;

 


VILLAFRANCE

Achtergronden: Alblasserwaard, Drechtsteden, Hoeksche Waard, Vijfheerenlanden en IJsselmonde


in
Zuid-Holland-Zuid

Alblasserwaard

Vijfheerenlanden

Drechtsteden

Hoeksche Waard

IJsselmonde

Achtergronden

Sport

Column

Lezersreacties

Colofon

Links

Archief regionieuws:
Febr. 2004
Maart 2004
April 2004
Mei 2004
Juni 2004
Juli 2004
Aug. 2004
Sept. 2004
Okt. 2004
Nov. 2004
Dec. 2004
Jan. 2005
Febr. 2005
Maart 2005
April 2005
Mei 2005
Juni 2005
Juli 2005
Aug. 2005
Sept. 2005
Okt. 2005
Nov. 2005
Dec. 2005
Jan. 2006
Febr. 2006
Maart 2006
April 2006
Mei 2006
Juni 2006
Juli 2006
Augustus 2006
September 2006

Archief regiosport:
Febr. 2004

Maart 2004
April 2004
Mei 2004
Juni 2004
Juli 2004
Aug. 2004
Sept. 2004
Okt. 2004
Nov. 2004
Dec. 2004
Jan. 2005
Febr. 2005
Maart 2005
April 2005
Mei 2005
Juni 2005
Juli 2005
Aug. 2005
Sept. 2005
Okt. 2005
Nov. 2005
Dec. 2005
Jan. 2006
Febr. 2006
Maart 2006
April 2006
Mei 2006
Juni 2006
Juli 2006
Augustus 2006
September 2006

Terug naar homepage

Goedkope
Hypotheek?

Goedkope
Lening?

 

 

Vuurwerk bij Welkoop Giessenburg
GIESSENBURG - Nog een paar weken en er gaat weer voor zo'n 50 miljoen euro aan vuurwerk de lucht in. Boerenbond - en Welkoopwinkels zijn de grootste vuurwerkverkopers van Nederland.

Met een oorverdovend geknetter en een inferno aan vuur knalt de Desert Storm het zwerk in. Virtueel dan, op internet op de site van Next-Generation.nl. Want in het echt, dat mag pas over drie weken. Via die website kunnen klanten van Boerenbond- en Welkoopwinkels alvast hun vuurwerk bestellen. "Ik had net nog bedrijfsleiders aan de lijn die de eerste bestellingen van gemiddeld tweehonderd euro al binnen hadden", zegt Jos van de Ven van Agri Retail uit Ede. "Maar dat zegt niet zoveel, want er zijn ook genoeg klanten die voor vijf of zes euro kopen." Agri Retail in Ede exploiteert 225 winkels van Boerenbond en Welkoop in Nederland. Daarvan verkopen een kleine 140 vuurwerk. Met 700.000 kilo is Boerenbond/Welkoop de grootste vuurwerkverkoper van Nederland. Het is ook een klantentrekker van jewelste. Het bedrijf warmt potentiële kopers vast op met vuurwerkshows her en der in het land. Maandag is Vorden aan de beurt. "We waren deze week in Eindhoven. Vijftienhonderd man publiek", zegt Frank Janssen. "Dat doen we samen met discjockeys van Radio 538 waar onze spotjes ook te beluisteren zijn. Want dat is onze doelgroep, van 16 tot 35 jaar." Vuurwerk is niet bij alle Boerenbond- en Welkoopwinkels te koop. Jos van de Ven legt uit waarom. "Wij kijken naar het aantal inwoners, naar het aantal zaken in die plaats waar ook vuurwerk wordt verkocht en naar de investeringen die je moet doen." Met meerdere concurrenten in één plaats betekent het dat de spoeling dun wordt en de investering niet rendabel is. Agri Retail is dezer dagen volop bezig de bewaarplaatsen vol te stouwen met vuurwerk dat aangeleverd wordt door de groothandel. Van de Ven: "Bevoorraden kan pas als aan een groot aantal wettelijke regels is voldaan. Elke bewaarplaats in Nederland moet elk jaar worden gekeurd. De installateur moet controleren of de sprinklerinstallaties werken, of de watervoorziening via waterleiding deugt, de pomp of tank functioneert en vorstvrij is. En of er noodstroom voorhanden is voor de brandmeldcentrale. En dat is nog lang niet alles. Dan komt er nog een inspecteur van een inspectiebureau die zegt of de boel in orde is of niet. Zo'n inspectie vergt minimaal anderhalf uur. En dan heb je het over een ruimte van vijftien tot vijfentwintig vierkante meter". Het blijft niet bij de jaarlijkse inspectie; de waterpompen moeten elke week, ook hartje zomer, draaien en dat moet in een logboek worden bijgehouden. Elke maand moeten de brandmelders en sirenes in het pand getest worden. Sinds de vuurwerkramp in Enschede in 2000, is er een lawine van regels
en voorschriften opgesteld voor de vuurwerkbranche. Van de Ven is er dit jaar tachtig procent van zijn werktijd mee bezig geweest. Zijn kennis over de opslag overstijgt die van menig ambtenaar. "We hebben een vermogen geïnvesteerd in al die bewaarplaatsen", zegt hij. "Of er dan nog iets te verdienen valt? Natuurlijk, anders hadden we het niet gedaan." Het vervoer van vuurwerk van en naar de bewaarplaats is allesbehalve routine. "De hoeveelheid vuurwerk die je mag vervoeren hangt af van de grootte van de vrachtwagen en de hoeveelheid kruit in het vuurwerk. Voor sommige wegen moet je ook een vervoersvergunning hebben. De chauffeur van een 'vuurwerkauto' moet een schriftelijke en mondelinge instructie krijgen hoe hij met die stoffen moet omgaan en hoe hij moet handelen bij calamiteiten. De mensen in onze winkels die met vuurwerk omgaan moeten er ook voor opgeleid zijn". Voor het vervoer van het overtollig vuurwerk gelden uiteraard dezelfde eisen. Van de Ven: "Vergis je daar niet in, die retourstroom kan behoorlijk groot zijn. Het is moeilijk om de verkoop goed in te schatten. Het kan wel tot in maart duren voordat alles weer terug is". Welkoop en Boerenbond verkopen minder dan de helft van het vuurwerk via internet. Klanten krijgen een vaste datum en tijdwaarop ze straks het vuurwerk kunnen ophalen. Frank Janssen: "Daarmee voorkom je dat er grote rijen wachtenden ontstaan. En bovendien mag je van de wet niet meer dan een bepaald aantal mensen tegelijkertijd in je winkel hebben." Vrouwen zijn er nauwelijks te vinden onder de vuurwerverkopers. Al heten de klappers of pijlen Toffe Lola, of Mamma Mia, het blijven toys for the boys. "Het is een mannenbusiness", beaamt Van de Ven.

Welkoop Giessenburg vindt u aan de Peursumseweg 25a.

Toespraak 10 jaar burgemeester Noordergraaf
HARDINXVELD-GIESSENDAM - Mijnheer de voorzitter, het is om een bijzondere reden dat ik vanavond, als nestor van de gemeenteraad en namens die raad, het woord tot u persoonlijk wil richten.

Hierbij heet ik ook van harte welkom uw vrouw en kinderen. De bijzondere reden ligt in het gedenkwaardige feit dat u precies tien jaar geleden in een bijzondere raadsvergadering op vrijdag 17 november 1995 als burgemeester van onze gemeente bent geïnstalleerd. In tegenstelling tot het moment waar we nu zitten, zaten we tien jaar geleden ’s avonds met onze evt. partners in restaurant Kampanje om onder het genot van een maaltijd op een meer informele manier met u en uw vrouw kennis te maken. Uw installatie had namelijk in de middag plaatsgevonden. Het jaar 1995 is in meerdere opzichten een gedenkwaardig jaar voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam. Het jaar begon met de zeer ingrijpende evacuatie van een deel van de bevolking in de periode eind januari/begin februari als gevolg van een dreigende overstroming. Gelukkig kwam het niet tot een daadwerkelijke ramp. De ingrijpende maatregelen tijdens deze dreiging, maar ook de plannen daarna tot de dijkversterking, vergde de nodige bestuurlijke inspanningen. Daar kwam echter bíj, dat we reeds in het voorjaar vernamen dat onze toen zittende burgemeester, de heer B. van Wouwe, voorgedragen was tot burgemeester van de gemeente Katwijk en wel per 16 mei 1995. Dat betekende dat er een vertrouwenscommissie benoemd moest worden en een profielschets gemaakt voor de benoeming van een nieuwe burgemeester. Vier van de vijf leden, die deel uitmaakten van de vertrouwenscommissie, maken nog steeds deel uit van het bestuur van deze gemeente, te weten: de heren van Houwelingen, Huisman, Sluimer de De Vos. Alleen haar voorzitter, de heer De Keizer, maakt thans geen deel meer uit van het gemeentelijk bestuur. Nadat de vertrouwenscommissie op 15 juli de namen van de Commissaris van de Koningin, toen nog mevr. Leemhuis-Stout, had ontvangen, is met het horen van de kandidaten na de zomervakantie op 21 augustus begonnen. Reeds na negen dagen had de commissie haar advies rond en het is dan ook op 30 augustus aan de CdK overhandigd. Uiteraard kan ik over het advies zelf geen nadere mededelingen doen. Had de commissie haar feitelijke werk in zeer korte tijd volbracht; het duurde en het duurde maar ........... voor er eindelijk via minister Dijkstal van Binnenlandse Zaken bericht uit Den Haag kwam. En zelfs dat ging nog niet zoals het hoorde, want de pers kwam 1 dag voor het feitelijke koninklijke besluit reeds op de hoogte van deze benoeming, zodat de officiële berichtgeving toen ook maar werd gedaan. Het nieuws bereikte ons op 1 november 1995. Er waren dus inmiddels 2 maanden verstreken, nadat het advies was overhandigd. Officieel luidde het nieuws als volgt: Bij koninklijk besluit van 2 november 1995, is m.i.v. 16 november 1995 benoemd tot burgemeester van de gemeente Hardinxveld-Giessendam: de heer A. Noordergraaf. De heer Noordergraaf (45 jaar) is lid van de SGP. Hij is adjunct-directeur van een scholengemeenschap en oud-wethouder van Barendrecht. Het moet u een genoegen zijn, burgemeester, dat de gemeenteraad van uw voormalige gemeente begin dit jaar unaniem een burgemeester koos van SGP-huize. Na het nieuwsfeit kwam in bestuurlijk Hardinxveld-Giessendam, zoals bij dergelijke benoemingen gebruikelijk is, alles in een stroomversnelling. Reeds twee weken daarna vond namelijk uw installatie in deze raadszaal plaats. De heer J. Haeser, die inmiddels een half jaar als loco-burgemeester fungeerde, mocht u welkom heten en u de ambtsketen om hangen. Uit uw toespraak van destijds wil ik slechts 1 citaat voor het voetlicht halen, omdat dat naar mijn mening uw positie nog steeds kenmerkt.  Ik citeer: “U krijgt vandaag een nieuwe burgemeester die niet volmaakt is, maar wel streeft naar bepaalde idealen. Het gaat daarbij o.a. om de kwaliteit in het bestuurlijk bezig zijn. Daarbij zullen eisen gesteld worden aan mensen die deel uitmaken van het openbaar bestuur. Voor mij zijn daarbij de kernwoorden inzet, kwaliteit en integriteit van belang, waarbij aan alle drie in evenwicht het juiste gewicht moet worden toegekend”. Burgemeester: in de achterliggende tien jaren is er veel veranderd, qua aanzien van de gemeente en qua bestuur. Als ik alles de revue moet laten passeren, denk ik dat u terecht bedenkelijk naar de klok zult kijken, dus dat ga ik niet doen. U heeft diverse wisselingen in het college meegemaakt, al dan niet door toedoen van de politiek. Die wethouders, die deel uitmaakten van het college toen u aantrad, maken daar nu geen deel meer van uit. Ook tussentijds heeft u nog met enkele wethouders samengewerkt, die thans niet meer in het college zitten. Steeds heeft u er echter blijk van gegeven samen te kunnen werken met mensen met verschillende achtergronden en ik geloof zeker namens de gehele raad te spreken als ik zeg, dat u daadwerkelijk blijkt geeft van het staan tussen de partijen. Natuurlijk legt u bepaalde accenten. Maar wel met het doel er te zijn voor de gehele bevolking. Een burgemeester verkeert in zeker opzicht in een glazen kooi. Hij wordt aan alle kanten bekeken en beoordeeld. Voor de een doet hij het goed en voor een ander fout. Wat de raadsvergaderingen betreft wilt u in ieder geval graag alle kikkers in de kruiwagen houden, die soms maar al te zeer geneigd zijn daaruit te springen. Het is soms best wel eens noodzakelijk de discussie in de raad procedureel te sturen.  Het houden van een “bezinnend” woord aan het einde van bepaalde vergaderingen is een goede zaak. Wij zijn wij er van overtuigd dat u wil besturen met de juiste intenties. Naar beste weten en naar eed en plicht. Natuurlijk niet zonder fouten, zoals u het zelf bij uw installatie al aangaf, maar met de dure roeping het beste te zoeken voor uw burgers. Wij feliciteren u van harte met uw tienjarig jubileum en betrekken daarin ook uw vrouw en kinderen. Na deze raadsvergadering bestaat voor een ieder de gelegenheid u te feliciteren met uw jubileum onder het genot van een drankje. De God aller genade geve u de kracht, de gezondheid, die u tot heden in hoge mate geschonken is, en de wijsheid om uw ambt onder Zijn zegen ook voor de toekomst te mogen vervullen. Bij een jubileum als deze, burgemeester, behoort een cadeau. U weet dat de raad een zgn. commissie Lief&Leed kent en die heeft zich dan ook beijverd iets uit te zoeken en namens die commissie zal de heer Sluimer u nu, als blijk van waardering, een attentie overhandigen. Misschien wil mevrouw Noordergraaf ook even hier komen om een bloemstuk in ontvangst te nemen.

Dank u wel.

Jan de Vos, nestor gemeenteraad H'veld-G'dam

Het roer moet om! Hardinxveld-Giessendam verdient een betere toekomst.

Voorzitter, de begroting 2006 ligt voor. Het is een jaar geleden dat dit gemeentehuis tot de nok toe was gevuld met bezorgde burgers. Mensen die het onbehoorlijk vonden hoe dit gemeentebestuur de lasten voor de OZB en allerlei tarieven verhoogde en tegelijk het gemeentehuis voor vele euro’s verbouwt en nieuwe vloerbedekking aanlegt. Wij stemden tegen die begroting. Wij waren het met hen eens en zij met ons. We liepen af en aan naar de interruptiemicrofoon met amendementen en moties en fractiegenoot Van den Bout puzzelde een alternatieve begroting in elkaar. Maar de coalitiefracties SGP, CU en VVD waren vastbesloten om op de ingeslagen weg verder te gaan. Moe en teleurgesteld togen wij rond half drie snachts naar huis. De OZB 60% verhoogd, tarieven gestegen, lasten verwaard, voorzieningen verminderd. Wat heeft het ons opgeleverd en hoe gaan we nu een jaar later verder?

 

Voorzitter, wij zijn ontevreden, nog steeds. Dit college is er een van boekhouders. Rekenmeesters die net zo lang doorpuzzelen tot de begroting sluitend is. We zien te weinig visie. Als subsidies worden geschrapt moet de vereniging, de SKEW, de IGO het zelf maar uitzoeken. Als belastingen verder opgeschroefd moeten worden dan moet de burger maar niet zo zeuren, want we zitten nog steeds op het landelijk gemiddelde. Als de bouw van een sporthal langer uitgesteld moet worden, dan zoeken de scholen en verenigingen maar elders onderdak. Als het onderhoud aan wegen, riolen en sloten tekortschiet dan grijpen we pas in als het water tot aan de lippen staat. Als regionale samenwerking geld kost dan schermen we ons verder af door te doen alsof we de regio niet nodig hebben. Als de jeugd, die in de weekenden en avonden niet in het Hervormd Centrum of bij de sportvereniging zit, over straat loopt dan doen we net alsof daar geen probleem bestaat. Als het Rijk een groot deel van de ouderenzorg en maatschappelijke dienstverlening naar ons doorschuift, maar er niet voldoende geld bij geeft, wijzen we dan naar Den Haag en moeten de zwakkeren in onze gemeente het voorlopig maar uitzoeken? Als het betekent dat dit gemeentebestuur alsmaar geen inspirerende visie op de toekomst van onze gemeente kan neerzetten dan suggereert de burgemeester gewoon herindeling.

