gemaakt van de bezochte locaties Artis, de Arena, Warmoesstraat en de Dam.
Een aantal medewerkers van de Gemeenschappelijke Meldcentrale was van de
ritten op de hoogte, doch greep niet in. Bij de eerste rit naar Amsterdam is
onbehoorlijk rijgedrag geconstateerd; er is te hard en door rood licht
gereden. Over een rit naar Parijs is wel gesproken, maar deze is niet
uitgevoerd. Daarnaast zijn tijdens het onderzoek nog andere vormen
van laakbaar gedrag naar boven gehaald. Het betreft hier seksistisch,
discriminerend en laatdunkend taalgebruik in de richting van collega’s en
chefs. Een andere betrokkene heeft op een ander moment zonder functionele
reden gereden met een veiliggestelde (gestolen) truck zonder oplegger.
Het onderzoek levert de volgende vier
belangrijke leermomenten op:
-
Bijzondere aandacht dient er te zijn voor de volcontinu diensten binnen
de organisatie zoals de noodhulp en de meldkamer waar het werkaanbod het
karakter heeft van pieken en dalen.
-
Het is gebleken dat een beperkte groep medewerkers in staat is gebleken
ongewenste handelingen voor de leidinggevenden verborgen te houden. De
leiding moet zich afvragen hoe dit mogelijk is geweest en hoe dit in de
toekomst voorkomen kan worden.
-
Uit de verhoren is gebleken dat de betrokken collega’s tegen wie een
disciplinair onderzoek is ingesteld, onvoldoende beseffen wat de
gevolgen van hun handelingen zijn voor burgers, collega’s en het imago
van het korps. Ondanks het feit dat ook gebleken is dat collega’s hebben
getracht te corrigeren op verwerpelijk gedrag, is er toch sprake van te
weinig interveniërend vermogen. Het interventie- en corrigerend vermogen
ingeval van een mogelijke integriteitschending moet worden verbeterd.
-
Hoewel op individueel niveau consensus bestaat over de laakbaarheid van
het geconstateerde gedrag, is in de praktijk gebleken dat negatief
groepsgedrag heeft geleid tot ongewenst handelen. Signalen over
negatieve aspecten van groepsgedrag moeten in een vroegtijdig stadium
door de leiding worden opgepakt.
De korpsleiding is van mening dat er
voldoende instrumenten zijn op het gebied van integriteit. De toepassing
daarvan behoeft verbetering. De korpsleiding wil daarom een programmatisch
vervolg bestaande uit twee delen. Ten eerste bespreking van de casuïstiek
met de medewerkers van de meldkamer, de surveillancediensten en hun leiding.
Ten tweede het korpsbreed bespreken van de casuïstiek van
integriteitschendingen in zijn algemeenheid. Tot slot hecht de korpsleiding
eraan te verklaren dat het haar overtuiging is dat de overgrote meerderheid
van de medewerkers integer is en hard werkt aan de veiligheid van de
burgers.
Wij publiceren
hieronder integraal het complete onderzoeksrapport:
1.
Aanleiding
Politie ZHZ
is een politiekorps met 1400 medewerkers bestaand uit drie geografische
districten distrct ! Dordrecht/Zwijndrechtse Waard, district 2
Alblasserwaard/Vijfheerenlanden en district 3 Hoeksche Waard. De
surveillance draagt per district zorg voor een adequate politie-inzet 24
uur per dag, 7 dagen in de week. Medewerkers van de Gemeenschappelijke Meld
Centrale (afgekort GMC, onderdeel van de Divisie Uitvoerings Ondersteuning)
zijn functioneel verantwoordelijk voor de aansturing van de
surveillanceploegen bij de afhandeling van de binnenkomende meldingen.
Voorliggend disciplinair onderzoek richt zich met name op de medewerkers van
een surveillanceploeg in district 1 en district 2 en een aantal centralisten
van de meldkamer. Aan het einde van de maand januari 2005 kwamen bij
de politie ZHZ 2 bekeuringen binnen ter zake gepleegde
snelheidsovertredingen. Deze waren gepleegd met een opvallende
surveillanceauto van het district Dordrecht/Zwijndrechtse Waard buiten de
eigen regio op de A13 bij Rotterdam. De overtredingen waren gepleegd in de
nacht van 10 op 11 januari 2005. Uit een eerste confrontatie met de feiten
en het aangeven van de mogelijke consequenties door de leidinggevenden aan
de betrokkenen is naar voren gekomen dat het overschrijden van de regiogrens
tijdens de nacht van 10 en 11 januari 2005 niet op zichzelf stond.
Betrokkenen gaven aan dat het overschrijden van de regiogrens vaker
voorkwam. In overleg met de betrokken districtschefs en divisiechefs heeft
de korpsleiding besloten tot een disciplinair onderzoek. Het onderzoek is
uitgevoerd door medewerkers van het Bureau Interne Zaken van de politie ZHZ,
aangevuld met een collega van Bureau Interne Zaken van de politie Rotterdam
Rijnmond en enkele leden van het managementteam van de Divisie Recherche
Ondersteuning.
2.
Disciplinair onderzoek
Disciplinaire onderzoeken vinden in de regel
plaats in opdracht van de districts- of divisiechef. De veelheid aan
betrokkenen, meerdere te onderzoeken organisatieonderdelen en de
noodzakelijke zorgvuldigheid in een evenwichtige straftoedeling heeft de
korpsleiding doen besluiten zelf het disciplinair onderzoek te gelasten. Het
onderzoek is geleid door de chef van de Divisie Recherche Ondersteuning
waarvan het eigen organisatieonderdeel geen betrokkenheid had met de
onderzochte feiten. De onderzoeksleider heef gerapporteerd aan de
korpsleiding die vervolgens het bevoegd gezag en de leden van het
managementteam periodiek over de voortgang van het onderzoek heeft
geïnformeerd. In een disciplinair onderzoek met een groot aantal verhoren
komen naast concrete feitelijke getuigenissen meerder gegevens naar voren
‘van horen zeggen’. Het onderzoeksteam heeft alle verhalen getoetst. In
totaal is tegen 22 medewerkers disciplinair onderzoek ingesteld. Er zijn 78
medewerkers in verhoor geweest (getuigen en betrokkenen). Uiteindelijk maken
de volgende handelingen deel uit van de eindrapportage van het interne
onderzoek. Bij ritten is de volgorde aangehouden waarin de leiding heeft
kennisgenomen van de ongewenste gedragingen.
-
Rit Dordrecht-Amsterdam
in de nacht van 10 op 11 januari 2005.
-
Rit Gorinchem-Amsterdam
in de nacht van 14 op 15 december 2004.
-
Rit Gorinchem-Rotterdam
in de nacht van 25 op 26 januari 2005.
-
Seksistisch en
discriminerend taalgebruik
-
Laatdunkend gedrag en
taalgebruik naar collega’s en chefs.
-
Onverantwoord en
onbehoorlijk rijgedrag.
-
Het in diskrediet brengen
van de politie Amsterdam-Amstelland (rood licht negatie,
snelheidsovertredingen).
-
Rijden met veiliggestelde
truck zonder oplegger tijdens diensttijd, zonder functionele noodzaak.
3. Relaas van
feiten
Rit Dordrecht-Amsterdam in de nacht van
10 op 11 januari 2005.
In de nacht van 10
op 11 januari hadden een 21 jarige agent en een 22 jarige aspirant dienst
binnen de noodhulp van district 1. De agent kreeg het idee om in de
nachtdienst, in een opvallend politievoertuig in uniform gekleed naar
Amsterdam te gaan om foto’s te maken bij de Arena, Artis en het nationaal
monument op de Dam. Directe aanleiding waren foto’s die hij gezien had van
collega’s van district 2 die in december 2004 naar Amsterdam waren gereden.
De 39 jarige ploegbrigadier heeft toestemming gegeven mits het die nacht
rustig zou zijn met meldingen. Tijdnes de rit is de ploegbrigadier naar de
meldkamer gegaan om de rit te volgen via het systeem dat is ingebouwd in de
surveillancevoertuigen. Geconstateerde snelheidsovertredingen met het
opvallende politievoertuig buiten de regio tijdens deze rit zijn de
aanleiding geweest voor het starten van een disciplinair onderzoek. Tijdens
de verhoren is gebleken dat de 21 jarige agent, op een ander moment dan de
dienst waarin de rit naar Amsterdam heeft plaatsgevonden, zonder functionele
reden ook gereden heeft met een veiliggestelde truck zonder oplegger.