 

Voorzitter, boekhoudersmentaliteit staat ons tegen en getuigt van weinig gevoel van wat de Hardinxveld-Giessendammer van ons verwacht. Den Haag heeft VVD-boekhouder Zalm, Hardinxveld-Giessendam heeft VVD-boekhouder Huisman. Het bestuur zit onder het juk van rekenmeesters. De PvdA fractie wil daar niet aan meedoen. Waarom pleiten voor herindeling als er zoveel moois van ons eigen dorp te maken is? Waarom een koele reactie op de wateroverlast als burgers betrokkenheid vragen? Waarom een negatieve houding tegenover diegenen die het de moeite waard vinden om het 50jarig jubileum van de gemeente te vieren? Waarom niet serieuzer het onderhoud en de verwaarlozing van de leefomgeving te lijf gaan? Waarom niet creatiever samenwerken met zorginstellingen, artsen en vrijwilligers? Waarom bij alles de bestuurlijke reactie geven dat we geen geld hebben en dat daarom overleg nauwelijks zin heeft? Wij noemen dat geen bestuurlijke kracht, maar bestuurlijke kramp. Beleid is pas financieel sterk als het ook sociaal sterk is. Pas dan kun je uit de kramp komen.

 

 

Hebben we met de begroting de boel op orde, kunnen we de toekomst aan?

Wij zien drie hoofdproblemen.

 

Probleem 1.  Een visie op de toekomst van Hardinxveld-Giessendam ontbreekt.

Wij willen allereerst de burgemeester aanspreken op de suggestie die hij in de media heeft gewekt over gemeentelijke herindeling. Hoe heeft u uw uitspraken bedoeld? Hoe ziet uw visie op de toekomst van ons dorp eruit? Zijn wij niet in staat om ons dorp goed te besturen? Hoeveel investeringen moeten we nog doen in het licht van de begroting als u pleit voor herindeling? Verbouwen wij eerst voor veel geld ons gemeentehuis om het daarna te sluiten? Bovenal: vanuit welke rol heeft u uw uitspraken gedaan? Als voorzitter van het college? Wat is dan de lijn van het college? Als voorzitter van de Raad? Hebben wij dan iets gemist? De PvdA vraagt een heldere uitspraak van zowel het college als de fracties in deze gemeenteraad. Vindt u dat deze gemeente in staat is zich zelfstandig te besturen? Voor de PvdA leidt dat geen twijfel, dan is wel een sterke visie op ons dorp in de regio nodig. Wij vinden dat deze ontbreekt.

 

 

Probleem 2. Dit college rekent zich rijk.

Terwijl de begroting bijna sluitend gerekend is blijven er tal van uitgaven over waarvan je je kunt afvragen of ze niet veel hoger uitpakken. Vijf pijnpunten:

 

Pijnpunt 1: Collectief Vraagafhankelijk Vervoer.

Voor ons is erg belangrijk dat HG bereikbaar blijft via openbaar vervoer. Via het CVV is er toch vervoer op maat. Er wordt veelvuldig gebruik van gemaakt, maar wat is de verwachting van het college hierbij? Hoe ontwikkelen de uitgaven zich en hoe realistisch is de begroting op dit punt? Wat zijn de consequenties als het niet toereikend is? Hoe voorkomen we dat, zeker als de light rail er niet zou komen, dat het CVV aan het eigen succes ten onder gaat ten koste van de bereikbaarheid van ons dorp?

 

Pijnpunt 2: Zorg en maatschappelijke dienstverlening

De gemeente wordt via de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) verantwoordelijk voor onder meer huishoudelijke hulp, welzijn en gehandicaptenzorg. Het vervelende is dat de nieuwe wet er nog niet is. Zeker is wel dat de nieuwe taken eraan komen en dat de eerste jaren daarvoor gelden komen via het Gemeentefonds. Het is niet ondenkbaar dat in een vergrijzende gemeente als de onze de behoefte aan zorg echter groter wordt. Hoe realistisch is in dat licht onze begroting? En wat betekenen persoonsgebonden budgetten en eigen betalingen voor de gemeentebegroting en voor de lasten van burgers? Wat doen wij als de uitgaven stijgen? Zijn we opnieuw de boekhouder, maken we de begroting sluitend en verwijzen we onze burgers naar Den Haag? Is de raad bereid een voorziening of reserve voor onvoorziene uitgaven te creëren? De zorg voor onze ouderen en zieken moet toch bovenaan het lijstje staan?

 

Ten aanzien van de uitvoering waarderen wij dat de wethouder regionaal naar oplossingen zoekt, maar vergeet hij niet iets teveel de mensen die in onze eigen gemeente al wat langer dan hij hier woonde actief zijn? Ons is gebleken dat zorgaanbieders, cliëntenorganisaties, huisartsen, woningstichting en onze burgers zich veel zorgen maken. Bedenken gemeente en regio in de ivoren torens hoe de zorg georganiseerd moet worden? Waarom niet veel eerder met de mensen uit de lokale praktijk in overleg? De PvdA vindt dat zij moeten meepraten over wat kwaliteit is en hoe een zorgloket opgezet moet worden. Zij weten hoe belangrijk het praatje van de huishoudelijke hulp is, en dat je iemand van je eigen identiteit om je heen hebt als je ziek bent. Dat moét gevolgen hebben voor de wijze waarop de gemeente zorg gaat aanbesteden en inkopen. Het fiasco met het leerlingenvervoer heeft dat geleerd. Er komen nu drie werkgroepen met verschillende groepen belanghebbenden, bovenop allerlei bestaande projectgroepen. Waarom niet een werkgroep met alle partijen erin? Gaat het niet om samenwerken? Wat wil de gemeente met die aparte werkgroepen bereiken en hoe voorkomen een te uitgebreid vergadercircuit?

 

Pijnpunt 3: Gemeentelijk loket voor sociaal beleid

Wij lezen in de begroting dat de IGO daar een succesvolle rol bij speelt. De bezuiniging op de IGO (en ook op Rivas) bevreemdt ons dan. Hoe kijkt het college aan tegen de rol en status van de IGO? Waarom, als het volgens het college om belangrijke gemeentelijke taken gaat, wordt er een bedrag van 40 duizend euro bezuinigd op het moment dat meer inzet bij alle taken nodig is? Hoe verantwoord is deze bezuiniging en welke consequenties heeft het voor de uitvoering van het gemeentelijk beleid? Bovendien, levert het echt bezuiniging op als personeel op wachtgeld komt te staan? Dat laatste lijkt ons onwenselijk.

 

Pijnpunt 4: Jeugdbeleid

Bij de SKEW speelt hetzelfde. Is het niet wat raar om te bezuinigen op iets waar je zelf om vraagt? Wat gaat dat bovendien aan wachtgeld kosten en welke gevolgen heeft het voor de uitvoering van gemeentelijk beleid? Dit is typerend voor het failliet van ons jeugdbeleid. Nadat vorig jaar belangrijke onderdelen waren geschrapt – van jeugdgemeenteraad tot subsidies en avonden in de Ducdalf – zien we nu dat veel zaken worden uitgesteld of naar scholen en de zorg worden doorgeschoven. We maken ons nog druk om diegenen die onderwijsachterstanden hebben en zich op straat niet gedragen. Ze moeten het maar bij verenigingen zoeken, die we overigens ook korten. Maar wat met alle jongeren die dat niet doen? Wat met de uitgaansgelegenheid in ons dorp? Is het niet tijd voor een meerkroegenbeleid en ruimere openingstijden voor Dukdalf en Huijbjesburcht? De PvdA vindt dat het ook voor jongeren leuk mag zijn om hier te wonen. Hoe creatief kun je zijn in samenwerking met horeca en bedrijfsleven? Daar is tie weer…. het vraagt om overleg en goede wil, om besef dat de jeugd de toekomst heeft. Die visie ontbreekt nu.

 

Als het gaat om sportaccomodaties dan moet er nu eens iets gebeuren. We hebben dat allemaal al vaker gezegd, maar steeds stapelen de onderzoeken zich op elkaar en eindigen we in niets doen. Begin met een sportvoorziening in de westwijk en laat ruimte om die later eventueel uit te bouwen tot een grotere voorziening met tribunes en foyer, maar zit niet stil. Juist omdat we ook de scholen en sportverenigingen serieus moeten nemen is het van belang nu de eerste stap te zetten. Kan het college bevestigen dat dit gaat gebeuren, op welke termijn en dat de besluitvorming over de verdere accomodaties daarna volgens het met ons afgestemde stappenplan zal plaatsvinden?

 

Pijnpunt 5: de lokale belastingen en tarieven

De OZB. Je zou bijna zeggen: “Die kunnen we gelukkig niet veel meer verhogen. Dat is een hele rust, voor ons, maar vooral voor de burger”. De onbehoorlijke manier waarop Den Haag de gemeenten hun beleidsruimte afpakt is weliswaar schandalig, maar onze boosheid over de verhogingen in onze gemeente is niet weg. We worden tenminste door de afschaffing van het gebruikersdeel OZB gedwongen om niet ongebreideld te verhogen. We moeten scherper  aanbesteden, meer samenwerken, beter communiceren en efficiënter werken. Daar valt veel te doen.

 

Speciale aandacht vragen we nog voor de grafrechten. Kan het college ons nog eens nader toelichten hoe de verhogingen op dat punt ontstaan? Die zijn toch wel heel flink. Het kan toch niet zo zijn dat winst gemaakt wordt op de dood… We willen graag een verklaring hoe dit zit en de garantie dat deze tarieven nooit meer dan kostendekkend zijn.

 

Kortom, rekenen we onszelf rijk met deze begroting? Een ding is duidelijk: met een rekenmeestersmentaliteit komen we er niet. We moeten beter inschatten wat ons te wachten staat en bepalen welk voorzieningenniveau wij willen voor onze burgers. De visie daarop ontbreekt en wij hebben aangegeven op welke punten wij beter doordacht beleid wensen.

 

 

Probleem 3. Tekortschietende communicatie en falend dualisme.

Doen we het goed? Is de raad namens de burger in staat om BenW goed te controleren, zodat gebeurt wat we kiezers beloven? Te weinig, vinden wij. Wijkavonden organiseren. Interactief beleid maken. Spreekrecht. Goede voorlichting en communicatie. De burger serieus nemen. Overleg met belanghebbenden. De luiken open, transparant bestuur. Wat stelt het nog voor als je als gemeentebestuur het communicatie- en voorlichtingsbudget voor een belangrijk deel wegbezuinigt. We kunnen net onze verplichte advertenties over bouwvergunningen en aankondigingen plaatsen. Er is dus geen geld voor al die andere zaken. Wij willen van dit college weten of zij hiermee de taken, en de verwachtingen die wij hebben, waar kan maken. Dat geldt ook voor het reageren op klachten, brieven en mails over bijvoorbeeld onderhoud en de verwaarlozing van de openbare ruimte, zoals bij de keten aan de dijk in Boven Hardinxveld. Wij willen van de gemeenteraad weten hoe serieus ze het contact met de burger neemt als er nauwelijks communicatiebudget is en of daar niet meer nodig is. Bovenal blijft het ons een doorn in het oog dat de burger niet op elk gewenst agendapunt mag inspreken en dat er in de raadszaal geen microfoons op tafel staan. Wij menen dat het op al deze punten de burger lastig gemaakt wordt mee te praten en de raad moeilijk gemaakt wordt het werk effectief te doen. Dat was niet de bedoeling van het dualisme, het gaat dus niet goed.

 

Het roer moet om! Hardinxveld-Giessendam verdient een betere toekomst.

Ik begon met de rekenmeestermentaliteit die de begroting tot stand heeft gebracht. Er zit geen gevoel in. Waar is de betrokkenheid? De visie op de toekomst van HG? Bestaan we over een paar jaar nog? De begroting hoort over die toekomst te gaan. Het raadsprogram is uitgekleed en tot een ambtelijke rekenexcercitie gemaakt over beleidsnota’s. De toekomst van ons dorp bestaat niet uit beleidsnota’s! ‘In dat soort gelul kun je niet wonen’, stelde mijn overleden partijgenoot Schaeffer ooit. Het moet gaan over mensen en hun zorgen. Het lijkt erop dat dit college en de partijen die het steunen zich vooral bekommeren over de vraag of de cijfertjes kloppen. U past op de tent, dat is alles, en zelfs dat gaat u slecht af! Gelukkig komen er verkiezingen, eindelijk is de burger weer echt aan het woord. Wij rekenen erop dat burgers kiezen voor een visie op ons dorp als een plaats waar het prettig wonen is, waar gezorgd wordt voor jong en oud, waar verwaarlozing van de openbare ruimte effectief aangepakt wordt, waar uitgaan en sport geen vieze woorden zijn, waar je kunt rekenen op je gemeente en trots zegt: ik ben Hardinxveld-Giessendammer!

 

Partij van de Arbeid

3 november 2005

‘Gemeente op weg naar betere tijden'
ALBLASSERDAM / DRECHTSTEDEN - De gemeente Alblasserdam is op weg naar betere tijden. Het onderstaande is een vervolg van het artikel op de pagina Drechtsteden 'Rapport bestuurskrachtmeting op agenda'.

De bestuurskrachtmeting in de Drechtsteden vindt plaats op verzoek van de provincie Zuid-Holland en is uitgevoerd door Bureau Berenschot. In mei 2005 is gestart met het onderzoek in zes van de zeven Drechtstedengemeenten: Alblasserdam, Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht. Onderling vergelijken van de bestuurskracht is niet mogelijk, vanwege de verschillende (maatschappelijke) opgaven die iedere gemeente heeft. Door het onderzoeken van documenten en het houden van interviews met bestuurders, medewerkers en vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties wordt een beeld gevormd van de bestuurskracht van iedere gemeente. De gemeente wordt beoordeeld op vier rollen: als bestuur, als dienstverlener, als organisatie en als participant. De gemeente Alblasserdam heeft in vergelijking met andere gemeenten van dezelfde grootte veel grote onderwerpen die de aandacht en inspanning van politici, bestuurders en medewerkers vragen. Voorbeelden hiervan zijn grote herstructureringsprojecten zoals Drentse Buurt en Oude Buurt en (her)ontwikkeling van bedrijventerreinen zoals Nieuwland, Haven-Zuid en Verolme. Daarnaast heeft Alblasserdam een noodzaak tot bezuinigen. In de komende jaren moet per jaar 1 miljoen euro worden bezuinigd. Raad en college zijn het er over eens dat er geen lastenverzwaring voor inwoners plaatsvindt. Inmiddels heeft het college voor 2006 een flink pakket aan bezuinigingsmaatregelen en ombuigingen getroffen om de begroting sluitend te kunnen presenteren. De begroting wordt gepresenteerd met een klein voordelig resultaat. De gemeentelijke heffingen stijgen met ongeveer 2%, maar door de afschaffing van het OZB-gebruikersgedeelte dalen de lasten fors. Sinds mei 2005 is de organisatie van de gemeente omgebouwd van een sectorenmodel naar een directiemodel waarbij de gemeentesecretaris en de afdelingshoofden de directe schakel vormen tussen medewerkers en bestuur en waardoor sturing en structurering wordt verbeterd. Ook de verscheidenheid in bestuursstijlen binnen het college kan hierdoor worden gestroomlijnd. De gemeenteraad functioneert naar behoren. De raad stelt zich onafhankelijk en initiatiefrijk op. Ook is er een gezonde relatie tussen raad en college: levendig, kritisch en soms onvoorspelbaar. Inmiddels is ook een nieuwe gemeentesecretaris benoemd die per 1 januari 2006 aan de slag gaat. Omdat deze verbeteringen niet in de meting zijn meegenomen, scoort de gemeente Alblasserdam matig als het gaat om de rol van de gemeente als bestuur en als organisatie. Positief punt voor de gemeente is dat inwoners op vele manieren worden betrokken bij de beleidsvorming. Het meest recente voorbeeld hiervan is het interactieve proces rondom het opstellen van de ruimtelijke toekomstvisie voor Alblasserdam, op initiatief van de gemeenteraad. Ook heeft de gemeente een vaste aanpak voor bewonersparticipatie bij reconstructie van wegen en leefomgeving. Alblasserdam probeert daarbij zijn schaal optimaal te gebruiken: klein genoeg om de menselijke maat te houden en groot genoeg om de ambities waar te maken. Alblasserdam kent een redelijk compleet voorzieningenniveau, waarbij de nadruk ligt op voorzieningen voor ouderen, terwijl de voorzieningen voor jongeren beperkt zijn. Ook op het gebied van toerisme is er behoefte aan meer voorzieningen. Alblasserdam kent nog geen elektronische dienstverlening, maar in regionaal verband wordt gezocht naar oplossingen. De rol van de gemeente als dienstverlener wordt als voldoende beoordeeld. Alblasserdam is zich er van bewust dat ze niet al haar taken en voorzieningen zelfstandig en op hoog niveau kan uitvoeren en zoekt hiervoor een oplossing in regionale samenwerking. De gemeente stelt zich in Drechtstedenverband actief, constructief, maar kritisch op. Per 1 januari 2007 sluit Alblasserdam zich aan bij de Intergemeentelijke Sociale Dienst die samen met Papendrecht, Sliedrecht, Zwijndrecht, Dordrecht en Hendrik-Ido-Ambacht wordt opgericht. De rol van de gemeente als participant wordt dan ook als voldoende beoordeeld.

Rabo-directeur Riebergen:
'Legitimeren niet leuk, maar het moet”
SLIEDRECHT / GRAAFSTROOM - “Ik ben al jarenlang klant, jullie kennen mij. Waarom moet ik nu toch een legitimatiebewijs laten zien?” Dat horen de bankmedewerkers van hun vaste klanten. Ad Riebergen, Algemeen Directeur van de Rabobank Sliedrecht-Graafstroom hoort zowel via zijn medewerkers als via de klanten veel vragen en klachten over het legitimeren.

“De rijksoverheid heeft wetten gemaakt die de banken dwingen om heel strikt met legitimeren om te gaan. Het is nu eenmaal zo dat er minder betrouwbare mensen rondlopen die ook allerlei financiële malversaties plegen. Fraudes en witwassen zijn de bekendste onwettige handelingen. Men probeert banken hierbij  te misbruiken. Helaas moeten we constateren dat dergelijke praktijken ook in de Alblasserwaard kunnen voorkomen. Ook financiële stromen van criminele en terroristische organisaties zijn via de banken eventueel te achterhalen. Om de opsporing te vergemakkelijken is het kunnen achterhalen van iemands identiteit dan ook een sterk middel. Daarom werken alle banken er aan mee dat de identiteit van alle klanten wordt vastgelegd”, aldus de directeur. Hij voegt daaraan toe dat ook hier geldt dat de goeden (helaas) onder de slechten moeten lijden. Riebergen realiseert zich dat het soms raar is om iemands legitimatiebewijs te vragen terwijl je die persoon al jaren kent. De wet schrijft voor dat een van de bankmedewerkers van élke klant ook daadwerkelijk een geldig legitimatiebewijs moet hebben gezien. Er wordt dan een kopie gemaakt met de aantekening dat het echte document gezien is. Doet een bankmedewerker dit niet dan is hij of zij, en tevens de bank, strafbaar. De spelregels zijn zodanig streng dat het niet mogelijk is om iemand anders met jouw identiteitsbewijs naar de bank te sturen. Je moet echt zelf komen. Verder moet het een geldig bewijs zijn. Een verlopen paspoort is dus niet voldoende. Het kan dus voorkomen dat de klant kosten moet maken voor een nieuw, geldig paspoort of identiteitsbewijs. Deze kosten zijn niet te verhalen op de bank. Het is nu eenmaal de overheid die dit verplicht stelt. Naast het eenmalig registreren van een geldig legitimatiebewijs moet de klant zich ook later opnieuw kunnen legitimeren op verzoek van de bank. Riebergen: “De meeste klanten begrijpen de noodzaak van een goede identificatie, ook al is het even vervelend als een bankhandeling niet kan plaatsvinden omdat een geldig identiteitsbewijs ontbreekt. In de komende maanden nodigen alle banken hun klanten uit om een eventueel ontbrekend document op de bank te laten zien. We gaan ervan uit dat daarmee toekomstige irritaties worden voorkomen”.

'Studeren is keuzes maken'
ROTTERDAM - Op hun vierde weten ze het zeker: ze worden brandweerman, dierenverzorger of juf. Maar tegen de tijd dat leerlingen écht moeten gaan kiezen wat ze ‘willen worden’, heeft die zekerheid vaak plaatsgemaakt voor twijfels. Hoe kun je dan toch weloverwogen een studie kiezen? En wat komt daar allemaal bij kijken?

Gelukkig bieden hogescholen en universiteiten de aankomende studenten heel veel mogelijkheden om zich goed te oriënteren. Iedereen kent wel een voorbeeld van iemand die iets compleet anders is gaan doen dan dat waarvoor hij of zij gestudeerd heeft. Toch blijft voor de meeste mensen hun studiekeuze bepalend voor de richting van hun verdere loopbaan. Daarom is het maken van de juiste keuze zo belangrijk. Een goed gemotiveerde keuze is bovendien ook de belangrijkste voorwaarde voor succes. Want studeren, zeker aan de universiteit, vergt behoorlijk wat inzet en zelfdiscipline. Maar om goed te kunnen kiezen is het essentieel om eerst te weten wat de mogelijkheden zijn. Daarvoor kan een aankomend student terecht op de websites van universiteiten en hogescholen, hij kan brochures aanvragen en studiebeurzen en open dagen bezoeken. Met name de open dagen zijn nuttig, omdat je daar direct de sfeer kan proeven. Ook voor ouders, die vaak een stimulerende of spiegelende rol hebben in het keuzeproces, is het nuttig om zich goed te laten informeren. Steeds meer instellingen organiseren speciale voorlichtingsbijeenkomsten voor ouders. Daar wordt vaak niet alleen ingegaan op het onderwerp ‘studiekeuze’, maar ook op veel andere aspecten van het studeren. Daarbij valt te denken aan een toelichting op de nieuwe bachelor-masterstructuur van universitaire vervolgopleidingen, waarbij de student eerst in drie jaar een bacheloropleiding volgt en zich daarna in één of twee jaar kan specialiseren tijdens een masteropleiding. Andere onderwerpen die veelal aan bod komen zijn ‘wat wordt er van de student verwacht?’, ‘wat kost studeren?’ en ‘welke begeleiding en voorzieningen zijn er voor studenten?’. Voor schoolverlaters die weten – of denken te weten – wat ze willen gaan doen, bieden veel onderwijsinstellingen gelegenheid voor een intensievere kennismaking met de studie. Zij kunnen dan tijdens proefcolleges of meeloopdagen ervaren wat studeren inhoudt, hoe de sfeer is en of de studie inderdaad aansluit bij hun verwachtingen. Wat minder vrijblijvend is de mogelijkheid van ‘proefstuderen’. Hiervoor zijn vaak ook maar een beperkt aantal plaatsen beschikbaar, die worden vergeven aan de meest gemotiveerde leerlingen. Door deel te nemen aan dit soort kennismakingsactiviteiten kunnen leerlingen soms ook studielasturen verdienen. Kiezen voor een studie betekent ook kiezen voor een bepaalde universiteit of hogeschool en, niet in de laatste plaats, voor een stad. Rotterdam is dan een uitstekende optie. Een dynamische stad met een universiteit die scherpe academici aflevert. Academici die denken en doen perfect kunnen combineren en daarmee een streepje voor hebben op de (internationale) arbeidsmarkt.

Voor wie meer wil weten, organiseert de Erasmus Universiteit Rotterdam op 5 november een voorlichtingsdag. Speciaal voor ouders is er een Ouderdag op 22 november met algemene informatie over studeren, dus niet speciaal gericht op de opleidingen van de Erasmus Universiteit.

Voor meer informatie:
www.scholieren.eur.nl
www.ouders.eur.nl
www.vsnu.nl (onder tabblad ‘studeren’)

Verslag overleg wateroverlast 3-10-2005 H'veld-G'dam:
Plaats: raadzaal gemeentehuis

Aanvang: 16.00 uur

Aanwezig:  

Dr. Klapwijk GG en GD Dordrecht

Janssen technisch ambtenaar gemeente

Huisman wethouder

Noordergraaf burgemeester

Scharlo Waterschap

van Eijk water en riooldeskundige

Vaal ambtenaar rampenbestrijding

Nieuwenhuis ambtenaar

Hilders persvoorlichtster

Brandweer

Pers

 

Bewoners Nieuweweg

Piet Korevaar: nieuweweg   /  wetering-parallelweg even nummers

Janny  de Rooy: nieuweweg  /  wetering-parallelweg oneven nummers

Jan Nederveen: nieuweweg   / A15 rivierdijk oneven nummers

Lia Nomen: nieuweweg         / A15 wetering oneven nummers

Hans Nomen: nieuweweg    /  A15 wetering oneven nummers (notulen)

 

1) Opening en welkomstwoord:

Dhr Huisman heet ons allemaal van harte welkom.

 

2) Voortgang actiepunten c.q. afspraken bijeenkomst 15 september 2005

Op 15-9 is aan de agenda : afspraak schadevergoeding toegevoegd

Vastgesteld dat bewoners niet gezamenlijk met de gemeente de contacten met

de pers aangaan, ieder gaat zijn eigen weg.

De afgesproken schouw is gehouden, de uitkomst is op schrift gesteld

De gemeente heeft contact gehad met GGD

 

3)Toelichting GGD

Dr. Klapwijk GGD: De GGD besloot dat het niet zinvol was een onderzoek te starten

en adviseerde de bewoners met last van diarree naar de huisarts te gaan. Later heeft

de GGD in overleg een brief bij de bewoners bezorgd op 23 september.

(rond 19.00 u. zelf de brief ontvangen)

Volgens Klapwijk is er gereageerd door een mevrouw met kinderen, ook haar

honden waren niet bestand tegen het vuile water.

Vraag van Lia Nomen: wat voor gevolg heeft deze viezigheid in huis en tuin voor de

gezondheid. Klapwijk: Het gaat vooral om bacteriën in ontlasting  en deze zijn na een aantal dagen dood. Lia: dit is strijdig met een milieudeskundige die ons vertelde dat

er zeker in het riool agressieve bacteriën/parasieten aanwezig zijn die het maandenlang

volhouden. Volgens Klapwijk was er geen sprake van chemicaliën, Lia zet hier haar

vraagtekens zijn. Er is n.l. water weggepompt bij de garage van Indumij vandaan(voorheen

Schipper) Een ieder weet dat in een garagebedrijf schadelijke stoffen aanwezig zijn, en

in hoeverre zijn deze in de sloot, en vervolgens op de tuinen en in de huizen aangekomen.

De heren achter de tafel blijven het antwoord hierop schuldig.

Maar volgens Klapwijk kun je best uit je groentetuin eten, mits je het maar goed afspoelt.

Klapwijk vraagt of er nu nog sprake is van Diarree. Janny de Rooy kent een mevrouw die

nog steeds last heeft van diarree, Klapwijk geeft aan dat dit misschien overgedragen is door

huisgenoten. Janny de Rooy: de mevrouw waar ik het over heb: woont alleen.

 

4)Uitwisseling opmerkingen met betrekking tot het plan van aanpak samengevoegd

    met de punt 5: toelichting vervolgstappen voor de korte termijn en punt 6: toelich-

    ting vervolgstappen voor de langere termijn

van Eijk komt met een reeks getallen, neerslag hoeveelheden, waterstanden en wat iets meer zij. Kortom het was extreem die vrijdag en die zaterdag en daar kan niemand wat aan doen. Het riool is hier niet op berekend en ook het “”stedelijk waterplan voorziet niet in oplossing alle problemen”

Maatregelen voor de korte termijn:

1)-controle watergangen vanaf heden tot medio 2006

2)-calamiteitenbemaling vanaf heden

3)-ringsloot over het spoor medio 2006

4)-stedelijk waterplan nieuweweg middendeel maart 2006

5)-advisering nieuweweg (overig) maart 2006

6)-toetsing riolering dec. 2005

7)-verbetering riool dec. 2006

8)-bestuurlijk overleg waterschap/gemeente 11 oktober 2005

Maatregelen langere termijn:

9)-quick scan wateroverlast eind 2005

10)-omvang wateropgave(berging) 2006

11)-realisatie wateropgave (berging) 2006-2015

 

2)Lia: wat houdt de calamiteitenbemaling concreet in in. Scharlo: Het neerzetten  van noodpompen die in geval van extreme regenval ingezet zullen worden. Er moet in overleg

gezocht worden waar ze geplaatst gaan worden. Lia: en wie gaat aangeven wanneer

de pompen in werking gezet moeten worden. Scharlo: dat moet nog overlegd worden.

 

1)Controle watergangen:

Verbreden en uitdiepen sloot, en de beruchte duiker bij de BAM aanpassen.

 Scharlo: Er wordt gevraagd aan de bewoners of ze

mee willen werken en indien nodig grond willen afstaan. Lia: en als de bewoners niet

meewerken wat dan. Hans Nomen: We hebben de uitkomst van de schouw in statistieken

samengevat en de vraag is daar ook gesteld: In de 70 er heeft de gemeente ook al

eens zo iets uitgehaald: grondruil voor: JAWEL LET OP EEN RIOOL!

Opmerking van een oudere bewoner: “We hebben de helft van de sloot aan de gemeente

verkocht van 1 gulden in ruil voor een riool, hadden we nooit moeten doen, heeft

ons niets dan ellende gebracht”

(ik zie de heren achter de tafel naar elkaar kijken, maar geen reactie)

 

6 en 7) toetsing en verbetering riool: Lia: begin dec. 2005 en uitvoering 2006, de hoeveelheid

neerslag van 10 september komt volgens jullie eens in de 100 jaar voor, maar de volgende

100 jaar is op 11 september begonnen, dus morgen kan het weer zo zijn. Jullie beginnen

2005 en brengen het tot uitvoer in 2006. Ook stelt zij de vraag is er wel geld beschikbaar

gesteld in de begroting van 2006 voor het oplossen van de water/rioolproblemen.

Volgens Huisman is er geen geld beschikbaar, alle investeringen zijn doorgeschoven.

Noordergraaf mengt zich in de discussie en zegt dat dat een zaak van de gemeenteraad

is en aanstaande donderdag zal dat aan de orde komen. Lia vraagt aan van Eijk:

“Als het goed begrepen heb moeten wij leren leven met deze bestaande situatie, voor

 wat

wateroverlast betreft ?” Na van heen en weer geschuifel van van Eijk een bevestigend

JA

Huisman zegt dat het riool goed functioneert en een neerslag van 19 mm kan verwerken.

Hij vindt het niet nodig aanpassingen aan het riool te doen. Volgens zijn zeggen is

het rapport van de Grontmij voldoende duidelijk. Lia: jullie hebben de bewoners

“geschouwd” en als eerste komt naar boven uit ons onderzoek : het niet functioneren

van het riool ! Hoe zit dit dan ? Huisman: ik heb met het rapport van de Grontmij te maken en verder niets.

Lia, maar heeft u dan niets met de mening van de bewoners te maken. Huisman nee,

de beleving van de bewoners is inderdaad onjuist, en zij zullen hiermee moeten leven.

Huisman gaat verder: Het probleem is ook dat de vloerhoogte in de huizen lager ligt

dan het riool. Lia: Hoe komt dit. Je kan n.l. ook in een put geholpen worden.

Eerst waren er de huizen aan de nieuweweg, vervolgens gaat de gemeente een wijk

bouwen (wielwijk) die hoger ligt dan de bestaande bebouwing en ook wordt voortdurend

de weghoogte van de nieuweweg omhoog gebracht door er telkens een laag asfalt op

te brengen. En wat krijgen wij te horen: jullie huizen staan op veen, en zakken !