Rit Gorinchem-Amsterdam in de nacht van 15 op 15 december 2004.
Uit verklaringen van
betrokkenen bij de rit die las eerste ter kennis kwam van de leiding bleken
de regiogrenzen eerder tijdens diensttijd, zonder toestemming en zonder
noodzakelijke reden overschreden te zijn. In de nacht van 14 op 15 december
2004 zijn collega’s van district 2 naar Amsterdam gereden en hebben daar
diverse foto’s gemaakt waaronder bij Artis en op de Warmoesstraat.. Het
initiatief van deze rit lag bij een 29 jarige agent. Een 25 jarige agent is
meegereden in het opvallende dienstvoertuig in uniform gekleed.
Leidinggevenden in die nacht zijn niet ingelicht. Medewerkers van de
meldkamer waren op de hoogte maar hebben niet ingegrepen. Ten tijde van deze
rit heeft de 29 jarige agent veelvuldig gebeld met een medewerker van de GMC,
een 45 jarige brigadier, met veelvuldig discriminerend , seksistisch en
laatdunkend taalgebruik. De 45 jarige brigadier van de GMC heeft, na een
aanvankelijke poging, op geen enkele wijze getracht te voorkomen dat
bedoelde surveillanceauto richting Amsterdam zou gaan. Verder is tijdens die
dienst serieus gesproken met een 52 jarige hoofdagent van de GMC over de
voorbereiding van een rit tijdens de nachtdienst naar Parijs. Een rit naar
Parijs heeft uiteindelijk niet plaatsgevonden. De 29 jarige agent heeft de
foto’s van de rit naar Amsterdam laten zien bij de surveillancedienst van
District 1. Hierdoor is het idee geboren voor de rit die uiteindelijk in
januari 2005 heeft plaatsgevonden.
Rit
Gorinchem-Rotterdam in de nacht van 25 op 26 januari 2005.
De eerder genoemde
29 jarige agent en een 36 jarige agent zijn tijdens diensttijd(dit keer met
een onopvallend dienstvoertuig) naar een feest van de politiestudenten
gegaan in Rotterdam. Diverse in hun vrije tijd aanwezige collega’s uit ZHZ
hebben de 29 jarige agent gesproken. Vanaf de feestlocatie heeft de 29
jarige agent met de meldkamer gebeld en kreeg hij eerder genoemde 45 jarige
brigadier aan de lijn. De brigadier heeft geen interventie gepleegd op het
ongewenste gedrag. In dit telefoongesprek werden wederom seksistische en
laatdunkende opmerkingen gemaakt jegens collega’s en chefs. Buiten genoemde
betrokkenen is er uit onderzoek niet gebleken dat er meer collega’s (noch
leidinggevenden, noch ander meldkamerpersoneel) op de hoogte waren van deze
rit.
4.
Opvatting Korpsleiding
Integriteit is het grootste goed voor een
politieorganisatie die voortdurend op een controleerbare wijze zich in een
democratisch bestel als het onze in de frontlinie manifesteert. Een
politieorganisatie die beschikt over het geweldsmonopolie en ook een
organisatie die bij voortduring in haar optreden de toets der kritiek moet
kunnen doorstaan omdat daar de legitimatie van haar bestaan gevonden moet
worden. Dit alles heeft er toe geleid dat de politie in Nederland en zeker
ook het Korps ZHZ integriteit zeer hoog op de agenda heeft staan.
Legitimatie van de organisatie en de wens om zich controleerbaar op te
stellen leiden tot tal van activiteiten, structuren en maatregelen. De
inspanningen die de organisatie zich getroost om een integer korps te zijn
en de transparantie die daar bij hoort zijn slechts vergelijkbaar met weinig
andere organisaties. Voor de korpsleiding was het onacceptabel toen bleek
dat een aantal politiemensen in diensttijd, met dienstauto’s zonder enig
verklaarbare zakelijke reden, zich ver buiten het eigen bewakingsgebied had
opgehouden. De ernst van deze feiten is gelegen in de aantasting van
beschikbaarheid voor de burger, aantasten van de rugdekking voor de
collega’s en de schade voor het imago van de politieorganisatie.