Lia: Wij hebben 15 jaar geleden een keuken aangebouwd, u kunt komen kijken maar

die is echt niet gezakt na 15 jaar en er is geen scheur in de aanbouw te bekennen !

Lia vraagt aan Huisman: het stedelijk waterplan is in 2002 opgesteld, in 2003 vastgesteld

en goedgekeurd door de gemeenteraad. Wat heeft u tussen 2003 en heden gedaan ?

het antwoord van Huisman: NIETS.

Noordergraaf: wij hebben hier een plan van aanpak voor zowel de korte als de lange

termijn en hier zullen jullie het mee moeten doen, of je het er mee eens ben of niet.

 

Brandweer:

Lia vraagt of de brandweer een actueel aanvalsplan heeft. De burgemeester bevestigt dat het aanvalsplan aangepast wordt na zulke situaties Volgens burgemeester Noordegraaf kent de brandweer de situatie door en door en weet elk slootje te liggen.

Lia twijfelt aan het optreden van de brandweer en zegt dat zij denkt dat de toestand

mogelijk minder erg zou zijn geweest als de brandweer niet in de sloot achter de huizen

had gepompt. De brandweer ontkent dat zij fouten gemaakt gemaakt heeft. Lia

zegt dat zij andere informatie heeft en dat die op papier heeft gekregen van ooggetuigen.

Lia zegt vervolgens dat ze hierop terug zal komen.

 

Baggeren:

Hans Nomen: Op een van de terugontvangen “schouw” formulieren wordt gezegd

dat zij niet zelf mogen baggeren omdat de bagger is vervuild door de riooloverstort.

(nota bene een formulier van een gemeenteraadslid)

Hoe kan het dat aan het gedeelte van de nieuweweg tussen wetering en spoorlijn

in samenwerking met de ijsclub door de bewoners de sloot is uitgebaggerd, en wat is er met

dat vervuilde slib gedaan ?

Scharlo: maar de sloot is toch van de bewoners. Antwoord: maar de vervuilde bagger

vanuit de riooloverstorten toch niet ! Jan Nederveen: Wie heeft hier de baggerplicht.

Het vuil in onze sloot is van een ander. Na wat geschutter achter de tafel:

Scharlo: als het verontreinigd is dan wordt het door ons afgevoerd. Hij erkent dat het waterschap hierin actiever te werk had kunnen gaan door de bewoners vooraf te informeren over de risico’s van het wonen dichtbij een riooloverstort.

 

Tenslotte:

Hans Nomen deelt mij dat de bewoners de schouw in statistieken hebben samengevat,

en met de mededeling: als bestuurders en politiek gaan jullie er voor dat naar de bewoners

geluisterd wordt, hier heeft u de mening van de bewoners van de nieuweweg.

Vervolgens worden exemplaren van het rapport uitgedeeld.

 

Namens de afgevaardigde bewoners wateroverlast nieuweweg

 

Hans Nomen

 

Samenwerking in Biesbosch
DORDRECHT - Het Wereldcafé is onderdeel van het project ‘Samen werken aan interculturalisatie en Duurzaamheid’ een project dat mede mogelijk is gemaakt door ondersteuning vanuit de provincie Zuid-Holland en Fonds 1818. Op 8 december wordt er een afsluitende bijeenkomst in Zuid-Holland georganiseerd waarbij het project wordt geëvalueerd, de resultaten van het project worden gepresenteerd en ervaringen worden uitgewisseld.

De wandeling door de Biesbosch op zondag 25 september 2005 bracht de mensen nader tot elkaar. (© Foto IVN Zuid-Holland).

Linda Brouwer is projectleider van het project in opdracht van het IVN consulentschap Zuid-Holland. Dit artikel is tot stand gekomen met de medewerking van Max Leerentveld Voorzitter IVN afdeling Den Haag. In de maanden mei en juni zijn er in Zuid Holland gedurende een viertal zaterdagen bijeenkomsten geweest onder de noemer ‘Wereldcafé’ waarbij allochtonenorganisaties, wijk en opbouwwerkorganisaties, IVN vrijwilligers-en andere natuur en milieu organisaties hebben samengewerkt. Het resultaat daarvan is dat er in totaal 25 duurzame initiatieven zijn ontwikkeld. Aanwezigen hebben met elkaar afgesproken samen aan de nieuwe initiatieven te gaan werken en voor ieder initiatief is dan ook een contactpersoon. Het IVN Consulentschap Zuid-Holland blijft tot en met december 2005 met de initiatiefnemers in contact en staat ze in de uitvoering bij met advies en informatie. Al een aantal jaren is interculturalisatie een maatschappelijk thema dat de aandacht heeft, zo ook binnen het IVN. IVN consulentschap Zuid-Holland zet zich er dan ook al een aantal jaren actief voor in. Dit jaar is er een ‘Wereldcafé’ georganiseerd in Dordrecht, Alphen aan de Rijn, Den Haag en Rotterdam waar deelnemers hebben toegewerkt naar een gemeenschappelijk kader. Om dat te bereiken werden de deelnemers gevraagd aan te geven wat hun nu een ‘thuisgevoel’ geeft als het gaat om je eigen leefomgeving. Dit resulteerde in uitspraken zoals herkenning, veiligheid, respect van mensen om je heen, voldoende groene ruimte enzovoort. Kortom een lijst met punten die we grotendeels gemeenschappelijk van belang vinden. Vervolgens is er ingegaan op de vraag in hoeverre iedereen daar vanuit zijn eigen organisatie aan werkt. Als laatste is er gekeken naar kansen om een samenwerking met andere organisaties aan te gaan en zo je eigen activiteiten te versterken. Dat is tevens het moment geweest dat deelnemers concrete initiatieven hebben ingevuld op een speciaal daarvoor opgesteld formulier waarna vervolgafspraken met elkaar zijn gemaakt. Max Leerentveld, voorzitter van de IVN-afdeling Den Haag, vond de bijeenkomst in de Schilderswijk in Den Haag zeer zinvol. ‘Op deze bijeenkomst georganiseerd in onze achtertuin kon ik natuurlijk niet wegblijven’,vertelt Max n.a.v. de vraag waarom hij heeft deelgenomen. ‘Achteraf ben ik blij dat ik er naar toe gegaan ben. Niet met de reden dat ik streef naar een percentage vrijwilligers van nieuwe Nederlanders, maar omdat ik het van belang vind dat we vanuit een dergelijke kennismaking samen in contact komen. Vooral in de stedelijke omgeving valt er veel te winnen. Zo kwam ik met een deelneemster in contact die een Koerdische vereniging vertegenwoordigde. Ze zocht een ingang om ecologie te koppelen aan taallessen die ze vanuit de vereniging verzorgen. Met haar heb ik een vervolgafspraak gemaakt om te kijken hoe we met elkaar concreet een samenwerking aan kunnen gaan. Ik ben heel positief over dit contact. Als we toch een excursie geven waarom dan niet in het kader van deze taallessen? Lijkt me een win-win situatie.’ Voorbeelden van duurzame initiatieven uit de eerste twee bijeenkomsten in Dordrecht en Alphen a/d Rijn. In vrouwencentrum Menzil komen vrouwen met diverse culturele achtergronden. Veel van de vrouwen die er komen gaan van huis naar Menzil en doen af en toe een boodschap. De eigen leefomgeving is vaak onbekend en wordt vervolgens als onveilig ervaren. Kennis over, bekendheid en begrip voor de plek waar je leeft is het doel van dit initiatief. De uitvoering is verdeeld in vier bijeenkomsten van wijk, park, natuurgebied naar een praktijkvoorbeeld op locatie waar wijkbewoners zelf initiatieven hebben genomen. Om als organisaties met elkaar in contact te zijn op een actieve wijze en elkaar zo te leren kennen. De Afghaanse vereniging heeft niet alleen behoefte aan ontmoeting met autochtonen maar ook om middels natuurbeleving te werken aan de Nederlandse taalontwikkeling. Deze contacten spelen daarbij een belangrijke rol. Partners zijn: IVN-afdeling Dordrecht, Vrouwencentrum Menzil, Bureau Bewonersondersteuning Dordrecht, NME-centrum Weizigt, Landschapsbeheer Z-H, IVN-afdeling Leiden, Meander en de Afghaanse vereniging Alphen aan de Rijn. De Mevlana Moskee in Dordrecht is een onopvallende voormalige garage waar bij binnenkomst niets meer van te zien is. Dat de deuren van de moskee een opvallende groene kleur hebben is geen toeval. De Turkse gemeenschap van de moskee is betrokken bij natuur en milieu en het belang van een duurzame samenleving. De koran verwijst vele malen naar het belang van een ‘gezonde wereld’ en het zit eigenlijk ook verweven in de cultuur van deze gemeenschap. De imam Hŭseyin Akbaş in Dordrecht vertelt: ‘Wij zijn onderdeel van de Nederlandse samenleving, hechten waarde aan de natuur en hebben respect voor natuur en milieu. Daarbij vinden we het van belang dat informatie en onze visie hierover wordt doorgegeven aan onze achterban’. Imam Hŭseyin Akbaş vraagt zich af op welke wijze er een bijdrage door de Turkse gemeenschap aan ons geleverd kan worden in Nederland? Wat kan er eigenlijk allemaal op dit gebied in Nederland? Dit zijn vragen die hem bezighouden. Zodoende lijkt het hem een goede zaak natuur en milieu organisaties te ontmoeten en samen op zoek te gaan naar mogelijkheden voor gezamenlijke activiteiten. Dit initiatief ‘uit in de Biesbosch’ speelt een belangrijke rol voor de verdere kennismaking tussen organisaties. TEMA-NL is een Nederland-Turkse Stichting voor de mondiale bestrijding van bodemerosie, voor mondiale herbebossing en bescherming van het natuurlijk milieu. TEMA-NL is de Nederlandse tak van de TEMA-organisatie, die zijn oorsprong heeft in Turkije. Nederland kent tal van prachtige natuurgebieden, die voor een groot deel ook voor het publiek toegankelijk zijn. Voor degenen die deze gebieden bezoeken, lijkt echter de Nederlandse bevolkingssamenstelling nauwelijks veranderd ten opzichte van veertig jaar geleden. De gebieden worden namelijk nauwelijks bezocht door de hier woonachtige allochtonen. En onbekend maakt onbemind. Wij als TEMA-NL denken hierin te kunnen slagen waar andere organisaties faalden door gezamenlijk projecten op te zetten, want we moeten ook aandacht besteden aan natuurbeleving als onderdeel van het integratieproces. Veel in Nederland wonende Turken hebben ingezien dat hun oorspronkelijk tijdelijk bedoeld verblijf wel eens een blijvend karakter zou kunnen krijgen. Veel Nederlanders en Nederlandse organisaties zijn dezelfde mening toegedaan. Wij als TEMA-NL willen samen met hen in Nederland wonende Turken betrekken bij milieu en natuur in Nederland maar ook wereldwijd. De Stichting stelt zich ten doel: mondiaal natuurbehoud, mondiale natuurontwikkeling en het verrichten van al hetgeen daarmee rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord. Zij tracht haar doel te bereiken door het bevorderen van het bewustzijn en de verantwoordelijkheid van mensen met betrekking tot natuurbescherming, in die zin, dat natuurbescherming een individuele en gezamenlijke taak is.

Hieronder de brief bij het artikel 'Gemeente gedraagt zich a-sociaal' op onze pagina Alblasserwaard in september 2005.

 

Verslag overleg wateroverlast do. 14-9
HARDINXVELD-GIESSENDAM - Hieronder treft u integraal het verslag aan van het overleg tussen bewoners van de Nieuweweg, gemeente en waterschap op donderdag 15 september 2005 om 14.00 uur in de plaatselijke brandweerkazerne. Aanleiding was de wateroverlast op zaterdag 10 september 2005.

Aanwezig waren namens het waterschap: Klaas Scharlo: hoofd onderhoud, Rivierenland, Bas de Wildt, namens de gemeente: Pieter Prins: medewerker preparatie, Jan Duyzer: civiel technisch medewerker, Gijs van Brenk: wethouder, Kees Nieuwenhuizen: onderhoud openbare werken, Jan Matthijs Vaal: rampenbestrijding, Helma Hilders: voorlichter gemeente, Cees van Andel: brandweer, Jansen: grondgebiedzaken en namens de bewoners van de Nieuweweg: Piet Korevaar: nieuweweg   /  wetering-parallelweg even nummers, Janny  de Rooy: nieuweweg  /  wetering-parallelweg oneven nummers, Jan Nederveen: nieuweweg   / A15 rivierdijk oneven nummers, Lia Nomen: nieuweweg         / A15 wetering oneven nummers, Hans Nomen: nieuweweg    /  A15 wetering oneven nummers (notulen)

1) Opening en welkomstwoord:
Dhr van Brenk heet ons allemaal van harte welkom.

2) Toevoeging agendapunten:
Lia Nomen wil toevoegen:Veiligheid en schadevergoeding.

3)Visie waterschap op extreme regenval 10 september j.l.
Dhr Scharlo merkt op dat zaterdag in korte tijd 80 tot 100 mm neerslag is gevallen. Extreme neerslag lijdt tot calamiteiten dat is heel normaal vindt hij. De vloeren van de meeste huizen aan de nieuweweg liggen beneden de weghoogte. Deze huizen zijn niet onderheid en zijn in de loop van de jaren gezakt. Bewoners zijn niet alleen verantwoordelijk voor het onderhoud aan de gevels e.d. maar ook voor onderhoud aan de fundering vindt Dhr. Scharlo (zie opmerking *1.) Lia Nomen laat een honend “Yes” horen. Ze memoreert aan het verhaal wat maandag is gehouden op het gemeentehuis. De afsluitende opmerking daar was: burgemeester we willen een afdoende antwoord en oplossing van u en niet zoals ik gisteravond op televisie een ambtenaar hoorde zeggen:”deze huizen zijn niet onderheid en zijn gezakt in de loop der jaren. Daarom lopen ze nu vol, dus eigen schuld dikke bult.” De burgemeester merkte toen op dat we dit van hem niet zouden horen. Het is schrijnend dit nu wel als eerste opmerking te horen, hoewel niet de mond van de burgemeester maar wel uit die van het waterschap. Waarom de huizen lager liggen dan de weghoogte, daar kunnen we nog wel een middag over discussiëren Het is nog maar de vraag of dit alleen komt door het zakken van de huizen. Bovendien kwam het water deze keer niet van de weg maar van achter de huizen! Lia vat de opmerkingen van de heer Scharlo samen en vraagt: begrijp ik goed dat wij als bewoners van de nieuweweg hier dus mee moeten leren leven? Het antwoord van Scharlo is:  ja.

4)Visie op korte termijn aanpak met inachtneming van verdere besluitvorming:
Wet houder van Brenk vindt ondanks het antwoord van dhr. Scharlo toch wel dat we moeten praten over een oplossing op korte termijn. Dhr. Nieuwenhuizen refereert aan het waterplan en merkt op dat er voor het eind van het jaar een waterberging moet zijn. Lia Nomen merkt op dat we hier niet zitten om alleen het probleem van zaterdag te bespreken maar dat het water al jarenlang een onderwerp is die de bewoners bij de gemeente aankaart. Zij vraagt of er al onderzoek gedaan is naar de riolering bijvoorbeeld, het probleem speelt al sinds 1998.  Bas de Wildt vindt dat 1998 een nat jaar was en wil het in een groter kader plaatsen, het is meer dan een plaatselijk probleem. Er is geïnventariseerd wat de knelpunten zijn in de regio en de betaalbaarheid van de oplossingen. Bovendien kunnen we niet alles in één keer oplossen het tijdpad loopt tot 2015. Voor de bewoners is dit niet acceptabel zij kunnen niet tot 2015 wachten tot alles opgelost is, bovendien is het ook een kwestie van prioriteiten stellen. Dhr. van Brenk is het daarmee eens, er moet nu een zo’n goed mogelijke analyse gemaakt worden, 2015 is te ver weg. De gemeente stelt voor om te schouwen aan de drie delen van de Nieuweweg. Dit houdt praktisch in dat er een delegatie van gemeente en waterschap bij de bewoners langs gaat en vragen naar hun verhaal. Het verhaal wordt ter plekke op schrift gesteld en ondertekent door de bewoner. Hans Nomen vraagt naar de juridische betekenis van de handtekening. Dhr de Vaal legt uit dat het gaat om dat wat op papier staat gezegd is, zodat er later geen discussie ontstaat in de zin van: maar dit is niet gezegd.Tijdpad schouwen: 16 september, te beginnen om 9.00 u aan het eind van de ochtend bekijken hoe ver we zijn. Dan zullen er verdere afspraken gemaakt worden over de overige bezoeken. Uiterlijk donderdag 22 september moet het klaar zijn.