Aanvankelijk leek het om een geïsoleerd incident te gaan. Al snel bleek dat
het om meer voorvallen ging en dat er ook andere gedragingen onderzocht
dienden te worden. Juist in deze tijden wanneer de roep om een professionele
politieorganisatie zo groot is, zijn gedragingen die in dit onderzoek
onderzocht en aangetoond zijn absoluut verwerpelijk en onverantwoordelijk te
noemen. Deze gedragingen zijn uitermate slecht voor het vertrouwen in en de
tevredenheid over de politie ZHZ. Zij zijn ronduit schadelijk voor het imago
van het korps en ieder individueel lid. Een adequate reactie was vereist..
En niet alleen vanuit een repressieve gedachte maar juist ook vanuit
preventie. Iedereen weet dat politiewerk, binnen een 24 uurs frontline
organisatie met alle situaties denkbaar op het gebied van bevoegdheden,
benemen van vrijheid, geweldsaanwendingen, verantwoordelijkheid voor het
opleggen van sancties en de druk die het werk met zich meebrengt voor de
individuele politieambtenaar, zeer moeilijk werk is en de beslissingen op
straat in een ‘split second’ genomen dienen te worden. Daarnaast veroorzaakt
de vereiste transparantie dat integriteitsschendingen van
politiefunctionarissen veel aandacht krijgen. Juist gelet op het
bovenstaande is de korpsleiding er zich van bewust dat schendingen van
integriteit gebeurtenissen zijn, die het imago van het korps ZHZ schaden.
Het is daarom goed te constateren dat in het korps een collectieve
verontwaardiging ontstond omdat de algemene opinie luidt dat deze
gedragingen onprofessioneel, oncollegiaal en onverantwoord zijn. Daarnaast
is het goed te constateren dat uit de verhoren is gebleken dat er een aantal
collega’s is die elkaar hebben aangesproken. De interventiemechanismen waren
echter niet sterk genoeg om de integriteitsschendingen te voorkomen. Tevens
is de korpsleiding zich er van bewust dat integriteit niet alleen iets is
voor de werkvloer. Het is een doorwrocht cultuurelement van hoog tot laag in
de organisatie, de leidinggevenden voorop. Een andere opvatting van de
korpsleiding is dat uiteindelijk iedere individuele politieambtenaar
verantwoordelijk blijft voor zijn of haar gedrag. De afgelopen periode heeft
het korps te maken gekregen met een aantal perspublicaties waarbij duidelijk
is geworden dat met grote zekerheid vastgesteld kan worden dat de bronnen
hiervoor binnen het korps gezocht moeten worden. Hoewel de verleiding groot
was, heeft de korpsleiding er bewust voor gekozen om zeer terughoudend te
zijn in het commentaar op deze publicaties. Dit alles om het onderzoek niet
te verstoren en daarmee de zorgvuldigheid te bewaren.
5.
Toetsingskader
Bij de afweging die de korpsleiding heeft
gemaakt om te komen tot passende sancties en maatregelen is het goed een
aantal elementen te verduidelijken die deel uit maken van die afweging. Bij
de mogelijkheid en de verantwoordelijkheid om schendingen van integriteit
aan te pakken dan wel te stoppen, is er sprake van een driedeling.
Allereerst de lijnverantwoordelijkheid. Deze weegt het zwaarst en wordt bij
het nalaten om die verantwoordelijkheid te nemen ook daarom het zwaarst
aangerekend. Ten tweede de verantwoordelijkheid, zoals die bijvoorbeeld
bestaat tussen personeel van de meldkamer en van de surveillancedienst.