5) Behandeling overzichten brandmeldingen, storingsmeldingen en klachtenregistratie en stand van zaken afhandeling daarvan:
Bij de klachtenlijn zijn verzoeken binnengekomen om een extra ronde huisvuil en grof vuil op te halen. Hier heeft de gemeente goed op geanticipeerd. Donderdag zal de grijze en groene container nogmaals geleegd worden en vrijdag zal al het grof vuil opgehaald worden. Ook zijn er meldingen binnengekomen over lichamelijke klachten, huiduitslag, irritatie aan wondjes op handen en diarree. Lia Nomen heeft een verzoek tot bodemonderzoek bij de gemeente neergelegd. Er zijn bewoners die een eigen groentetuin hebben achter het huis. Is het nog wel verantwoord om hieruit te eten? Dhr. van Brenk merkt op dat hij niet uit die groentetuinen zou willen eten. Lia vindt dit een veelzeggende opmerking. Daar de gemeente toch verantwoordelijk is voor de gezondheid van zijn inwoners lijkt daarom een bodem of wateronderzoek steeds meer op zijn plaats. De gemeente hikt echter nog tegen de kosten van zo’n onderzoek aan, en stelt voor om eerst contact op te nemen met de GG&GD. Als zij ook vinden dat de volksgezondheid in gevaar is kan alsnog besloten worden tot een onderzoek. De gemeente neemt contact op met de GG&GD. (zie opmerking *2)

6)Afspraken voortgang o.a. volgende bijeenkomst, contacten pers.
Op maandag 3 oktober zal een volgend gesprek plaatsvinden tussen partijen. Aanvang 16.00 u. Op 30 september liggen de stukken bij de vertegenwoordigers van de bewoners. Op de raadsvergadering van 6 oktober moet de analyse er zijn. Op 11 oktober is er overleg tussen het college en het waterschap. De gemeente stelt voor om als gemeente, bewoners en waterschap gezamenlijk de contacten met de pers aan te gaan. Zoiets van samen staat we sterk. De bewoners voelen hier niets voor, zij voelen zich nog lang niet veilig in het samen op weg gaan en gaan daarom in deze hun eigen weg. Helma Hilders probeert nogmaals tot een compromis te komen door te melden wat het persbericht van de gemeente zal zijn. Bewoners zijn hiervan niet onder de indruk en gaan hun eigen weg.

7)Wat verder ter tafel komt
Schade: Er is veel schade bij de bewoners aan de Nieuweweg. Natuurlijk komt bij vergoeding de schuldvraag om de hoek kijken. Daarom willen de bewoners weten wat er precies gebeurt is op zaterdagavond 10 september. Naar horen zeggen heeft de brandweer het ondergelopen industrieterrein leeggepompt in de sloot achter de huizen aan de Nieuweweg tussen de ingangsweg industrieterrein Nieuweweg en de wetering. Bewoners van dit gedeelte weten allemaal dat dit slootje grote hoeveelheden water niet aan kan vanwege het feit dat er een duiker ligt op het terrein van de BAM voordat de sloot uitmondt in de wetering.  De vraag van de bewoners is dan ook hoe gaat de gemeente hiermee om. De bevelvoerder van de brandweer Dhr. Cees van Andel merkt op dat er inderdaad water in het slootje gepompt is maar dat er op een ander plek ook water uitgepompt is en de kracht van de pomp die het water eruit pompte was groter dan van de pomp die het erin pompte. Op deze wijze weersprak de brandweer deze uitspraak. Feit blijft echter dat het water vanuit de sloot, de huizen is ingelopen. Dhr. van Brenk merkt op dat er inderdaad eerst duidelijkheid over de schuldvraag moet zijn voordat er geclaimd kan worden. Op dit moment is die duidelijkheid er niet, hopelijk komt die na de interviews. Lia Nomen vraagt of er overwogen wordt dit ook uit te laten onderzoeken door een onafhankelijke instantie. Bij de bewoners rijst de vraag of het onderzoek zoals dit nu wordt opgezet wel objectief is. De gemeente piekert hier niet over. De bewoners mogen zelf als zij dit wensen een extern bureau inschakelen is het antwoord van de gemeente. (zie opmerking *3). Dhr. van Brenk bedankt de aanwezigen en sluit de vergadering.

Namens de afgevaardigde bewoners wateroverlast nieuweweg
Hans Nomen

Opmerkingen:
* 1: alsdan zijn de bewoners het met de uitleg van Dhr. Scharlo ten stelligste oneens.
* 2: heeft de gemeente de regiefunctie m.b.t. aspecten van volksgezondheid?
* 3: alsdan verzoeken de bewoners om een startsubsidie van de gemeente.

Enthousiaste hobbykoks gezocht
SCHIEDAM
- Cuisine Culinaire Schiedam kent zijn oorsprong in 1982. Hans Buyse, thans penningmeester, richtte toen Cuisine Culinaire Rotterdam op. “Ik had de smaak al snel te pakken”, grapt Buyse. In de loop der jaren groeide de kookclub vervolgens uit van een groepje enthousiaste liefhebbers naar een kookclub met verschillende brigades.

Tegenwoordig zijn bijna vijftig mensen lid en wordt er vier keer per maand gekookt in een ploeg van 12 tot 14 mensen. “Wij koken tien keer per jaar in vier verschillende brigades. Alleen in juli en augustus zijn we dicht”, vertelt voorzitter Andre Vogel. Een kookavond bij CCS begint omstreeks 18.00 uur. Dan verzamelt de brigade zich en wordt het kokstenue aangetrokken. Vervolgens krijgen de kokers instructies van de chef van de dag en wordt de taakverdeling bekend gemaakt. De – veelal verse en seizoensgebonden – ingrediënten liggen dan al klaar. Na de instructies gaat iedereen met het koken aan de slag. De kunst is niet alleen om de gerechten lekker te bereiden, maar vooral ook in de juiste hoeveelheid en op het juiste moment. Rond 20.30 uur wordt de eerste gang geserveerd, daarna volgen er nog vier. De gerechten worden door de kookleden zelf opgegeten. Er wordt naar gestreefd om elke avond rond de klok van 23.30 uur af te sluiten. De kookavond zijn niet alleen bedoeld als leermoment, maar vooral ook sociaal gebeuren. Vogel benadrukt dat CCS geen cursussen biedt. “Bij veel kookcursussen mag je zelf heel weinig doen. Bij ons is er alleen een chef van de dag die aanwijzingen geeft, maar het koken wordt door alle aanwezigen gedaan. Je moet leren aan de teugel, van je medekokers. De één beantwoordt de vragen die de ander heeft.” Tijdens de kookavonden worden verschillende ploegen gevormd die verantwoordelijk zijn voor een bepaald deel van het diner. Zo maken bijvoorbeeld drie mensen het voorgerecht of werken er vier aan het hoofdgerecht. “Uiteraard proberen we daarbij ervaren kokers naast beginnende kokers te plaatsen. Op die manier is iedereen in staat mee te doen”, vervolgt Vogel. Door het koken in – wisselende – ploegen ontstaat er ook een competitie-element. “Er komt een stukje rivaliteit doordat de gerechten aan tafel worden besproken. Daar hoort bijvoorbeeld ook de presentatie en opmaak van de borden bij”, vertelt Ruud de Jong, secretaris van CCS. Het is echter niet alleen kritiek en lofzang die over tafel gaat tijdens het eten. “Natuurlijk praten we veel over de gerechten, maar er wordt aan tafel ook over andere dingen gesproken. Je zit toch de hele avond tegenover elkaar. Dat maakt eten een heel sociaal gebeuren”, vindt Vogel. “Het koken gaat je bovendien steeds makkelijker af, dus dan wordt er meer gepraat”, voegt Buyse lachend toe. De kookclub is bedoeld voor hobbyisten. “Al onze leden zijn mensen uit het bedrijfsleven met een baan. Het is voor hen een pure hobby”, vertelt De Jong. Cuisine Culinaire Schiedam is op zoek naar nieuwe hobbyisten om een nieuwe brigade te starten. “Wij hebben ook gemende brigades waarin vrouwen meekoken. Ook heb je geen ervaring nodig om mee te doen. Als je alleen een ei kunt bakken ben je net zo welkom als wanneer je wekelijks drie gangen op tafel zet”, vertelt Vogel. De open dag van zaterdag 24 september is bedoeld voor iedereen die het leuk lijkt om te koken. “Het is gewoon leuk om met een groep enthousiaste hobbykoks één keer per maand een avond te koken. Bovendien leer je dan om voor familie of vrienden ook een heerlijk diner klaar te maken”, besluit Vogel.

Cuisine Culinaire Schiedam kookt in verzorgingstehuis Spaland aan de Willem Andriessenlaan 2 in Schiedam Noord (nabij afrit 11 van de A20). De open dag van zaterdag 24 augustus duurt van 16.00 – 18.00 uur. Geïnteresseerden kunnen ook contact opnemen met Andre Vogel, telefoon (0180) 622 203. Zij kunnen in oktober op proef een avond meekoken. Voor meer informatie en tarieven: www.cuisineschiedam.nl.

'Kunstschaatsen kan je leren'
DORDRECHT - Goed leren schaatsen kan in Dordrecht in de Drechtstedenhal aan de Karel Lotsyweg bij de Dordtse Kunstrij- en IJsdansvereniging "De Drechtsteden" afgekort als DDD. Het schaatsseizoen op de kunstijsbaan in Dordrecht begint in september en de eerste lessen zijn op woensdag 14 september en zaterdag 17 september.

Er kan gedurende het seizoen steeds tijdens de lessen worden aangemeld. De kinderen beginnen bij het zogenaamde basisschaatsen of jeugdschaatsen. Tijdens de lessen worden allerlei vaardigheden geleerd en het seizoen wordt afgesloten met het eventueel halen van een diploma. De vereniging kent schaatsers van beginner tot gevorderd en een groep wedstrijdrijdsters op verschillende niveau’s.  Ben je al wat beter geworden en vind je het leuk om te kunstrijden dan kan je na overleg met de trainster eventueel naar de brugklas en als je dan nog meer wilt schaatsen en je hebt een beetje talent voor het kunstrijden dan kan je zelfs aan wedstrijden gaan meedoen. Je behoort dan tot de categorie wedstrijdschaatsers oftewel solorijders. De vereniging heeft in de afgelopen jaren al flink wat kampioenen in de diverse categorieen voortgebracht. Op dit moment is de vereninging bijzonder trots op de selectie van de 17-jarige Jacqueline Voll uit Hendrik Ido Ambacht in de nationale kernploeg. Zij zal Nederland vertegenwoordigen eind september in Canada tijdens de Grand Prix. In Nederland gaat Jacqueline rijden in de categorie Senioren. De 13 jarige Christel de Haan uit Zwijndrecht is net als vorig seizoen geselecteerd voor Jong Oranje en zal dit jaar in Nederland rijden in de categorie Junioren. Beide meisjes zullen gaan deelnemen aan de selectiewedstrijden voor het Nederlands Kampioenschap, evenals een aantal wedestrijdrijdsters van DDD in de de categorieën Debs en Novice. De jongere wedstrijdrijdsters in de categorie Teens gaan trachten zich te kwalificeren voor de KNSB-cup. Op 12 november organiseert de vereniging een wedstrijd voor mini’s en aspiranten in De Drechtstedenhal. Vind je kunstschaatsen leuk om te bekijken kom dan eens langs. De entree is gratis. Basisschaatsen is er voor iedereen die wil leren kunstschaatsen en we nodigen dan ook zeker jongens uit om eens te komen kijken. Het kunstrijden is er zeker niet alleen voor meisjes. De leeftijd is niet belangrijk, wel is het zo dat als je wedstrijden wilt gaan rijden het beter is om zo jong mogelijk te beginnen. Geprobeerd wordt de lessen zo te verdelen op leeftijd en gevorderdheid zodat iedereen zich kan thuis voelen.

Voor de lessen zijn vaste tijden. De lestijden voor het basisschaatsen voor de jeugd zijn:
op Woensdag van 16.15 uur tot 17.15 uur.
op Zaterdag van 11.20 uur tot 12.20 uur.

Basis- en recreatief schaatsen op zaterdag voor iets oudere en verder gevorderde schaatsers is er op: Zaterdag van 12.20 uur tot 14.00 uur. Deze periode is er ook voor verder gevorderde schaatsers. Alle lesuren staan onder leiding van erkend trainster en voormalig Nederlands kampioene Astrid Winkelman. Heb je zin om te komen leren schaatsen dan is de eerste les een gratis proefles. Wil je lid worden, dan krijg je een inschrijfformulier. Telefonische informatie bij Mieke de With 078-6185939. Meer informatie op de website www.ddd-kunstrijden.nl

Verklaring bewoners wateroverlast

Hardinxveld-Giessendam, 10 september 2005

Geachte burgemeester Noordergraaf,

De opkomst tijdens deze ontmoeting die wij deze morgen hebben afgedwongen zegt iets over de omvang van ons probleem. Ook hebben we de pers erbij uitgenodigd om het onder de aandacht brengen van ons probleem kracht bij te zetten. Een probleem wat al jaren speelt aan de Nieuweweg en die al diverse keren door diverse inwoners is aangekaart bij de gemeente. Individueel maar ook door een gezamenlijke handtekeningen actie zonder dat dit tot een oplossing heeft geleid, sterker nog soms zelf zonder dat er ooit antwoord is gegeven op schriftelijk gestelde vragen. Het probleem is het water. Nederland leeft met water zegt men. Wij willen u melden dat wij als inwoners van Hardinxveld Giessendam en bewoners van de Nieuweweg niet meer op de huidige wijze met water willen leven. Wat is ons probleem? Langdurige overlast van verhoogde waterstanden van het grondwater en de sloten, met als gevolg natte vochtige huizen. Zeer hoge luchtvochtigheid in die huizen, schimmelende wanden en meubels, met gevolgen voor de gezondheid van uw inwoners. Bij regenval niet goed weglopend water in wc en gootsteen, of overlopende riolen, blanke straten en tuinen met soms drijvende menselijke uitwerpselen en als uitschieter dit weekend blankstaande woningen Heel veel blankstaande woningen, met als gevolg grote emotionele en materiele schade bij uw inwoners. Oorzaak? Wij, als inwoners zijn leken op het gebied van waterhuishouding. We willen dus over oorzaken geen uitspraken doen. Onderzoek naar de oorzaken is de taak van de bestuurders van deze gemeente. We hebben echter wel geconstateerd dat een aantal werkzaamheden een ongunstig effect hebben gehad op de waterhuishouding rond de Nieuweweg.

1.      het in de jaren 70, dempen van de sloot aan de voorzijde van de huizen aan de Nieuweweg met de oneven nummers

2.      de bouw van de nieuwbouw wijk (wielwijk) tegenover deze huizen

3.      het aanbrengen van een duiker door “verlaat wegenbouw” in sloot aan de achterzijde van de huizen naar de wetering

4.      het slaan van een “wel” in de tuin van Dhr. Schipper, die afloopt in de sloot achter de huizen

5.      het aanbrengen van damwand bij het in aanbouw zijnde viaduct

Eerder noemde ik de grote emotionele en materiele schade. Ik wil een paar praktijkgevallen schetsen. Weduwen van over de tachtig jaar die met tranen in de ogen tot aan hun knieën in het water kijken naar hun drijvende dierbare spullen. Gezinnen, met schoolgaande kinderen die door spaarzaamheid en veel zelfarbeid hun huis hebben opgeknapt zien dit alles nu voor hun ogen verloren gaan. Schade? Velen van ons leven in grote onzekerheid over de dekking van de financiële schade door de verzekering. Als het op uitbetalen van verzekeringspenningen aankomt zijn maatschappijnen soms heel creatief in het bedenken van uitzonderingen. Burgemeester, hoe gaan wij leven met de angst voor herhaling?   Het zal voor ieder verschillend zijn maar ik kan u schetsen wat er bij ons stuk is: eiken parketvloer, van de keukenkastjes barsten de wanden uit elkaar, wasmachine, vaatwasser, broodbakmachine, stofzuiger, onze piano,  de cello van onze dochter. En bij sommigen gaat het zelfs nog verder daar is ook de wandafwerking kapot, het wandmeubel uit elkaar gevallen en het bankstel volgetrokken met water. Burgemeester, hoe gaan wij dit financieel bolwerken. Want ook al dekt de verzekering u weet ook dat dit bedrag nooit voldoende is om alles te vernieuwen. De gemeente mag best een hand in eigen boezem steken. We zijn van mening dat door nalatigheid en niet voldoende aandacht besteden aan een al jaren bestaand en aangekaart probleem het nu geëscaleerd is. Wij zijn het beu en zat. Burgemeester wij eisen nu een afdoende oplossing voor ons probleem. Allereerst hebben we nu dit probleem bij u onder de aandacht gebracht, ernaast willen we op 21 september inspreken tijden de vergadering van de commissie grondgebiedzaken. Om ook daar ons probleem onder de aandacht te brengen. Verder verwachten wij op de raadsvergadering van 6 oktober een afdoend antwoord van u te krijgen hoe de gemeente Hardinxveld Giessendam dit probleem gaat oplossen en op welke termijn.

Hoogachtend namens de bewoners van de Nieuweweg oostzijde,
Lia Nomen
Nieuweweg 131
3371CL Hardinxveld Giessendam
Tel. 0184-616195
Mob. tel. 06-12277207

Opdracht voor bouwen nieuw schip
HARDINXVELD-GIESSENDAM - IHC Holland Merwede BV is trots aan te kunnen kondigen dat haar dochter Merwede Shipyard het contract heeft gekregen voor het ontwerpen en bouwen van een nieuwe Reeled rigid pipe laying / Offshore construction schip voor Subsea 7. De levering van het complete schip zal tweede kwartaal 2007 plaatsvinden.

De pijpenleginstallatie zal worden ontworpen en gebouwd door Huisman-Itrec. Merwede Shipyard heeft het contract gekregen omdat zij in staat was het schip te ontwerpen en te bouwen volledig in overeenstemming met de eisen en wensen van de rederij, inclusief de integratie van de pijpenleginstallatie en kranen, en binnen de gevraagde korte levertijd. SIEM, in de vorm van haar dochter Subsea 7, heeft aangekondigd dat de totale projectkosten voor schip en installatie tussen USD 180-200 miljoen liggen en deze zijn gebaseerd op de vaste aanbiedingen van Merwede Shipyard en de leverancier van de pijpenleginstallatie. Het schip zal volledig dynamisch gepositioneerd worden, geschikt voor wereldwijde operatie. Het schip is ontworpen voor pijpleggen vanaf een haspel en voor offshore constructiewerk. Het schip zal worden uitgerust met een volledig geïntegreerde 6.6 kV elektrische installatie en zal worden voortgestuwd door drie elektrisch aangedreven roerpropellers met vaste schroeven in straalbuizen achter. In het voorschip worden twee elektrisch aangedreven roerpropellers met vaste schroeven in straalbuizen geplaatst en bovendien nog een boegschroef. Een complete ROV hangar zal achter de accommodatie worden geplaatst. Verticale ROV geleiding zal in de zijde van het schip worden voorzien, aan bakboord en stuurboord. Een 400 MT offshore kraan zal aan bakboord midscheeps worden geplaatst. Verder zullen twee offshore dekkranen worden geplaatst, één aan stuurboord voor en één aan bakboord achter van het werkdek. Achter de hoofdpijpenspoel wordt een open werkdek voorzien van tenminste 650 vierkante meter. De pijpenleghelling zal achter op het schip worden voorzien. Rond het hek zullen werkplatforms worden gemaakt. Met dit contract loopt het order book van Merwede Shipyard tot ver in 2007, in 2006 is de ordeportefeuille volledig gevuld. Er zijn bij Merwede Shipyard meer dan 500.000 uren mee gemoeid om het schip te ontwerpen en te bouwen, met ruim het tweevoudige hiervan bij leveranciers en onderaannemers. Met meer dan 3.000 werknemers wereldwijd is Subsea 7 een van 's werelds leidende onderwater bouwkundige aannemers. Het bedrijf heeft wereldwijde offshore operaties, welke worden ondersteund vanuit Azië, Pacific, Brazilië, Golf van Mexico, Noorwegen, UK en West-Afrika. Subsea 7 heeft meer dan 100 op afstand bedienbare voertuigen (ROV's), vier pijpfabrieken en een vloot van moderne hoge specificatie dynamisch gepositioneerde schepen, welke in staat zijn op diepwater stijve en flexibele pijpen te leggen vanaf een spoel, tot diepwater onderzeese constructies en verzadigd duiken. IHC Holland Merwede legt zich toe op de voortgaande ontwikkeling van haar ontwerp‑ en bouwactiviteiten voor de baggerindustrie, waar zij wereldmarktleider in is. Merwede Shipyard heeft een onderscheidende conduitestaat en reputatie voor de bouw van talrijke zich onderscheidende ontwerpen. Werkschepen voor de offshore industrie, cruiseschepen, RoRo's, passagiers- / vrachtschepen, oceanografische onderzoeksschepen, ferries, zeeslepers en zware-ladingschepen zijn enkele voorbeelden van commerciële schepen gebouwd door Merwede Shipyard. IHC Holland Merwede's clientèle omvat baggermaatschappijen, rederijen, oliemaatschappijen, offshore aannemers en civiele aannemers. IHC Holland Merwede heeft meer dan 1.800 mensen in dienst, verdeeld over de werven in Kinderdijk, Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht, Delfgauw, Goes en Ljubljana (Slovenië). Het bedrijf heeft ook mensen gestationeerd in Azië en het Midden-Oosten.

Meer patiënten naar Albert Schweitzer
DORDRECHT - Het jaar 2004 was voor het Albert Schweitzer ziekenhuis in meerdere opzichten een geslaagd jaar. Uit de jaarcijfers over 2004 blijkt dat het ziekenhuis een flinke groei heeft doorgemaakt, zowel in financieel opzicht als in het aantal behandelde patiënten. Gemiddeld steeg de productie met 6%.

De groei wordt verklaard door het verkleinen van de wachtlijsten, de toenemende vergrijzing en uit het feit dat steeds meer patiënten voor het Albert Schweitzer ziekenhuis kiezen. Financieel gezien was 2004 ook succesvol met investeringen in nieuwe medische technieken ter waarde van bijna € 10 miljoen en een positief saldo van € 2,6 miljoen. Het ziekenhuis gaat dit jaar een nieuw systeem voor Patiëntveiligheid invoeren. Volgens René Smit, voorzitter van het College van Bestuur, zijn de goede resultaten voor een belangrijk deel te danken aan efficiënter werken en de opbrengst van 5 jaar Albert Schweitzer ziekenhuis. “Het motto vorig jaar was: ‘Meer doen met dezelfde middelen door orde op zaken te stellen. We hebben meer patiënten kunnen behandelen en tegelijkertijd fors geïnvesteerd in de toekomst.”  Leen Pijpers, voorzitter van de Vereniging Medische Staf: “De goede resultaten zijn ook te danken aan alle werk, dat de afgelopen vijf jaar is verzet om echt één geïntegreerd Albert Schweitzer ziekenhuis te worden. Er staat nu samenhangende organisatie, met op elkaar afgestemde locaties, moderne ICT en een goed financieel beleid. In veel fusieziekenhuizen lukt dat niet, maar we zij er trots op dat dit in Dordrecht wel is gelukt.” Vergeleken met 2003 heeft het ziekenhuis flink meer patiënten getrokken en is de productie (het aantal behandelingen) gegroeid met 6 procent. Vooral de groei van het aantal patiënten in dagbehandeling viel op (+ 9,6%). Ook het aantal eerste polikliniekbezoeken (+ 4%) en het aantal opnamen (+ 6%) steeg opnieuw. De dienstverlening voor huisartsen - diagnostiek als laboratoriumonderzoek en radiologie - steeg zelfs nog harder. Het aantal extra behandelde patiënten is opgevangen door beter gebruik te maken van vier locaties en meer ICT-toepassingen. Ondanks de doorgaande verbouwingen en uitbreidingen zijn vier locaties nog beter op elkaar ingespeeld. Een positief effect van de productiegroei is een daling van het aantal patiënten op de wachtlijst met 500 tot 4.000 (met name bij chirurgie, gynaecologie, kno en oogheelkunde). Ook financieel gezien was 2004 een goed jaar met een positief saldo van €2,6 miljoen. Het positieve resultaat kon worden geboekt vanwege de eerder genoemde groei van de productie. In totaal is het vermogen van de RAK (de financiële reserve van het ziekenhuis) gegroeid naar € 8,6 miljoen. Het extern budget van het ziekenhuis is in 2004 gestegen naar € 181,9 miljoen. De komende twee jaar moet het ziekenhuis een korting opvangen van € 3,4 miljoen op basis van een landelijk gesloten prestatiecontract. Deze korting in 2005 is € 1,7 miljoen. Om de kwaliteit van de zorg verder te verbeteren, gaat het ziekenhuis per 1 juli een nieuw Patiëntveiligheidssysteem invoeren. Doel van het systeem is om een veiliger omgeving voor de patiënt te creëren. Basis voor dit systeem is dat incidenten op de afdeling zelf direct kunnen worden afgehandeld. Een pilot met dit systeem op twee verpleegafdelingen heeft geleid tot positieve resultaten en verbeteringen van het bedrijfs- en zorgproces. Dit is voor het ziekenhuis belangrijk in het streven het aantal klachten verder te verminderen. In 2004 nam het aantal klachten weliswaar enigszins toe tot 905 klachten (tegen 859 in 2003), maar de stijging was kleiner dan de groei van het aantal patiënten (5,4% meer klachten en 6% meer patiënten). Tegelijkertijd geven patiënten in onderzoeken het Albert Schweitzer ziekenhuis een score van tevreden tot zeer tevreden op een aantal belangrijke aspecten zoals bejegening en vertrouwen in de hulpverlener. Op medisch gebied werden in 2004 een aantal belangrijke mijlpalen bereikt, die hebben geleid tot een verdere verbreding en verbetering van het zorgaanbod, met onder ander de opening van een Medium Care-afdeling, het diabetescentrum en een regionale mamapoli. Ook zijn er samenwerkingsovereenkomsten gesloten met een aantal zorgorganisaties (Erasmus Medisch Centrum, GGD, Grote Rivieren), de gemeente Dordrecht en het Da Vinci-college. Met deze partners werkt het ziekenhuis samen bij de realisatie van het Gezondheidspark, dat dit jaar echt van start gaat. Ook is het Albert Schweitzer ziekenhuis inmiddels begonnen met de renovatie van de locatie Amstelwijck en wordt nog deze maand begonnen met de uitbreiding en verbouwing van de locatie Zwijndrecht. Gelet op de positieve resultaten in de eerste vijf jaar van het nieuwe Albert Schweitzer ziekenhuis, ziet het ziekenhuisbestuur de toekomst met vertrouwen tegemoet. Ook met de komst van een nieuw zorgstelsel, dat marktwerking centraal stelt. René Smit: “Dat heeft nogal wat consequenties. Allereerst vraagt het een ondernemende houding van management, medisch specialisten en medewerkers. Daarnaast zal de patiënt, meer dan ooit, daadwerkelijk centraal staan in onze organisatie. Het nieuwe zorgstelsel heeft ook gevolgen voor de financiering van zorg, waarbij er vooral kansen liggen in verdere profilering van Amstelwijck en Sliedrecht als centra voor dagbehandeling. We denken met de investeringen in ICT, nieuwe zorgontwikkelingen en onze vier locaties een sterk ziekenhuis te blijven in de komende jaren.”

Het jaarverslag is voor u in te zien op de website van het ziekenhuis: www.asz.nl.

Draadloos internet niet zonder risico
HARDINXVELD-GIESSENDAM / UTRECHT - Steeds meer horecagelegenheden en winkeliers bieden draadloos internet aan als extra service voor hun klant. Maar aan het openstellen van een draadloze verbinding kleven ook gevaren. Denk aan doodsbedreigingen, kinderporno en het hacken van websites.

Het aanmaken van een unieke gebruikersnaam en wachtwoord is al voldoende om de aansprakelijkheid van ondernemers te beperken. Dit blijkt uit onderzoek naar de rechten en plichten rondom het aanbieden van draadloos internet, met name voor MKB-ondernemers. Johan de Jong uit Hardinxveld-Giessendam voerde een onderzoek uit bij de Wetenschapswinkel Rechten. Draadloos internet, WiFi; het lijken synoniemen voor modern en geweldig. Overal duiken de termen op en iedereen schermt ermee, de ICT-tijdschriften voorop. Daarbij wordt vooral gewezen op het gebruiksgemak. De gemeente Utrecht heeft in een vroeg stadium herkend dat vooral in een stedelijke omgeving draadloos internet de economische bedrijvigheid kan versterken. Maar volgens de Jong hebben veel bedrijven momenteel nog een onduidelijk beeld van de toepassingen van draadloos internet. De Jong: 'Gebruikers kunnen activiteiten ontplooien op het netwerk, die onrechtmatig zijn, zoals het illegaal verspreiden van auteursrechtelijk beschermd materiaal of het hacken van websites. Bovendien is het bij strafrechtelijk onderzoek moeilijk vast te stellen wie de dader is. Zolang het netwerk niet openbaar is, is er geen wettelijke beveiligingsverplichting.' De Jong adviseert om een netwerk altijd te beveiligen en een soort logboek met gebruikers bij te houden. 'Men voorkomt hiermee dat het voor een buitenstaander al te makkelijk wordt om op het netwerk te komen, met als gevolg dat de afzonderlijke computers van gebruikers worden benaderd of de snelheid nadelig wordt beïnvloed. Ook voorkomt men met een beveiliging dat het netwerk eenvoudig toch kan worden aangewezen als een openbaar netwerk. Een openbaar netwerk moet voldoen aan de verplichtingen die de Telecommunicatiewet voor openbare netwerken stelt, zoals een registratieplicht van het netwerk bij de OPTA en aftapbaarheid. De aanbieder van een beveiligd draadloos netwerkaansluitpunt is slechts doorgeefluik. De internet service provider beheert dan het openbare netwerk. Het aanmaken van een unieke gebruikersnaam en wachtwoord zijn voldoende om de aansprakelijkheid van de ondernemer te beperken. Johan de Jong heeft het onderzoek verricht in opdracht van Unité. Het onderzoek is het juridische deel onderwerp van een groter voorlichtingsproject met als doel het overdragen van kennis aan bedrijven en organisaties in de binnenstad van Utrecht over de technologie en toepassingen van draadloze breedbandverbindingen (WiFi). De Jong heeft zijn onderzoek gericht op partijen die niet als primair bedrijfsdoel telecommunicatie en datacommunicatie hebben. Het project is uitgevoerd in opdracht van Unité, Mobilander en IC trust. Het Utrechts netwerk voor innovatie en technologie heeft als doel het stimuleren van innovatie en technologie in de provincie Utrecht. Unité is een samenwerkingsverband van ondermeer Universiteit Utrecht, Hogeschool van Utrecht, Kamer van Koophandel, Provincie Utrecht en de Gemeente Utrecht. De onlangs opgerichte Taskforce Innovatie Regio Utrecht heeft inmiddels de taken van Unité overgenomen. De Wetenschapswinkel Rechten heeft als taak een brugfunctie te vervullen tussen Universiteit en Maatschappij. Zij maakt wetenschappelijk juridisch onderzoek toegankelijk voor non-profit organisaties. De Wetenschapswinkel is verbonden aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht.