Vanuit deze verantwoordelijkheid mag verwacht worden dat er vanuit de
meldkamer op functionele basis een interventie plaats zal vinden bij
ongewenst gedrag. Op de derde en laatste plaats de collegiale
verantwoordelijkheid. Juist vanwege het belang dat aan integriteit gehecht
wordt, is het ook de verantwoordelijkheid van de individuele politieman- of
vrouw om interventies te plegen als die noodzakelijk zijn. De korpsleiding
heef tevens de ervaring c.q. anciënniteit van de betrokken politiemensen mee
laten wegen. Verder is meegewogen het al dan niet initiatief nemen, actief
of passief betrokken zijn en het achteraf al dan niet inzien van het eigen
laakbaar gedrag. Als laatste deel van de afweging speelt de huidige
conduitestaat van de betrokken politiemensen een rol.
6.
Sancties en maatregelen
Bij het bepalen van de sancties speelt het
hiervoor omschreven toetsingskader een belangrijke rol. Dit toetsingskader
heeft er mede voor gezorgd, dat met in achtneming van het principe van
rechtvaardigheid, de korpsleiding gezocht heeft naar individuele sancties en
maatregelen die het mogelijk maken een onderscheid te maken naar het
verwijtbare gedrag per individuele politieambtenaar. Alles overziend komt de
korpsleiding voor 12 individuele politiefunctionarissen tot disciplinaire
sancties en maatregelen:
-
3 politiefunctionarissen
: onvoorwaardelijk ontslag;
-
1 politiefunctionaris :
voorwaardelijk ontslag voor de duur van 2 jaar met intrekking van 5
verlofdagen als sanctie met daarnaast als maatregel een gedwongen
verplaatsing buiten zijn district;
-
1 politiefunctionaris :
voorwaardelijk ontslag voor de duur van 2 jaar met intrekking van 5
verlofdagen als sanctie met daarnaast als maatregel een gedwongen
verplaatsing naar een andere ploeg in zijn eigen district;
-
1 politiefunctionaris :
voorwaardelijk ontslag voor de duur van 2 jaar als sanctie met daarnaast
een gedwongen verplaatsing vanaf de meldkamer als maatregel;
-
1 politiefunctionaris :
voorwaardelijk ontslag voor de duur van 2 jaar met intrekking van 3
verlofdagen als sanctie;
-
5 politiefunctionarissen
: schriftelijke berisping.
Daarnaast krijgen
nog zes politiemensen een zogenaamde brief van ongenoegen. Het gaat hier om
politiemensen die wel kennis hebben gedragen van de onderzochte handelingen
maar geen actie hebben ondernomen. De brief van ongenoegen is geen officiële
disciplinaire sanctie maar wordt wel in het personeelsdossier voor een
periode van twee jaar bewaard. Tevens dienst vermeld te worden dat ten
aanzien van nog 3 politiemensen nader disciplinair onderzoek verricht zal
worden om precies vast te stellen wat hun rol is geweest. De korpsleiding is
er zich van bewust dat er streng gestraft is, omdat dergelijke
integriteitsschendingen op geen enkele wijze kunnen worden getolereerd.
7.
Integriteitsbeleid politie Zuid-Holland-Zuid
Anders dan in ‘gewone’ organisaties is
integriteit binnen de politieorganisatie ( met als belangrijk kenmerk het
geweldmonopolie) een onderwerp dat op a; het professioneel handelen
betrekking heeft. Bijzonder aan de politieorganisatie is bovendien dat
politieambtenaren hun professioneel handelen en de daarbij horenden
contacten vastleggen en dat het gebruik van de geautomatiseerde systemen
wordt gelogd. Politieambtenaren werken in ondergeschiktheid aan het bevoegd
gezag. Een politieambtenaar die een voorschrift overtreedt of iets doet of
nalaat dat een goed ambtenaar in gelijke omstandigheden behoort na te laten
of te doen, maakt zich schuldig aan plichtsverzuim en kan disciplinair
worden gestraft, aldus het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp).
Integriteit speelt ook een rol in het prive-leven van politieambtenaren nu
het Barp stelt (art. 59) dat politiemensen zich niet kunnen beroepen op de
omstandigheid dat zij niet in dienst zijn. Integriteit is een onderwerp dat
verweven is in alle onderdelen van de politieorganisatie en alle facetten
van het politiewerk, uitgewerkt in een groot aantal regionale kaders en
protocollen die bij het personeel bekend verondersteld mogen worden.
Onderstaand een aantal voorbeelden van activiteiten binnen het
integriteitsbeleid.