Voor meer informatie: Een juridische blik op WiFi. 'De kleine aanbieder van dichtbij bekeken' van J.D.C. de Jong, ISBN 90-5213-131-7, 38 pagina's, prijs € 10,00. Bestellen via Wetenschapswinkel Rechten, (030) 253 7025, wewir@law.uu.nl

Veerdienst bestaat tien jaar
GORINCHEM -
Dit jaar bestaat de Veerdienst Gorinchem precies 10 jaar. Op 11 mei vindt de aftrap plaats van allerlei acties die deze maand gepland staan.

Op die dag wordt om 14.00 uur de tentoonstelling “10 jaar Veerdienst in Gorinchem” geopend in de openbare bibliotheek op de Groenmarkt. Daarna wordt de nieuwe watertaxi, de Gorcum IX gedoopt. In de maand mei worden verder verschillende uitstapjes georganiseerd en zijn er leuke prijzen te winnen. Op woensdag 11 mei om 14.00 uur opent wethouder Van Santen de tentoonstelling “10 jaar Veerdienst Gorinchem”. De tentoonstelling zal tot 31 mei te zien zijn in de Openbare Bibliotheek Gorinchem op de Groenmarkt 1 te Gorinchem. De tentoonstelling bestaat uit replica’s van vroegere boten van de Veerdienst en van nu. Tevens is er achtergrondinformatie te vinden uit de archieven, zoals foto’s, schilderijen en oude gebruiksvoorwerpen. Naast het Dalems Kerkje staan een visrechtpaal en een veerrechtpaal naast elkaar. De veerrechtpaal is recent opgeknapt en terug gezet als herinnering aan vroegere tijden. Op woensdag 11 mei om 15.00 uur wordt de nieuwste aanwinst van de Gorcumse Veerdienst, de Gorcum IX gedoopt. Deze watertaxi gaat het snelle vervoer voor kleine groepen mensen over water verzorgen. In 2004 is proef gedraaid met een watertaxi en het blijkt dat er veel animo is voor deze snelle vorm van vervoer. De Gorcum IX wordt gedoopt door mevrouw L. Romijn, echtgenote van wijlen oud-wethouder P. Romijn, die alom als de stuwende kracht achter de nieuwe veerdienst wordt genoemd. De Gorcum V komt terug naar Gorinchem ! Maar nu als speeltuin. De boot heeft de afgelopen jaren in de Rotterdamse Maashaven gelegen en deed daar dienst als kinderspeeltuin van de kleuterschool die in de Zwarte Zwaan gevestigd was. Het grote schip, de Zwarte Zwaan, is inmiddels weg en de kleuterschool is naar de Brede Hilledijk (te Rotterdam) verhuisd. Na terugkomst in Rotterdam, rond 25 mei aanstaande, zal de Gorcum V weer dienst doen als speeltuin voor de kleuterschool. Op 21 mei vindt alweer voor de 17e keer de Open Havendag plaats. In de straten rondom de Lingehaven wordt traditiegetrouw een rommelmarkt gehouden. Muziek en demonstraties van oude ambachten maken deel uit van de happening die om 9.00 uur start en duurt tot 17.00 uur. Tevens is de gehele dag een terras geopend op de Gorcum V, waarvan de bar wordt geëxploiteerd door Genesis. Evenals vorig jaar zal de watertaxi tegen de zeer aantrekkelijke prijs van € 2,50 rondvaarten maken rond Gorinchem. Aansluitend op de Open Havendag wordt een moonlight-feest georganiseerd op de Gorcum VIII. Het feest begint om 19.30 uur. Om 21.00 uur en 22.00 uur zijn er prijsuitreikingen aan boord. huis te brengen. Om 23.30 uur zal de Gorcum VIII de laatste rondrit maken en zal mensen die van buiten Gorinchem komen, terug naar huis brengen. Voor wie dan nog geen zin heeft om af te stappen, kan na afloop van de festiviteiten met de watertaxi naar huis worden gebracht. Het moonlight-feest wordt gesponsord door Bistro De Poort en bar Genesis. Aan boord worden gratis hapjes verstrekt. De boottocht is gratis. Alleen voor het drinken wordt een kleine vergoeding gevraagd. De leerlingen van alle basisscholen in Gorinchem zijn gevraagd om een tekening te maken van de Veerdienst of het water in en om Gorinchem (groep 1-4) of een knutselwerk te maken met hetzelfde thema (groep 5-8). Voor de leerlingen zijn er leuke prijzen te winnen. Zo geeft Hagemeijer Tweewielers in Gorinchem wederom fietsen weg, waarvan 2 kinderfietsen voor de kleintjes onder ons. De winnaar van de knutselwedstrijd kan een dagdeel Loevestein, inclusief overtocht met de veerdienst voor de hele klas winnen. Ieder jaar geeft de Veerdienst 10-rittenkaarten weg om het veerpont weer onder de aandacht van de mensen te brengen. Vanwege het 10-jarig jubileum worden nu 1000, 5-rittenkaarten weggeven aan een ieder die de bon in de krant invult en bij de Veerdienst aflevert. Onder de geïnteresseerden worden ook 30 10-rittenkaarten verloot, 4 fietsen (gesponsord door Hagemeijer Tweewielers) en een reis naar Euro Disney voor 2 personen. Deze reis wordt gesponsord door Snelle Vliet Touringcars te Alblasserdam. Op 25 mei 2005 sluiten we de feestelijkheden rond het 10-jarig jubileum van de Veerdienst af met de prijsuitreiking voor de basisschoolleerlingen. Wethouder Van Santen zal de prijsuitreiking begeleiden.

Disciplinair onderzoek politie
korps ZHZ

DORDRECHT - De Politie Zuid-Holland-Zuid heeft deze week het disciplinaire onderzoek afgerond naar de gedragingen van een aantal medewerkers van het korps in de periode december 2004 tot en met januari 2005. De aanleiding hiervoor was de ontdekking van een rit naar Amsterdam door leden van het korps waarbij snelheidsovertredingen waren begaan. De korpsleiding heeft het voornemen tot het treffen van disciplinaire sancties tegen 12 medewerkers van het korps besproken met de driehoek. Drie medewerkers krijgen wegens ernstig plichtsverzuim strafontslag aangezegd: een 45-jarige brigadier, een 39-jarige brigadier en een 29-jarige agent. Daarnaast krijgen vier medewerkers voorwaardelijk ontslag en vijf medewerkers een berisping. De korpsbeheerder heeft besloten het advies over te nemen.

Zodra de rit naar Amsterdam bekend werd, heeft de korpsleiding een diepgaand en breed onderzoek laten instellen i.s.m. Bureau Interne Zaken van de politie Rotterdam-Rijnmond. Voor de politie-organisatie is integriteit  van het hoogste belang en een schending daarvan dient grondig onderzocht te worden. De korpsleiding vindt het onacceptabel dat een aantal politiemensen in diensttijd, met dienstauto’s, zonder enige verklaarbare zakelijke reden, zich ver buiten het eigen bewakingsgebied heeft opgehouden. De ernst van deze feiten is gelegen in de aantasting van beschikbaarheid voor de burger, aantasting van de rugdekking voor de collega’s en imago-schade voor de hele politie-organisatie. Er is daarom ook sprake van collectieve verontwaardiging in het korps over dit verwerpelijke gedrag. Het onderzoek heeft het volgende aangetoond. Politiefunctionarissen van de noodhulp uit district I en II hebben in totaal drie ritten gemaakt buiten de regiogrenzen. Er is sprake van twee ritten naar Amsterdam, te weten in de nacht van 14 op 15 december 2004 en in de nacht van 10 op 11 januari 2005. Eén rit voerde naar Rotterdam in de nacht van 25 op 26 januari 2005. Alle drie ritten gebeurden zonder noodzakelijke reden en/of toestemming. Tijdens de ritten naar Amsterdam zijn foto’s gemaakt van de bezochte locaties Artis, de Arena, Warmoesstraat en de Dam. Een aantal medewerkers van de Gemeenschappelijke Meldcentrale was van de ritten op de hoogte, doch greep niet in. Bij de eerste rit naar Amsterdam is onbehoorlijk rijgedrag geconstateerd; er is te hard en door rood licht gereden. Over een rit naar Parijs is wel gesproken, maar deze is niet uitgevoerd. Daarnaast zijn tijdens het onderzoek nog andere vormen van laakbaar gedrag naar boven gehaald. Het betreft hier seksistisch, discriminerend en laatdunkend taalgebruik in de richting van collega’s en chefs. Een andere betrokkene heeft op een ander moment zonder functionele reden gereden met een veiliggestelde (gestolen) truck zonder oplegger. Het onderzoek levert de volgende vier belangrijke leermomenten op:

  • Bijzondere aandacht dient er te zijn voor de volcontinu diensten binnen de organisatie zoals de noodhulp en de meldkamer waar het werkaanbod het karakter heeft van pieken en dalen.

  • Het is gebleken dat een beperkte groep medewerkers in staat is gebleken ongewenste handelingen voor de leidinggevenden verborgen te houden. De leiding moet zich afvragen hoe dit mogelijk is geweest en hoe dit in de toekomst voorkomen kan worden.

  • Uit de verhoren is gebleken dat de betrokken collega’s  tegen wie een disciplinair onderzoek is ingesteld, onvoldoende beseffen wat de gevolgen van hun handelingen zijn voor burgers, collega’s en het imago van het korps. Ondanks het feit dat ook gebleken is dat collega’s hebben getracht te corrigeren op verwerpelijk gedrag, is er toch sprake van te weinig interveniërend vermogen. Het interventie- en corrigerend vermogen ingeval van een mogelijke integriteitschending moet worden verbeterd.

  • Hoewel op individueel niveau consensus bestaat over de laakbaarheid van het geconstateerde gedrag, is in de praktijk gebleken dat negatief groepsgedrag heeft geleid tot ongewenst handelen. Signalen over negatieve aspecten van groepsgedrag moeten in een vroegtijdig stadium door de leiding worden opgepakt.

De korpsleiding is van mening dat er voldoende instrumenten zijn op het gebied van integriteit. De toepassing daarvan behoeft verbetering. De korpsleiding wil daarom een programmatisch vervolg  bestaande uit twee delen. Ten eerste bespreking van de casuïstiek met de medewerkers van de meldkamer, de surveillancediensten en hun leiding. Ten tweede het korpsbreed bespreken van de casuïstiek van integriteitschendingen in zijn algemeenheid. Tot slot hecht de korpsleiding eraan te verklaren dat het haar overtuiging is dat de overgrote meerderheid van de medewerkers integer is en hard werkt aan de veiligheid van de burgers.

Wij publiceren hieronder integraal het complete onderzoeksrapport:

1. Aanleiding
Politie ZHZ is een politiekorps met 1400 medewerkers bestaand uit drie geografische districten distrct ! Dordrecht/Zwijndrechtse Waard, district 2 Alblasserwaard/Vijfheerenlanden en district 3 Hoeksche Waard. De surveillance draagt per  district zorg voor een adequate politie-inzet  24 uur per dag, 7 dagen in de week. Medewerkers van de Gemeenschappelijke Meld Centrale (afgekort GMC, onderdeel van de Divisie Uitvoerings Ondersteuning) zijn functioneel verantwoordelijk voor de aansturing van de surveillanceploegen bij de afhandeling van de binnenkomende meldingen. Voorliggend disciplinair onderzoek richt zich met name op de medewerkers van een surveillanceploeg in district 1 en district 2 en een aantal centralisten van de meldkamer. Aan het einde van de maand januari 2005 kwamen bij de politie ZHZ 2 bekeuringen binnen ter zake gepleegde snelheidsovertredingen.  Deze waren gepleegd met een opvallende surveillanceauto van het district Dordrecht/Zwijndrechtse Waard buiten de eigen regio op de A13 bij Rotterdam. De overtredingen waren gepleegd in de nacht van 10 op 11 januari 2005. Uit een eerste confrontatie met de feiten en het aangeven van de mogelijke consequenties door de leidinggevenden aan de betrokkenen is naar voren gekomen dat het overschrijden van de regiogrens tijdens de nacht van 10 en 11 januari 2005 niet op zichzelf stond. Betrokkenen gaven aan dat het overschrijden van de regiogrens vaker voorkwam. In overleg met de betrokken districtschefs en divisiechefs heeft de korpsleiding besloten tot een disciplinair onderzoek. Het onderzoek is uitgevoerd door medewerkers van het Bureau Interne Zaken van de politie ZHZ, aangevuld met een collega van Bureau Interne Zaken van de politie Rotterdam Rijnmond en enkele leden van het managementteam van de Divisie Recherche Ondersteuning.

2. Disciplinair onderzoek
Disciplinaire onderzoeken vinden in de regel plaats in opdracht van de districts- of divisiechef. De veelheid aan betrokkenen, meerdere te onderzoeken organisatieonderdelen en de noodzakelijke zorgvuldigheid in een evenwichtige straftoedeling heeft de korpsleiding doen besluiten zelf het disciplinair onderzoek te gelasten. Het onderzoek is geleid door de chef van de Divisie Recherche Ondersteuning waarvan het eigen organisatieonderdeel geen betrokkenheid had met de onderzochte feiten. De onderzoeksleider heef gerapporteerd aan de korpsleiding die vervolgens het bevoegd gezag en de leden van het managementteam periodiek over de voortgang van het onderzoek heeft geïnformeerd. In een disciplinair onderzoek met een groot aantal verhoren komen naast concrete feitelijke getuigenissen meerder gegevens naar voren ‘van horen zeggen’. Het onderzoeksteam heeft alle verhalen getoetst. In totaal is tegen 22 medewerkers disciplinair onderzoek ingesteld. Er zijn 78 medewerkers in verhoor geweest (getuigen en betrokkenen). Uiteindelijk maken de volgende handelingen deel uit van de eindrapportage van het interne onderzoek. Bij ritten is de volgorde aangehouden waarin de leiding heeft kennisgenomen van de ongewenste gedragingen.

  • Rit Dordrecht-Amsterdam in de nacht van 10 op 11 januari 2005.

  • Rit Gorinchem-Amsterdam in de nacht van 14 op 15 december 2004.

  • Rit Gorinchem-Rotterdam in de nacht van 25 op 26 januari 2005.

  • Seksistisch en discriminerend taalgebruik

  • Laatdunkend gedrag en taalgebruik naar collega’s en chefs.

  • Onverantwoord en onbehoorlijk rijgedrag.

  • Het in diskrediet brengen van de politie Amsterdam-Amstelland (rood licht negatie, snelheidsovertredingen).

  • Rijden met veiliggestelde truck zonder oplegger tijdens diensttijd, zonder functionele noodzaak.

3. Relaas van feiten
Rit Dordrecht-Amsterdam in de nacht van 10 op 11 januari 2005.

In de nacht van 10 op 11 januari hadden een 21 jarige agent en een 22 jarige aspirant dienst binnen  de noodhulp van district 1. De agent kreeg het idee om in de nachtdienst, in een opvallend politievoertuig in uniform gekleed naar Amsterdam te gaan om foto’s te maken bij de Arena, Artis en het nationaal monument op de Dam. Directe aanleiding waren foto’s die hij gezien had van collega’s van district 2 die in december 2004 naar Amsterdam waren gereden. De 39 jarige ploegbrigadier heeft toestemming gegeven mits het die nacht rustig zou zijn met meldingen. Tijdnes de rit is de ploegbrigadier naar de meldkamer gegaan om de rit te volgen via het systeem dat is ingebouwd in de surveillancevoertuigen. Geconstateerde snelheidsovertredingen met het opvallende politievoertuig buiten de regio tijdens deze rit zijn de aanleiding geweest voor het starten van een disciplinair onderzoek. Tijdens de verhoren is gebleken dat de 21 jarige agent, op een ander moment dan de dienst waarin de rit naar Amsterdam heeft plaatsgevonden, zonder functionele reden ook gereden heeft met een veiliggestelde truck zonder oplegger.

Rit Gorinchem-Amsterdam in de nacht van 15 op 15 december 2004.

Uit verklaringen van betrokkenen bij de rit die las eerste ter kennis kwam van de leiding bleken de regiogrenzen eerder tijdens diensttijd, zonder toestemming en zonder noodzakelijke reden overschreden te zijn. In de nacht van 14 op 15 december 2004 zijn collega’s van district 2 naar Amsterdam gereden en hebben daar diverse foto’s gemaakt waaronder bij Artis en op de Warmoesstraat.. Het initiatief van deze rit lag bij een 29 jarige agent. Een 25 jarige agent is meegereden in het opvallende dienstvoertuig in uniform gekleed. Leidinggevenden in die nacht zijn niet ingelicht. Medewerkers van de meldkamer waren op de hoogte maar hebben niet ingegrepen. Ten tijde van deze rit heeft de 29 jarige agent veelvuldig gebeld met een medewerker van de GMC, een 45 jarige brigadier, met veelvuldig discriminerend , seksistisch en laatdunkend taalgebruik. De 45 jarige brigadier van de GMC heeft, na een aanvankelijke poging, op geen enkele wijze getracht te voorkomen dat bedoelde surveillanceauto richting Amsterdam zou gaan. Verder is tijdens die dienst serieus gesproken met een 52 jarige hoofdagent van de GMC over de voorbereiding van een rit tijdens de nachtdienst naar Parijs. Een rit naar Parijs heeft uiteindelijk niet plaatsgevonden. De 29 jarige agent heeft de foto’s van de rit naar Amsterdam laten zien bij de surveillancedienst van District 1. Hierdoor is het idee geboren voor de rit die uiteindelijk in januari 2005 heeft plaatsgevonden.

Rit Gorinchem-Rotterdam in de nacht van 25 op 26 januari 2005.

De eerder genoemde 29 jarige agent en een 36 jarige agent zijn tijdens diensttijd(dit keer met een onopvallend dienstvoertuig) naar een feest van de politiestudenten gegaan in Rotterdam. Diverse in hun vrije tijd aanwezige collega’s uit ZHZ hebben de 29 jarige agent gesproken. Vanaf de feestlocatie heeft de 29 jarige agent met de meldkamer gebeld en kreeg hij eerder genoemde 45 jarige brigadier aan de lijn. De brigadier heeft geen interventie gepleegd op het ongewenste gedrag. In dit telefoongesprek werden wederom seksistische en laatdunkende opmerkingen gemaakt jegens collega’s en chefs. Buiten genoemde betrokkenen is er uit onderzoek niet gebleken dat er meer collega’s (noch leidinggevenden, noch ander meldkamerpersoneel) op de hoogte waren van deze rit.

4. Opvatting Korpsleiding
Integriteit is het grootste goed voor een politieorganisatie die voortdurend op een controleerbare wijze zich in een democratisch bestel als het onze in de frontlinie manifesteert. Een politieorganisatie die beschikt over het geweldsmonopolie en ook een organisatie die bij voortduring in haar optreden de toets der kritiek moet kunnen doorstaan omdat daar de legitimatie van haar bestaan gevonden moet worden. Dit alles heeft er toe geleid dat de politie in Nederland en zeker ook het Korps ZHZ integriteit zeer hoog op de agenda heeft staan. Legitimatie van de organisatie en de wens om zich controleerbaar op te stellen leiden tot tal van activiteiten, structuren en maatregelen. De inspanningen die de organisatie zich getroost om een integer korps te zijn en de transparantie die daar bij hoort zijn slechts vergelijkbaar met weinig andere organisaties. Voor de korpsleiding was het onacceptabel toen bleek dat een aantal politiemensen in diensttijd, met dienstauto’s zonder enig verklaarbare zakelijke reden, zich ver buiten het eigen bewakingsgebied had opgehouden. De ernst van deze feiten is gelegen in de aantasting van beschikbaarheid voor de burger, aantasten van de rugdekking voor de collega’s en de schade voor het imago van de politieorganisatie. Aanvankelijk leek het om een geïsoleerd incident te gaan. Al snel bleek dat het om meer voorvallen ging en dat er ook andere gedragingen onderzocht dienden te worden. Juist in deze tijden wanneer de roep om een professionele politieorganisatie zo groot is, zijn gedragingen die in dit onderzoek onderzocht en aangetoond zijn absoluut verwerpelijk en onverantwoordelijk te noemen. Deze gedragingen zijn uitermate slecht voor het vertrouwen in en de tevredenheid over de politie ZHZ. Zij zijn ronduit schadelijk voor het imago van het korps en ieder individueel lid. Een adequate reactie was vereist.. En niet alleen vanuit een repressieve gedachte maar juist ook vanuit preventie. Iedereen weet dat politiewerk, binnen een 24 uurs frontline organisatie met alle situaties denkbaar op het gebied van bevoegdheden, benemen van vrijheid, geweldsaanwendingen, verantwoordelijkheid voor het opleggen van sancties en de druk die het werk met zich meebrengt voor de individuele politieambtenaar, zeer moeilijk werk is en de beslissingen op straat in een ‘split second’ genomen dienen te worden. Daarnaast veroorzaakt de vereiste transparantie dat integriteitsschendingen van politiefunctionarissen veel aandacht krijgen. Juist gelet op het bovenstaande is de korpsleiding er zich van bewust dat schendingen van integriteit gebeurtenissen zijn, die het imago van het korps ZHZ schaden. Het is daarom goed te constateren dat in het korps een collectieve verontwaardiging ontstond omdat de algemene opinie luidt dat deze gedragingen onprofessioneel, oncollegiaal en onverantwoord zijn. Daarnaast is het goed te constateren dat uit de verhoren is gebleken dat er een aantal collega’s is die elkaar hebben aangesproken. De interventiemechanismen waren echter niet sterk genoeg om de integriteitsschendingen te voorkomen. Tevens is de korpsleiding zich er van bewust dat integriteit niet alleen iets is voor de werkvloer. Het is een doorwrocht cultuurelement van hoog tot laag in de organisatie, de leidinggevenden voorop. Een andere opvatting van de korpsleiding is dat uiteindelijk iedere individuele politieambtenaar verantwoordelijk blijft voor zijn of haar gedrag. De afgelopen periode heeft het korps te maken gekregen met een aantal perspublicaties waarbij duidelijk is geworden dat met grote zekerheid vastgesteld kan worden dat de bronnen hiervoor binnen het korps gezocht moeten worden. Hoewel de verleiding groot was, heeft de korpsleiding er bewust voor gekozen om zeer terughoudend te zijn in het commentaar op deze publicaties. Dit alles om het onderzoek niet te verstoren en daarmee de zorgvuldigheid te bewaren.

5. Toetsingskader
Bij de afweging die de korpsleiding heeft gemaakt om te komen tot passende sancties en maatregelen is het goed een aantal elementen te verduidelijken die deel uit maken van die afweging. Bij de mogelijkheid en de verantwoordelijkheid om schendingen van integriteit aan te pakken dan wel te stoppen, is er sprake van een driedeling. Allereerst de lijnverantwoordelijkheid. Deze weegt het zwaarst en wordt bij het nalaten om die verantwoordelijkheid te nemen ook daarom het zwaarst aangerekend. Ten tweede de verantwoordelijkheid, zoals die bijvoorbeeld bestaat tussen personeel van de meldkamer en van de surveillancedienst. Vanuit deze verantwoordelijkheid mag verwacht worden dat er vanuit de meldkamer op functionele basis een interventie plaats zal vinden bij ongewenst gedrag. Op de derde en laatste plaats de collegiale verantwoordelijkheid. Juist vanwege het belang dat aan integriteit gehecht wordt, is het ook de verantwoordelijkheid van de individuele politieman- of vrouw om interventies te plegen als die noodzakelijk zijn. De korpsleiding heef tevens de ervaring c.q. anciënniteit van de betrokken politiemensen mee laten wegen. Verder is meegewogen het al dan niet initiatief nemen, actief of passief betrokken zijn en het achteraf al dan niet inzien van het eigen laakbaar gedrag. Als laatste deel van de afweging speelt de huidige conduitestaat van de betrokken politiemensen een rol.

6. Sancties en maatregelen
Bij het bepalen van de sancties speelt het hiervoor omschreven toetsingskader een belangrijke rol. Dit toetsingskader heeft er mede voor gezorgd, dat met in achtneming van het principe van rechtvaardigheid, de korpsleiding gezocht heeft naar individuele sancties en maatregelen die het mogelijk maken een onderscheid te maken naar het verwijtbare gedrag per individuele politieambtenaar. Alles overziend komt de korpsleiding voor 12 individuele politiefunctionarissen tot disciplinaire sancties en maatregelen:

  • 3 politiefunctionarissen : onvoorwaardelijk ontslag;

  • 1 politiefunctionaris : voorwaardelijk ontslag voor de duur van 2 jaar met intrekking van 5 verlofdagen als sanctie met daarnaast als maatregel een gedwongen verplaatsing buiten zijn district;

  • 1 politiefunctionaris : voorwaardelijk ontslag voor de duur van 2 jaar met intrekking van 5 verlofdagen als sanctie met daarnaast als maatregel een gedwongen verplaatsing naar een andere ploeg in zijn eigen district;

  • 1 politiefunctionaris : voorwaardelijk ontslag voor de duur van 2 jaar als sanctie met daarnaast een gedwongen verplaatsing vanaf de meldkamer als maatregel;

  • 1 politiefunctionaris : voorwaardelijk ontslag voor de duur van 2 jaar met intrekking van 3 verlofdagen als sanctie;

  • 5 politiefunctionarissen : schriftelijke berisping.

Daarnaast krijgen nog zes politiemensen een zogenaamde brief van ongenoegen. Het gaat hier om politiemensen die wel kennis hebben gedragen van de onderzochte handelingen maar geen actie hebben ondernomen. De brief van ongenoegen is geen officiële disciplinaire sanctie maar wordt wel in het personeelsdossier voor een periode van twee jaar bewaard. Tevens dienst vermeld te worden dat ten aanzien van nog 3 politiemensen nader disciplinair onderzoek verricht zal worden om precies vast te stellen wat hun rol is geweest. De korpsleiding is er zich van bewust dat er streng gestraft is, omdat dergelijke integriteitsschendingen op geen enkele wijze kunnen worden getolereerd.

7. Integriteitsbeleid politie Zuid-Holland-Zuid
Anders dan in  ‘gewone’ organisaties is integriteit binnen de politieorganisatie ( met als belangrijk kenmerk het geweldmonopolie) een onderwerp dat op a; het professioneel handelen betrekking heeft. Bijzonder aan de politieorganisatie is bovendien dat politieambtenaren hun professioneel handelen en de daarbij horenden contacten vastleggen en dat het gebruik van de geautomatiseerde systemen wordt gelogd. Politieambtenaren werken in ondergeschiktheid aan het bevoegd gezag. Een politieambtenaar die een voorschrift overtreedt of iets doet of nalaat dat een goed ambtenaar in gelijke omstandigheden behoort na te laten of  te doen, maakt zich schuldig aan plichtsverzuim en kan disciplinair worden gestraft, aldus het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp). Integriteit speelt ook een rol in het prive-leven van politieambtenaren nu het Barp stelt (art. 59) dat politiemensen zich niet kunnen beroepen op de omstandigheid dat zij niet in dienst zijn. Integriteit is een onderwerp dat verweven is in alle onderdelen van de politieorganisatie en alle facetten van het politiewerk, uitgewerkt in een groot aantal regionale kaders en protocollen  die bij het personeel bekend verondersteld mogen worden. Onderstaand een aantal voorbeelden van activiteiten binnen het integriteitsbeleid.

  • Screening van nieuw personeel, tijdelijk personeel en de in de panden van het korps werkende mensen die aanwezig zijn zonder permanent toezicht.

  • Voor de uitvoering van interne onderzoeken zijn gespecialiseerde medewerkers Bureau Interne Zaken aangesteld (intensief samenwerkend met collega’s van Politie Rotterdam-Rijnmond).

  • De uit externen bestaande commissie Toezicht Politiecellen toetst de wijze waarop het korps omgaat met ingesloten verdachten.

  • Het korps volgt voorvallen die te kenmerken zijn als (of die in eerste instantie zich voordeden als) integriteitsinbreuken op de terreinen van informatiebeveiliging, beveiliging van politielocaties en toegangsbeveiliging.

  • Medewerkers melden nevenfuncties aan bij hun lijnverantwoordelijken.

  • Vertrouwenspersonen stemmen de ter kennis gekomen voorvallen af met de korpsleiding.

Vakmanschap en integriteit liggen in elkaars verlengde binnen de politieorganisatie. Het is de zorg van het management om het onderwerp levend te houden. Hoe kritischer de processen hoe explicieter de aandacht van het management . Bij de meest kritische processen gelden voor de medewerkers maximale plaatsingstermijnen en specifieke gedragsprotocollen. De actieve beïnvloeding begint al bij de sollicitatieprocedures. Integriteit is het eerste onderwerp van alle competentieprofielen van de medewerkers en is daardoor dus al onderwerp van gesprek in de sollicitatieprocedures. Na het sollicitatiegesprek en het veiligheidsonderzoek, door de Algemene Inlichtingen en Veiligheids Dienst (AIVD) of de Regionale Inlichtingen Dienst (RID) komt integriteit terug als vast onderdeel , in het introductieprogramma van nieuwe medewerkers. Het reeds genoemde competentieprofiel vormt ook de basis voor de functionerings- en beoordelingsgesprekken waardoor het telkens, in dergelijke gesprekken, onderwerp van gesprek is tussen medewerker en leidinggevende. Monitoring vindt plaats op tal van onderwerpen. De meldingen van integriteitsschendingen, de interne onderzoeken, de disciplinaire straffen, de meldingen bij de vertrouwenspersonen, het onderwerp diversiteit, de nevenfuncties en de uitkomsten van de screening van de medewerkers worden periodiek besproken met de korpsleiding. De korpsleiding heeft voorts periodiek overleg met de parketleiding van het OM en de korpsbeheerder over disciplinaire en strafrechterlijke onderzoeken.

8. Leermomenten en vervolgactiviteiten
Het disciplinair onderzoek is gericht op concreet handelen of nalaten van handleen van individuele medewerkers. Met de te treffen maatregelen en sancties is het disciplinair onderzoek ten einde maar niet de managementaandacht. De korpsleiding richt zich op de toekomst en op de preventie van integriteitsschendingen. Het onderzoek levert vier belangrijke leermomenten op;

  • Bijzondere aandacht dient er te zijn voor de volcontinudiensten binnen de organisatie zoals de noodhulp en meldkamer waar het werkaanbod het karakter heef van pieken en dalen.

  • Het is gebleken dat een beperkte groep medewerkers in staat is gebleken ongewenste handelingen voor de leidinggevenden verborgen te houden. De leiding moet zich afvragen hoe dit mogelijk is geweest en hoe fit in de toekomst voorkomen kan worden.

  • Uit de verhoren is gebleken dat de betrokken collega’s onvoldoende beseffen wat de gevolgen van hun handelingen zijn voor burgers, collega’s en het imago van het korps. Het interventiegedrag en corrigerend vermogen als er sprake is van een mogelijke integriteitsschending moet worden verbeterd.

  • Hoewel op individueel niveau consensus bestaat over de laakbaarheid van het geconstateerde gedrag is in de praktijk gebleken dat negatief groepsgedrag heeft geleid tot ongewenst handelen. Signalen over negatieve aspecten van groepsgedrag moeten in een vroegtijdig stadium door de leiding worden opgepakt.

De korpsleiding is van mening dat er voldoende instrumentarium op het gebeid van integriteit is. Het overgrote deel van de politiefunctionarissen doet hun werk goed. De toepassing van het instrumentarium behoeft verbetering. De korpsleiding stelt een programmatisch vervolg voor, bestaande uit twee delen. In eerste instantie een ‘smalle’ aanpak waarin de voorliggende casuïstiek bespreekbaar wordt gemaakt op de meldkamer, in de surveillancediensten, leidinggevenden van deze onderdelen en in de managementteams. In de tweede plaats een ‘brede’ aanpak waar de casuïstiek over de integriteitsschendingen, de risicoanalyse, de signalering en de preventie in de bestaande instituties structureel worden behandeld.
 

 
  Adverteren doet u op de eerste internetkrant in de regio, de Internetkrant voor Zuid-Holland-Zuid. Meer informatie? Mail ons.  

   Dit is een Nederlandse internetkrant - This is a Dutch internetjournal

©2004 Peter Donk Productions. All rights reserved.
Used by permission only.