-
Screening van nieuw
personeel, tijdelijk personeel en de in de panden van het korps werkende
mensen die aanwezig zijn zonder permanent toezicht.
-
Voor de uitvoering van
interne onderzoeken zijn gespecialiseerde medewerkers Bureau Interne
Zaken aangesteld (intensief samenwerkend met collega’s van Politie
Rotterdam-Rijnmond).
-
De uit externen bestaande
commissie Toezicht Politiecellen toetst de wijze waarop het korps omgaat
met ingesloten verdachten.
-
Het korps volgt
voorvallen die te kenmerken zijn als (of die in eerste instantie zich
voordeden als) integriteitsinbreuken op de terreinen van
informatiebeveiliging, beveiliging van politielocaties en
toegangsbeveiliging.
-
Medewerkers melden
nevenfuncties aan bij hun lijnverantwoordelijken.
-
Vertrouwenspersonen
stemmen de ter kennis gekomen voorvallen af met de korpsleiding.
Vakmanschap en
integriteit liggen in elkaars verlengde binnen de politieorganisatie. Het is
de zorg van het management om het onderwerp levend te houden. Hoe kritischer
de processen hoe explicieter de aandacht van het management . Bij de meest
kritische processen gelden voor de medewerkers maximale plaatsingstermijnen
en specifieke gedragsprotocollen. De actieve beïnvloeding begint al bij de
sollicitatieprocedures. Integriteit is het eerste onderwerp van alle
competentieprofielen van de medewerkers en is daardoor dus al onderwerp van
gesprek in de sollicitatieprocedures. Na het sollicitatiegesprek en het
veiligheidsonderzoek, door de Algemene Inlichtingen en Veiligheids Dienst (AIVD)
of de Regionale Inlichtingen Dienst (RID) komt integriteit terug als vast
onderdeel , in het introductieprogramma van nieuwe medewerkers. Het reeds
genoemde competentieprofiel vormt ook de basis voor de functionerings- en
beoordelingsgesprekken waardoor het telkens, in dergelijke gesprekken,
onderwerp van gesprek is tussen medewerker en leidinggevende. Monitoring
vindt plaats op tal van onderwerpen. De meldingen van
integriteitsschendingen, de interne onderzoeken, de disciplinaire straffen,
de meldingen bij de vertrouwenspersonen, het onderwerp diversiteit, de
nevenfuncties en de uitkomsten van de screening van de medewerkers worden
periodiek besproken met de korpsleiding. De korpsleiding heeft voorts
periodiek overleg met de parketleiding van het OM en de korpsbeheerder over
disciplinaire en strafrechterlijke onderzoeken.
8.
Leermomenten en vervolgactiviteiten
Het disciplinair onderzoek is gericht op
concreet handelen of nalaten van handleen van individuele medewerkers. Met
de te treffen maatregelen en sancties is het disciplinair onderzoek ten
einde maar niet de managementaandacht. De korpsleiding richt zich op de
toekomst en op de preventie van integriteitsschendingen. Het onderzoek
levert vier belangrijke leermomenten op;
-
Bijzondere aandacht dient
er te zijn voor de volcontinudiensten binnen de organisatie zoals de
noodhulp en meldkamer waar het werkaanbod het karakter heef van pieken
en dalen.
-
Het is gebleken dat een
beperkte groep medewerkers in staat is gebleken ongewenste handelingen
voor de leidinggevenden verborgen te houden. De leiding moet zich
afvragen hoe dit mogelijk is geweest en hoe fit in de toekomst voorkomen
kan worden.
-
Uit de verhoren is
gebleken dat de betrokken collega’s onvoldoende beseffen wat de gevolgen
van hun handelingen zijn voor burgers, collega’s en het imago van het
korps. Het interventiegedrag en corrigerend vermogen als er sprake is
van een mogelijke integriteitsschending moet worden verbeterd.
-
Hoewel op individueel
niveau consensus bestaat over de laakbaarheid van het geconstateerde
gedrag is in de praktijk gebleken dat negatief groepsgedrag heeft geleid
tot ongewenst handelen. Signalen over negatieve aspecten van
groepsgedrag moeten in een vroegtijdig stadium door de leiding worden
opgepakt.
|
|